Jan, Paul en Luc

Je kan ons voor, tijdens en na onze reis steeds contacteren via het contactformulier hiernaast

sjapalu@gmail.com

Naam*
E-mailadres*
Telefoonnummer
Bericht*

Steun voor ons pelgrimsproject ten voordele van "Huis Perrekes" (zie verder) kan via    BEu46 7310 4749 7336 op naam van Sjapalu met vermelding Huis Perrekes

https://www.perrekes.be

(uiteraard mag je je steun ook overhandigen in de hand van één van ons drie)

07/11/19  : 12.500,00 € opgehaald

Pelgrimstocht naar Santiago 2019

Jan, Paul en Luc plannen in 2019 een pelgrimstocht met de fiets naar Santiago de Compostela. We vertrekken vanuit Mortsel (Antwerpen) voor een avontuur van om en bij de 2.500 km.

We hebben zo ieder onze eigen reden om deze tocht te ondernemen maar ieder van ons staat op een scharniermoment in zijn leven. Bij de aanvang van onze tocht zijn we alledrie met pensioen.

Paul heeft medio 2018 zijn echtgenote verloren aan de gevolgen van jongdementie, ... . Zijn vrouw Karin werd verzorgd in Huis Perrekes in Geel-Oosterlo en uit erkentelijkheid voor de uitmuntende zorgverlening die zij daar mocht genieten hebben wij het plan opgevat om van onze pelgrimage ook een soort sponsoringtocht te maken. Wij zoeken mensen die 1 of meerdere kilometers van onze tocht willen sponsoren aan 2 € per kilometer. Je mag een onbeperkt aantal kilometer sponsoren van 0 km tot .... . 🙂

Bijdragen kan via BE46 7310 4749 7336 op naam van Sjapalu met vermelding Huis Perrekes maar uiteraard mag je je steun ook overhandigen in de hand van één van ons drie.

Huis Perrekes in Geel-Oosterlo staat voor wonen, zorg en begeleiding van personen met dementie, ongeacht de leeftijd. Huis Perrekes biedt een breed zorgcontinuüm op maat van de bewoners en hun omgeving, van bij de diagnose tot op het einde – thuis, in dagverzorging, kortverblijf en/of residentieel. Elk verhaal is uniek en nodigt de ander uit om te luisteren en stil te staan bij de eigen verlangens, angsten en sterfelijkheid. Ook Radio Gaga heeft destijds een hele uitzending gewijd aan het leven in Huis Perrekes.

De warmste groet, het warmste bed, het warmste brood - elke dag opnieuw. Huis Perrekes heeft van de toenmalige ministers Vandeurzen en Gatz de uitzonderlijke toelating gekregen om een bakker in dienst te nemen. Zij werken nu aan de uitbouw van een artisanale bakkerij waarbij ook de bewoners van de zorginstelling kunnen betrokken worden bij het ganse productieproces. Maar ... de bakker hebben ze wel mogen aanwerven met fondsen van de overheid, voor de bakkerij zelf moeten ze op zoek naar sponsors die dit mooie project mee willen helpen uitbouwen. Elke cent die wij van jullie krijgen zal dan ook rechtstreeks naar Huis Perrekes gaan en zal gebruikt worden om dit "warmste brood-project" uit te bouwen. Daarom hopen Jan, Paul en Luc samen met Huis Perrekes op uw milde steun. Wegens de kleinschaligheid van dit pelgimsproject zijn wij, noch Huis Perrekes, in staat om fiscale attesten uit te schrijven voor grote giften. Desondanks willen wij U toch bij voorbaat danken voor elke gift, groot of klein, die wij van jullie mogen ontvangen. Santiago Jan, Paul en Luc, SJAPALU

Op 26 augustus 2019 was ook Mortsel TV bij onze aankomst in Zaventem

Overal waar je kwam of ging op deze camino, steeds vond je wel een bank om even tot rust te komen. Dit waren onze laatste woorden. Adios amigos.

Muziek aan de kathedraal deel 3

Muziek rond de kathedraal deel 2

Om 22h30 nog veel ambiance aan de kathedraal van Santiago

We drinken een glaasje omdat we goed aangekomen zijn zonder ongevallen of andere kleerscheuren

Hartelijk weerzien met onze vriend Wolfgang

Het kathedraalplein van Santiago de Compostela

Santiago de Compostela - beschouwingen

Vanaf hier zullen we terugkeren naar het gewone leven van alledag, niet gewoon meer na al wat we ervaren hebben en als rijkdom opgeslagen in de weg die we zelf zijn - Rickie Rieter

Beste blog lezers,

Na 53 dagen zijn we terug in Santiago de Compostela aanbeland. De facto zit onze pelgrimstocht er daarmee op. We blijven nu nog 3 dagen in Santiago om een en ander te regelen voor onze terugreis en het terugzenden van onze fietsen en bagage.

Op maandag 26 augustus nemen wij een heel vroege vlucht weer naar huis en als alles goed verloopt landen we om 9h05 in Zaventem. Daarom sluiten we onze blog hier vandaag dan ook een beetje af. Een beetje, want uiteraard blijven we ter beschikking via het contactformulier, whatsapp, facetime enz. ... en we blijven ook de stand van onze sponsorrekening verder opvolgen en publiceren. En als er nog interessante foto’s, video’s en zo zijn dan plaatsen we die ook nog. Maar de echte dagelijkse verslagen, die houden na vandaag dus op.

Hieronder toch nog enkele cijfers over onze pelgrimstocht :

- We zullen in totaal 56 dagen weggeweest zijn van huis. Daarvan hebben we 40 dagen gefietst, 10 dagen besteed aan cultuur en rustpauzes, 3 dagen gebruikt voor vakantiedagjes allerlei en 3 dagen om alles te regelen voor de terugreis.

- Op 40 fietsdagen hebben we in totaal 2.659 km afgelegd - De gemiddelde snelheid over alle fiets-kilometers berekend bedroeg 14,2 km/h

- De topsnelheden bij de afdalingen lagen tussen de 53 en de 61 km/h en er is daarbij niemand op zijn gezicht gegaan

We willen iedereen bedanken die ons op een of andere wijze gesteund heeft via mailberichtjes, via telefoon of whatsapp, via sponsoring of gewoon door onze blog te lezen en te volgen.

We hebben tijdens deze reis ook heel wat mensen ontmoet en we hebben dikwijls ook heel veel van hen geleerd en, alhoewel iedereen verschillende drijfveren had om deze camino te lopen of te fietsen, één ding hadden ze allemaal gemeen ... namelijk de richting en het einddoel, en geloof het of geloof het niet maar, als je eenmaal toekomt en voor die kathedraal staat, dan wordt je echt even stil en er overkomt je een heel sterk gevoel van ja, we hebben het gehaald, maar je kijkt rondom jou en je ziet al die honderden anderen die daar allemaal met dezelfde emotie staan en je beseft dat je eigenlijk een beetje één bent met hen allemaal. Die kathedraal, dat grote plein, daar gaat een heel grote kracht van uit.

Vandaag ontmoeten we Wolfgang terug, een Duitse man uit Wuppertal, iemand die we in een of ander albergue ontmoet hebben en met wie we onderweg via whatsapp steeds contact gehouden hebben. We kijken er echt naar uit om hem weer te zien. Van al die anderen die we ontmoet hebben zullen we wellicht nooit meer horen maar we zullen ze niet licht vergeten: De Ierse man wiens naam we niet kennen en het Spaanse meisje die hem probeerde enkele Spaanse woorden te leren, de Amerikaanse Vietnam veteraan en Trump-aanhanger die zijn andere kant liet zien en doneerde voor ons project Perrekes, de Duitse man Frank die meer dan 5.000 km fietste en in elke stad een beetje asse van zijn overleden vrouw achterliet omdat zij al die steden zo graag met hem nog een keer bezocht had, Het zwarte meisje Edna en haar dochtertje Coeur die platte band had met haar kinderwagen, de Nederlandse Koerdien die met haar elektrische fiets vanuit Nederland naar Santiago fietste en ook weer terug, de Italiaanse man die te voet ging naast zijn fiets omdat na 200 km zijn poep al zo zeer deed dat hij niet meer op het zadel kon zitten, de Leuvense architect Jan die met ons een stukje meefietste en met wie we een leuke babbel hadden tijdens een koffiepauze, Tom, de ICT’er van de Universiteit Antwerpen die een stukje van de Camino deed met zijn dochter van 14, Alicia uit Sint Martens Latem die met haar paard de camino liep vanuit Bordeaux, Nicola die zich een aap schrok toen de brutale hospitalero Pedro Maria ‘ ochtends ineens ongevraagd in haar kamer stond om haar te wekken, Cathy die de camino liep zonder te praten omdat ze in het dagelijkse leven al te veel moest babbelen, de twee Amerikaanse meisjes Robbie en Shy die gewillig met ons op de foto wilden, de onbekende man in Frankrijk die spontaan vertelde dat hij terminale keelkanker had maar die nog heel sterk in het leven geloofde, de ongelooflijk gastvrije hospita Maria Victoria, Judith en Aure, Alba en haar familie, Rosi, de knotsgekke maar diepgelovige hospitalero-artiest Pedro Maria, de vrolijke woekeraar Juan en al de anderen die ons gastvrij ontvingen, de tandartse uit Litauwen die non wilde worden, de Duitse Inga die de laatste centen uit haar geldbeugel schudde om huis Perrekes te steunen... en al die anderen die we gesproken hebben en die ons verteld hebben over hún camino ... dank jullie allemaal om jullie verhaal met ons te hebben willen delen, we zullen jullie niet snel vergeten.

Vanaf hier zullen we terugkeren naar het gewone leven van alledag, niet gewoon meer na al wat we ervaren hebben en als rijkdom opgeslagen in de weg die we zelf zijn - Rickie Rieter

Dag 53 Muxia - Santiago de Compostela

73 (2.659) km - gemiddeld 13,5 km/h

Vandaag vertrekken we voor de laatste fietstocht van deze camino, ongeveer 75 km terug naar Santiago de Compostela waar we na 2.466 km fietsen door België, Frankrijk en Spanje op 14 augustus voor de eerste keer geland waren.

We besluiten dat we voor deze laatste tocht nu eens geen boswegeltjes, geen kwade honden of andere kwalijke dingen willen die we op de vorige 2.586 km op onze weg tegenkwamen, en dus stellen we google maps zodanig in dat we langs mooie geasfalteerde banen rijden, we willen in schoonheid eindigen en over een gladde biljartbaan ons geliefde Santiago binnenrijden.

Hellingen die kunnen we uiteraard niet wegcijferen en dus krijgen we de eerste 15 km een paar ferme kuitenbijters van 7 en van 10% voorgeschoteld, ja hoor we zijn direct terug wakker en de billetjes staan weer lekker onder de juiste spanning. Onze gemiddelde snelheid over de eerste 20 km liegt niet: 10,5 km/h, een slak komt ons lachend bijna voorbijgekropen. Nadien wordt de rit weer vlakker, enfin op een paar bobbeltjes na en we peddelen lekker door. Straks, juist voor Santiago wacht ons nog een heel fikse helling, zo een om het af te leren zeggen ze in vakjargon.

12 km voor Compostela stoppen we nog een keer aan een bar waar we ontvangen worden door een dame die ons aanspreekt in perfect Engels, much better dan dat van ons. Ze is afkomstig van Venezuela en ze is gevlucht naar de USA en heeft daar een diploma van burgerlijk ingenieur gehaald. Zodra de situatie in haar thuisland opgeklaard is wil ze zeker terug naar haar huis en wil ze daar een job zoeken die beter beantwoordt aan haar opleiding.

Nog een paar kilometertjes fietsen maar de zon brandt hevig en het is hier stikheet, ook dat was weer even geleden dat we dat nig gehad hebben.

En dan ... dan zien we ze plots weer boven de daken van de huizen, de torens van onze geliefde kathedraal, de kathedraal waarvan we zo lang gedroomd hadden, de kathedraal van Santiago de Compostela.

Na exact 2.659 km, om 16h51 om precies te zijn zit de allerlaatste pedaalslag van deze pelgrimstocht erop.

Aangezien we vandaag de hele dag langs de grote baan gefietst hebben is er heel weinig fotomateriaal maar één ding willen we jullie toch niet onthouden ... als ge zelf niet goed genoeg zijt om toreador te spelen dan zet ge toch gewoon een grote plastieken versie in uw voortuin zodat iedereen goed kan zien wat voor sukkelaar dat ge eigenlijk zijt 😉 ... zie foto in bijlage.

 

22/08/2019 : Na 2.659 km om exact 16h51 zit onze laatste pedaalslag erop

Als ge zelf niet goed genoeg zijt ...

Als uw fietsschoenen nat geregend zijn dan hangt ge ze toch gewoon aan de elektriekdraad boven 😀

Dag 52 Nog een extra dagje Muxia

Muxia, schiereiland-stadje in de Atlantische oceaan, Galicië, provincie A Coruña. Stadje vol kleine, kronkelende straatjes in een gezellige wanorde naast en boven elkaar geschikt want niets is vlak hier. Muxia, een stad vol kleuren waar de meeuwen bepalen wanneer je moet ontwaken. Muxia, met de veilige haven aan de ene kant en de wilde, ontembare zee aan de andere.

Vandaag maken we een wandeling van een 9-tal km en we lopen een heel stuk langs de zee. Voor we vertrekken gaan we snel nog even op de foto met onze 2 lieve hospitaleras Judith en Aure, en die zijn uiteraard zo fier als een gieter dat ze mogen poseren naast de 3 knapste peregrinos die het hotel vandaag huisvest.

Het ruisende water heeft toch wel een heel bijzondere charme. Op onze weg komen we tussen de rotspartijen door verschillende kleine strandjes tegen en zien we her en der wat zonnekloppers genieten van de zon en de rust van de het water om hen heen. Kiekens dat we zijn beginnen we met al 1,5 km naar de verkeerde kant te lopen. Het zal dus 3 km meer zijn en dat op Birckenstock badsloefen want dat is het enige schoeisel dat uw reporter bij heeft.

We vragen de weg aan verschillende Spanjaarden en die antwoorden ons in een taaltje waar we geen snars van begrijpen (Galicisch), en zo gaan we wat van “jut naar jaar” zoals ze dan weer in goed Antwerps zeggen, maar na een tijdje lopen we toch in de goede richting. We starten 2 km langs de grote baan met een klimmetje van 7% en we realiseren ons dat dit de weg is die we morgen met de fiets ook moeten volgen ... dat belooft.

Na een tijdje lopen we langs het kerkje van het monasterio de Moraime waar we momenteel niet binnen kunnen omdat men bezig is met het restaureren van de kerk en binnenin van de muurschilderingen uit de 12de eeuw. De restauratie wordt mede gesponsord door de Europese gemeenschap. Een vlugge foto door een paar smalle tralies moet dus volstaan.

En vanaf daar gaat de wandeling voort en nu door de natuur: door bos, langs heidegebieden en naast de zee waar we zonnekloppers en windsurfers ontwaren op de vele strandjes die veilig beschut liggen in de kleine baaien rond de stad. Uiteindelijk zullen we zo’n 14 km gewandeld hebben en hebben we een mooie dag gehad met voldoende zon, wel wat wind maar toch een fijne temperatuur om te wandelen.

Samengevat kunnen we stellen dat Muxia een leuk badstadje is waar zeilers zich thuis voelen maar waar ook zonnekloppers en surfers hun gading kunnen vinden in de vele baaitjes en op de strandjes die her en der beschut liggen in dit deel. an de Atlantische oceaan.

Uw reporter geraakt in de keuken van de albergue nog wat aan de praat met de Duitse Inga. Zij is de camino begonnen in Puy-en-Velay en is nu 94 dagen onderweg. Ze heeft haar job als kleuterleidster opgegeven om deze tocht te maken en ze gaat na Santiago waarschijnlijk in Berlijn wonen waar ook haar broer woont. Na het verhaal over huis Perrekes geeft ze nog 10€ mee voor onze sponsor rekening, dat is alles wat ze momenteel nog in haar geldbeugel heeft. Mooi gebaar. Dank u Inga. Het ga je goed in Berlijn en we hopen dat je een fijne nieuwe job mag vinden daar,

Muxia, stad aan de heuvel, stad van kleuren

Dag 52 Een mooie wandeling rond Muxia

Dag 51 Een dagje Muxia

Terwijl mijn medepelgrims nog wat genieten van hun ochtendslaapje gaat uw reporter om 8 uur al even op verkenning in Muxia. In het Galicisch alfabet is de letter X van wereldbelang, geen woord of er komt een x in voor. San Jacobea is hier San Jaxobea enz. ... speciale mannen die Galiciërs ... dat vond Asterix er destijds ook al van 😉 Een frisse ochtendwandeling doet deugd. Muxia is een soort schiereilandje met aan de ene kant het rustige water met de jachthaven en aan de andere kant van de stad de onontgonnen wilde zee die op de rotsen beukt en waar de bacalao’s hangen te drogen in de zilte zeelucht.

Er staat een ferm windje en op een afgeschermd terras geraak ik aan de praat met Denise, een Amerikaanse dame uit California die vroeger met haar dochter al eens de camino Frances gelopen heeft vanuit Saint Jean Pied de Port tot Santiago. Nu stapt ze alleen en legt ze de kortere camino Primitivo af vanuit Oviedo. We hebben een hele lange leuke babbel en ze vraagt me vriendelijk om haar ochtendhumeur niet om zeep te helpen en dus niet over Mr. Trump te beginnen, zo weten we dan ook weer direct hoe ze over deze bijzondere man denkt. En zoals steeds gaan we na een tof gesprek weer ieder onze eigen weg.

Ondertussen zijn onze vrienden uit hun verkwikkende zomerslaapje ontwaakt en gaan we samen op stap voor een ontbijt. We laten ons weer een keer in de zak zetten want we lezen op een krijtbord het menu voor een heerlijk ontbijt aan 6€ per persoon maar we vergissen ons van terras en we zetten ons bij de kwibus van de zaak daarnaast waardoor we dus heel wat minder krijgen voor meer geld en dan nog opgediend precies of het tegen zijn goesting is dat hij onze innerlijke mens mag versterken.

Jan en Paul willen naar de kapper want zij willen mooi zijn als ze binnenkort weer thuiskomen. Uw reporter, die mooi geboren is, en door de gave Gods dat ook zijn verdere leven zal blijven, doet dan nog maar een wandeling en maakt deze keer kennis met enkele Fransen die de camino te voet afgelegd hebben vanuit Puy-en-Velay. Zij zijn 3 maanden onderweg geweest en 2 onder hen gaan nog voort tot Porto. Straffe gasten.

Maar terug bij de albergue gekomen zitten ze daar ... geen enkele kapper in het dorp wil hun verwilderde baard opknappen, die doen alleen maar dames en zulke transformatie vinden Paul en Jan juist een stapje te ver. Maar de hospita brengt raad ... zij heeft een vriendin die nu met haar kindje naar de dokter is maar om 16h30 wil ze onze peregrino’s wel wat bijwerken.

Dus gaan we samen maar weer wat wandelen en we volgen het pad naar de vuurtoren. Heerlijke wandeling, prachtige uitzichten ... wat kan de zee toch mooi zijn. We geraken daarboven aan de praat met 2 Amerikanen en 2 Canadezen, 4 vrienden die samen een wereldreis maken en al 11 maanden onderweg zijn. Ze vliegen van hier naar daar en trekken overal wat rond. Zo zijn ze in Peru, Indië, Armenië, Portugal en zo geweest en nu dus hier. Ze zeggen dat het leven zo onverwacht kort kan zijn als je tegenslag hebt en dus moet je er nu van profiteren, nu je jong bent en dit allemaal fysiek nog aankan ... carpe diem, pluk de dag, dat is hun motto.

Rond de middag lopen we een lokale bar binnen. De markt is juist gedaan en het is er een leuke Spaanse drukte van jewelste ... of, met andere woorden, veel lawaai 😉

En om 16h30 is het dan zover ... de kapster mag proberen van onze 2 vrienden weer toonbare pelgrims te maken. Het resultaat ga ik jullie niet verklappen, we laten het aan jullie om het verschil te zoeken op de foto’s van de volgende dagen. Maar een propere pelgrim opent natuurlijk alle deuren, alsook de deur van het restaurant waar we onze pelgrimsmenu van vandaag gaan verorberen en daar sluiten we dit verslag dan ook af.

Dag 51 Een dagje Muxia deel 1

We ontwaken in Finisterra onder het luide gekrijs van de zeemeeuwen

Dag 50 Finisterra - Muxia

35 (2.586) km - Gemiddeld 11,9 km/h

Onze vrolijke geldwolf vroeg ons gisteren avond hoe laat wij morgenvroeg zouden veirtrekken want hij wil ons persoonlijk uitzwaaien. Dat zal wel zijn als je de prijs van 3 wasmachines aanrekent voor wat ge gemakkelijk in een halve machine kunt steken en 1€ vraagt voor heet water met een beetje caffeïnesmaak ‘s morgens. Maar al bij al is het wel een leuke olijkerd en we zijn niet kwaad: 20€ de man, en onze was is ook gedaan en we mogen douchen in een ruimte waar ge uw broek amper durft uitdoen omdat de Spanjaarden die voor u kwamen de grond ondergespoten hebben met water van de douche, dan blijft ge toch positief zeker als was het maar omdat de hospitalero blijft lachen en in alle toonaarden blijk geeft dat hij u zo graag heeft. Dus we slapen lekker tot 8h en we nemen in alle vriendschap afscheid van onze vrolijke woekeraar, het zou de titel van een boek van Suske en Wiske kunnen zijn “De vrolijke woekeraar van Finisterra” en hop, we fietsen weer wat verder ... Muxia here we come. Het is maar een goeie 30 km verder. Nog een laatste adios van onze vriend hospitalero Juan nadat we samen eerst nog even op de foto gaan : El director Juan l en zijn gasten.

Spanje mag je wel de kampioen noemen in het ambeteren van mensen die in alle rust even het toilet willen opzoeken. Overal, en dan bedoelen we wel degelijk o-ve-ral zijn er in álle sanitaire ruimten automatische lichten die na een seconde of 20 uitvallen en dan moet je als een gek zoeken hoe je die duivelse lichten weer kan laten branden. Afhankelijk van hoever je staat in het sanitaire proces is dit onplezierig tot heel onplezierig of zelfs degoutant, zeker als je nog snel een. boodschap wil achterlaten voor je vertrekt.

Een paar koffiekoeken van onze vriend de bakker op de hoek, een cafe con leche en dan zijn we eindelijk echt weer in gang ... een goeie 30 km naar onze volgende badplaats, Muxia. We fietsen langs kleine plattelandsbaantjes door dorpjes met straatjes van 1 meter breed, soms gaan we door de bossen en af en toe komt het zee’tje in de verte piepen tussen het groene gordijn van bomen en maïsvelden ... mooie vergezichten op de witte kolkjes van de Atlantische oceaan.

We doen rond de middag een stop om iets te drinken en we krijgen er gratis een lekkere groenten macedoine met ei en tonijn bovenop. Mmmh ... lekker en gastvrij Galicië.

Na de break fietsen we rustig door en ineens moeten we linksaf een kiezelweg in ... die kiezelweg verandert in een soort van bosweg met grote stenen en die worden dan nog eens bedekt met bladeren zodat ge de oneffenheden in de weg helemaal niet meer ziet ... een echt MTB route avant la lettre ... het bois de Wallers tijdens Parijs-Roubaix dat de mannekes van de koers moeten doen vinden we maar niks vergeleken met dit pad ... toegegeven, bij ons duurt het maar 3 km en wij verdienen niet zo veel als die mannen dus deze beproeving nemen we er graag bij ... kunnen we later tegen de kleinkinderen nog eens stoefen 😉

En ineens is ze daar aan de einder ... de zee we stoppen even om de atmosfeer op te snuiven ... prachtige baai ... we kijken op de fietscomputer ... 33 km ... binnen 2 km zijn we in onze nieuwe albergue ... Herberg Arribada. We worden ontvangen op een bijzonder vriendelijke en gastvrije dame aan de balie ... ze hebben, zoals de pancarte op de toog weergeeft, hun 9,7 punten niet voor niets gekregen.

Maar daarover morgen meer. Vandaag verkennen we gewoon het stadje, drinken een aperitiefje en snuisteren we gewoon nog wat in het rond.

Heerlijk die Spaanse toiletten 😉

Dag 50 Op weg naar Muchsia of Muxia volgens de Galiciërs Muxia

Dag 49 Een dag in Finisterra

We geraakten gisteren avond nog wat aan de praat met 2 dames die ook hun camino gelopen hebben. Eén van hen is een Duitse en de andere is een vrouw uit Litouwen die als tandarts gewerkt heeft maar nu denkt haar intrede te doen in een religieuze orde als non, zoals zij het noemt. Toch is zij nog zoekende, zoals ze het zelf uitdrukt, en ze hoopt op de camino antwoorden te vinden op al die levensvragen. De Duitse dame werkt als sociaal werkster met mindervalide kinderen. Een heel leuk en verrijkend gesprek over spiritualiteit maar ook over de drijfveren waarom mensen de camino lopen of fietsen enz. ... . Zo wordt nog eens bevestigd : iedereen doet zijn eigen camino op zijn/haar eigen manier, of, er zijn evenveel camino’s als er pelgrims zijn. We praten over hun en onze ontmoetingen en dat levert een heel interessant gesprek op.

‘s Avonds hebben we weer een lekkere pelgrimsmenu á 12€ per persoon gegeten. Ja we beginnen het nog te leren hoe we hier goedkoop kunnen overleven.

Vandaag blijven we in Finisterra en zoeken we het einde van de wereld ... dus, als we het gevonden hebben dan zijn dit misschien wel onze laatste woorden ... spannend ... . Maar we moeten eerst verhuizen naar een andere albergue want hier konden we maar 1 nacht blijven maar gelukkig hebben we een plaats gevonden in een herberg 2 straatjes, zijnde een 300 meter, verder. Wij dus met onze fietsen en onze bagage zo vlug mogelijk hier buiten en naar de volgende ... herberg “A Pedra Santa” een beetje verder. we wilden zo snel mogelijk onze bagage kwijt en vertrekken maar dat was even naast de waarde gerekend ... onze nieuwe hospitalero laat zich door niets of niemand opjagen en doet het rustig aan ... eerst moeten al de gasten van de vorige nacht buiten, dan de kamers poetsen enz ... en zoals dat hier in Spanje gaat ... niet te rap he mannekes. We gaan dus eerst naar het bakkerijtje op de hoek om wat overheerlijke koffiekoeken. Tijdens het wachten geraken we ook nog aan de praat met 2 jongedames uit Santiago. Ze vertellen ons dat het voor de inwoners daar niet zo gemakkelijk is om een huis of appartement te vinden want ze verhuren uiteraard liever aan toeristen dan aan de eigen mensen. En we wachten voort ... ons manneke aan de balie maakt zich niet druk en gebaart ons dat wij dat ook niet mogen doen ... nog een echte Spanjaard dus bij wie mañana het eerste woord van het woordenboek is. Het is bovendien zondag, rustdag dus, en we besluiten om ons dan maar niet op te jagen en geduldig ge wachten.

Maar ook de kuisvrouw neemt rustig haar tijd en dus besluiten we om eerst maar eens naar de vuurtoren te wandelen aan de costa de la muerte, die op een 3 km van de albergue staat, en dat vindt onze hospitalero een schitterend idee ... hij zal wel op de bagage en de fietsen letten en ondertussen kan hij rustig verder slapen in zijn comfortabele stoel aan de voordeur. Zo gezegd zo gedaan ... wij op weg ... ondertussen passeren we een kerk met een vuurtoren geïncorporeerd in het gebouw. Dat moet vermoedelijk de eerste toren geweest zijn in het verleden. We stappen even binnen en daar is een vrolijke bende aan het oefenen voor de eucharistieviering van dadelijk. De kerk loopt al goed vol en om de mis seffens niet te storen wandelen we maar verder door. Nadat verschillende grote schepen hier schipbreuk gelopen hebben werd er nieuwe moderne vuurtoren gebouwd op het hoogste punt van dit schiereilandje. En een beetje zoals we gedacht hebben is er daarboven geen hol te zien ... of toch, we komen daar die 2 galante jongedames van deze morgen weer tegen die uiteraard maar al te graag op de foto gaan met 3 galante senioren uit Amberres. In de bar aan de toren worden we, zoals we al een beetje verwacht hadden, nog eens zwaar bestolen in onze porte-monnaie, net nu we zo goed op weg waren het goedkope pelgrimsleven ge ontdekken. Dus weer 3 km terug en inchecken.

De hospitalero is een beetje een bijzondere man maar naarmate we hem beter leren kennen is hij best OK. Maar het is ook wel een goeie verkoper hoor: voor 7 euro wil hij onze was doen en drogen maar hij vindt dat wel dat we te veel bij hebben en dat het in 2 keer moet. Enfin, het is vakantie en als onze kleren maar proper dan is iedereen content. Tja, iedere albergue is op zijn manier wel echt uniek en dat maakt het ook altijd een beetje leuk ... je weet nooit wie of wat je gaat vinden als je zo een pelgrimsherberg boekt.Maar als puntje bij paaltje komt dan rekent hij ook nog 1€ per persoon voor een pieseloeterige kop koffie die hij ons deze morgen tijdens het wachten voorgeschoteld had. Hij weet de centjes beetje bij beetje toch wat uit onze zakken te schudden, dat “ventje” lijk ze in Kasterlee zouden zeggen tegen zo iemand.

Finisterra is sowieso toch een onderdeel van de camino de Santiago, dat lijkt ons echt duidelijk wanneer we op een terras een aperitiefje drinken en de rugszak-stappers en de fietsers nog met trossen zien toekomen. Ja, wij zijn niet de enigen die deze extensie maken aan de camino. Tenslotte is er een van de legendes over Sint Jacob die zegt zijn dode lichaam, bedekt met Jacobsschelpen hier in een boot zou aangespoeld zijn. Tiago, de apostel-visser zou in Palestina onthoofd en in een boot te drijven gelegd zijn. Toch wel een hele tocht voor een stuurloos drijvend wrak, en waarvan die schelpen dan komen daar hebben we helemaal het raden naar. Aanvankelijk zou Finisterra vóór Compostela zelfs de plaats zijn waar de alllereerste pelgrims naartoe trokken. Maar legendes zijn natuurlijk legendes terwijl onze camino echt was en we hebben dit er voor de zekerheid dan toch maar bijgenomen ... half werk leveren is niet van onze gewoontes he 😉

Finisterra by night

Een spiritueel ogenblik aan ons privé mini altaar in onze eerste albergue in Finisterra

Dag 49 Een dag aan het einde van de wereld

Dag 48 Mazaricos - Finisterra

35  (2.551) km - Gemiddeld 13,5 km/h

We slapen eens goed uit ... tot 7h30, zolang hebben we nog nooit geslapen ‘s morgens, de vermoeidheid zit toch blijkbaar toch wat in ons lijf. Maar we voelen ons toch weer terug wat uitgerust om vandaag nog een paar kilometertjes te fietsen. En het is hoofdzakelijk dalen want we gaan naar de zee en de zee ligt meestal op het laagste punt, je zou nogal wat meemaken als ze boven ons zou liggen. Dus als de regen zich wat inhoudt kan het nog leuk worden.

Dit was beslist nog eens een keer een goede albergue, 35€ per persoon voor overnachting, avondeten met alles erop en eraan (voor- hoofd- en nagerecht, wijn ...), ontbijt en nog een paar drankjes gisterenavond, en dan nog eens een supervriendelijke ontvangst en mooie slaapkamers, wow dat was topperdetop.

Buiten miezert het wat, het is de 2de keer dat we dat meemaken gedurende deze reis, maar de buienradar geeft verder niet té veel regen voor vandaag en het is maar een korte rit naar Finisterre, dus kop op en we zien wel. De buienradar geeft misschien geen regen meer maar het weerbericht op de Spaanse TV zegt iets heel anders: over héél Spanje goed weer maar over Galicië en alleen daar regent het ... en dat zullen we geweten hebben ... we trekken onze regenjasjes aan en we vertrekken.

De eerste 12 km rijden we langs mooie baantjes, weliswaar kiezelbaantjes maar so what, door de natuur ... geen huis, grollende honden of niets te zien. En niets mag je letterlijk nemen want de regen en de mist benemen het ganse panorama dat bij goed weer wonderbaarlijk mooi zou zijn. Maar we gaan niet klagen en zagen want dit is tenslotte maar de eerste keer dat we regen op ons hoofd krijgen en, heb ik ergens gelezen, van regenwater krijg je een mooie huid, dus kijk maar goed uit als we binnenkort terug thuiskomen want jullie gaan ons misschien niet meer herkennen, zo mooi als we gaan zijn.

Alhoewel we dachten de de mens waterdicht was, stoppen we na 17 km zeiknat in een cafétje om wat op te warmen en uw reporter gaat direct even naar het toilet om al het water dat langs alle gaten blijkbaar dus toch binnengesijpeld is onmiddellijk weer af te laten. Wat kan op zo’n moment een koffie deugd doen, en de waardin die ziet hoe erg wij pelgrims toch lijden moeten, ze geeft ons 2 cake’tjes per persoon extra om weer aan te sterken🧁🧁. Wat een lief vrouwtje 😀 5 koffies en wat koeken voor 5€, dat is echt niet gestolen.

En als we bij het lieve vrouwtje buitengaan dan regent het al wat minder dus is het lekker fietsen want het is 20 graden, m.a.w. niet koud. En zo bollen we rustig verder naar Finisterra en komen we na goed wat zoekwerk aan in onze albergue “O Encontro”. Die is in niets te vergelijken met wat we gisteren gekregen hebben ... een oud aftands gebouwtje en de uitbaters zijn evenzo. Onze slaapkamer is een passage voor alle andere gasten, we kijken met groot verlangen uit naar vannacht, gelukkig gaat om 24 uur het slot hier op de deur dus het zal wel meevallen denken we. Maar voor 12€ per persoon mag je nu ook geen hotel met zwembad verwachten toch? Enfin we slapen, hebben een proper bed en een douche en dat is het enige wat een pelgrim nodig heeft.

Nadat we opgedroogd zijn en gedoucht hebben verkennen we het stadje terwijl het opnieuw lichtjes miezert.

Finisterra lijkt een mooi vissersstadje met een typische wirwar aan leuke kleine smalle straatjes, en we vinden zelfs een bar waar we vanavond om aan 12€ een pelgrimsmenu kunnen nuttigen. Om te testen 😉 lopen we even binnen voor een glas wijn en wat tapas en we krijgen bovenop een bordje heerlijke droge ham. ‘t Is beslist, hier komen we vanavond eten.

Morgen blijven we een dagje hier en dan gaan we de Cabo Fisterra opzoeken, of letterlijk vertaald de kaap van het einde van de wereld. We zijn benieuwd.

Tot morgen.

Galicisch voor “prijs van de sardinen”?

Dag 48 Een regenachtige dag

Dag 47 Santiago de Compostela - Mazaricos

50 (2.516) km - Gemiddeld 12,5 km/h

Voltooid is dit pad, voldaan zijn we en gelukkig, nu delen van wat bijna niet te delen is, delen is vermenigvuldigen, alsmaar groter wordt ons geluk, vanbuiten en vanbinnen ... - Ricky Rieter

We ontwaken langzaam uit de roes van geluk om de bereikte doelstellingen. Het doet toch wel iets met een mens als je na 2.466 km ineens zo maar op het plein staat voor de kathedraal van Santiago de Compostela. Jaren dromen over de tocht die je eens in je leven wil maken, een dik jaar bezig zijn met praktische afspraken over van alles en nog wat: hoeveel kilo bagage, wat wel en wat niet meenemen, want het spreekword zegt “al wat je thuislaat is meegenomen”, welke weg volgen we, een tent of geen tent meenemen, gaan we snel gaan om er spoedig te geraken of gaan we traag en nemen we zoveel mogelijk indrukken, cultuur en noem maar op onderweg met ons mee, enz. ... . Wij kiezen voor dat laatste, hebben tijd voor van alles en nog wat en in het bijzonder tijd om mekaar (nog) beter te leren kennen en we hebben ons dat tot op heden voor geen seconde beklaagd.

En dan is het ineens gedaan, of toch niet, want wij gaan nog even voort naar Finisterra en dan naar Muxia en dan weer terug Santiago. Maar om onze lichamen weer terug in optimale te vorm krijgen om thuis ook weer behoorlijk te kunnen functioneren delen wij deze routes op in kleinere stukken. Een beetje vakantie als je het zo wil zeggen. We zien op de topografische routekaart dat er vandaag in het begin één klimmetje is van een 2-tal kilometer. Een klimmetje ? ... ja wat, pfff ... maar och, het is weer snel gedaan en het zou de laatste echte klim zijn van vandaag, dus niet geklaagd. Eens aan de top is er een café’tje dat als een fata morgana aan de einder opdoemt, en nee hoor, er zitten echte mensen en we geraken aan de praat met een leuke man uit Ierland. Ook hij gaat verder met zijn vriend richting Finisterra.

We zijn helemaal niet alleen die nu eens het einde van de wereld in het echt willen zien. We passeren veel stappers die hetzelfde doen als wij ... de zonsondergang in Finisterra opzoeken.

We ontmoeten onderweg nog een Spaanse man, Carlos, die van Burgos afkomstig is en die nu in Nederland werkt als fietskoerier. Hij is heel goed uitgerust met zonnepanelen op de bagage en USB-laders in de naaf van het voorwiel om al zijn elektronische apparatuur op te laden : GSM, GPS, Sony filmtoestel op het stuur enz.. Op het einde van het jaar plant hij nog een grote reis door Afrika : over Marokko door Mauritanië en zo verder. Als dat maar goed afloopt want Mauritanië heeft niet zo’n beste reputatie op gebied van veiligheid maar hij maakt zich daarover niet druk, hij heeft geen schrik. We nemen een groepsfoto en dan zegt Carlos dat hij nog even met ons wil meefietsen maar dat duurt niet lang want na 2 km stopt hij om wat eten in te kopen en wij doen hetzelfde nog wat verder. Ja, we zien nog maar eens te meer dat diepgaande contacten niet steeds evident zijn op de camino, maar dat is misschien ook niet nodig want die korte ontmoetingen hebben ook wel iets heel apart. En we hebben mekaars mail adressen om de foto’s uit te wisselen, dus als de behoefte er is dan kan het contact later wel voortgezet worden. We ontmoeten Carlos later onderweg nog wel een keer en gaan dan ieder weer onze eigen weg.

Rond de middag drinken we een glaasje op een terras van een banaal uitziende bar langs de weg ... bij onze ice tea krijgen we daar toch niet alle drie een ferm bord penne met tonijn zeker, en dat gratis en voor niets.

En dan hét mysterie van de vorige dagen ... wij zien regelmatig in de tuinen bij de mensen een soort van langwerpige kapelletjes staan ... wat zou dat toch zijn? Een begraafplaats voor de overledenen van de familie? Iets waar de asse van de doden in bewaard wordt? Gewoon een kapel maar waarom is die dan langwerpig. We maken ons de meest bizarre religieuze en macabere voorstellingen en dan beslissen we om dat gewoon maar eens te vragen aan de eerste de beste ... mannekes, die religieuze macabere kapelletjes dienen gewoon om maïs in te drogen ... hoe saai zeg.

Nog een 10-tal km te doen vandaag en dan gaan we gewoon eens super relaxen. De volgende dagen zullen gericht zijn op fietsen maar in het bijzonder ook op recupereren.

We hebben een schitterende Albergue ... modern, de hospita Maria Victoria is Argentijnse, afkomstig van Buenos Aires en zij spreekt perfect Engels. Ze is met haar mama naar Spanje verhuisd en ze baten nu samen deze albergue uit. We worden bijzonder hartelijk ontvangen met een gulle lach ... wat mooi toch als je in een dienende functie werkt en zo vriendelijk bent, dat kost geen enkele moeite en het maakt een hele wereld van verschil.

De trip van vandaag was maar 50 km maar het was toch bijzonder zwaar. Heel veel klimmetjes en dalen langs niet zo’n goede baantjes. Maar anderzijds komt het misschien ook wel wat doordat een paar luidruchtige snoodaards in de kamer naast de onze deze nacht zo veel lawaai gemaakt hebben: ze kwamen heel laat aan en maakten om 4 h ‘s morgens nog zo’n kabaal dat Paul uiteindelijk op hun deur gaan kloppen is. Ja die zijn waarschijnlijk tot een kot in de nacht gaan vieren dat zij hun Compostela gehaald hebben maar wij zijn daardoor wel opgestaan met een heel onfrisse kop.

Enfin vandaag lijkt het ons een heel leuke herberg te zijn en we halen onze slaap wel in. En morgen gaan we naar het einde van de wereld ... Finisterra 

Dag 47 Een dagje klimmen en dalen

Het belooft een mooie dag te worden vandaag in Compostela

Dag 46 Een dag in Santiago de Compostela

Dag 46 Een dag in Santiago de Compostela

Eerste werk vandaag ... aanschuiven voor onze compostela, het officiële certificaat dat wij de tocht van 2.466 km hebben afgelegd. Gestart op 1 juli en aangekomen op moederdag. Onze moeders in de hemel zullen wel een beetje fier zijn op ons. En we zijn niet alleen aan het aanschuiven hoor ... eerst een nummer trekken en dan wachten maar wij hebben nrs 340 , 343 en 344 en ze zijn aan 184 ... tijd om eerst een ontbijt te nemen dus en dat kost hier het driedubbele van wat we de vorige weken uitgegeven hebben voor krak hetzelfde: sinaasappelsap, tortilla met brood, een croissant en een cafe con leche. De tijd dat pelgrims arm en berooid in Compostela aankwamen ligt dus ver achter ons. Het is hier één grote commerciële bedoening, dieven zijn het ... hoe moet dat nu verder want wij hadden toch de gelofte van armoede afgelegd voor we aan deze tocht begonnen 😉 ? Als ze nu geen centen hebben om de kathedraal te herstellen dan weten we het ook niet.

Die kathedraal bezoeken we na het afhalen van ons getuigschrift, de tijd tussen nummertje trekken en aflevering van compostela valt eigenlijk nog best mee. Het zal geen botafumeiro ofte zwierend wierookvat zijn vandaag en er zijn ook geen missen meer ... de kerk staat helemaal in de steigers en alles hangt onder plastieken doeken. Ze hebben zeker nog voor 10 of 20 jaar werk vooraleer alles hier in orde is, althans dat is de indruk die wij hier hebben maar volgens insiders hier zou alles moeten klaar zijn tegen 2021 want dan is er het volgende heilig jaar. Daar willen wij nog wel eens naar komen kijken.  Ondanks dat staan er binnen 1.000 mensen of meer te kijken naar iets waar dus eigenlijk niks aan te zien is. De botafumeiro staat veilig achter de stellingen verborgen.

Zoals we beloofd hadden laten we in de kathedraal wel een getuigschrift achter ter ere van onze overleden vriend en Compostela adept Paul De Decker. We hebben aan dat getuigschrift 3 van Pauls eigen pins bevestigd, één voor ieder van ons. Zo is Paul toch nog eens, al was het maar symbolisch, een laatste keer in zijn geliefd Santiago geweest. We branden tot slot nog een kaarsje om hem te gedenken en te bedanken voor al de raad en alle verhalen die hij ons meegegeven heeft.

En nu is het tijd voor een aperitiefje en voor de planning van de volgende periode want onze retourvlucht naar Brussel is voorzien voor maandag 26 augustus en onze pogingen om de vlucht te vervroegen liepen faliekant af ... meer dan 650€ penalisatie voor het veranderen van de datum bovenop de 375€ die we reeds betaald hadden voor de vlucht op 26/8. Vueling is hier in Compostela blijkbaar op stage geweest voor wat betreft de cursus “hoe rol ik mijn klanten”. Dus besluiten we om op ons gemak Galicië verder wat te verkennen per fiets en dan af te sluiten met een paar dagen Santiago om alle praktische regelingen te maken voor onze retour. Finisterra, letterlijk vertaald “het einde van de wereld” willen we zeker zien. Muxia schijnt ook heel mooi te zijn. We houden jullie zeker op de hoogte.

In de namiddag lopen we even binnen bij “de tafel der lage landen”. Dat is een ontmoetingsplaats die in eerste instantie uitgaat van het Nederlandse genootschap maar vandaag hebben we geluk want de vrijwilligers van vandaag zijn 2 Luc’ken van het Vlaams genootschap en nog wel de voorzitter zelf. We worden vriendelijk ontvangen op de koffie en hebben een lange en toffe babbel.

Na deze gastvrije ontvangst slenteren we nog maar wat rond en lopen enkele van de 100.000 boetiekjes binnen die Santiago rijk is. Man, waar ze het vandaan blijven halen al die brol die ze hier aan de mensen proberen te slijten ... vandaar misschien al die Chinezen en Koreanen hier 😉

s Avonds eten we een “eenvoudige” pelgrimsmenu aan 11€ per persoon. Een pelgrimsmenu dat is : 1/2de fles witte wijn + gemengde sla als voorgerecht + Paella als hoofdgerecht + een ijsje of gebak als nagerecht + een koffie of carajillo (= espresso met cognac), en heerlijk lekker ... er is toch nog gerechtigheid in deze pelgrimsstad 😀. Bedankt mijnheer van het restaurant, ons zie je volgende week nog 4 keer terug.

En omdat de fiere bompa reporter Luc in Compostela zit en zijn kleinzoon Emiel in het verre België vandaag op moederdag 2 jaar wordt mag ook hij voor een keer eens mee op de foto.

Slaapwel vrienden. Morgen gaan we weer wat fietsen.

In memoriam Paul de Decker

Dag 45 Melide - SANTIAGO DE COMPOSTELA

68 (2.466) km - Gemiddeld  12 km/h - max 53,2 km/h

De roem ligt in het pogen zijn doel te bereiken, niet in het bereiken ervan - Mahatma Gandhi

Maar wij zullen ons doel vandaag bereiken, al heeft het gisteren niet veel gescheeld met die roedel opgefokte herdershonden. Het is 8h30 en een luidruchtige kweler met gitaar, die we gisteren avond toen we op het terras naast hem zaten te eten nog heel leuk vonden maar die nadien nog doorging tot een kot in de nacht, heeft ons toch wat uit onze slaap gehouden waardoor we met een beetje onfrisse kop ontwaken. Buiten is het nog wat frisjes maar we lonken vandaag in de namiddag weer naar 26 graden, onze benen zijn nog behoorlijk stijf van de zware dag van gisteren, misschien wel een van de zwaarste van de hele camino, ons hoofd is nog wat suf, maar, zoals de Betties het zo mooi zongen bij ons vertrek, we zullen doorgaan ... . Tot straks lieve vrienden in Compostela want dan heffen we een glaasje Cava. De eerste 15 kilometer zijn een hel. Ze zeggen dat de camino een beeweg is, wel ik geloof het nu wel echt. 15 km langs plattelandsbaantjes, elk huis een of meer grollende honden en van de 10 lopen er 4 los, gelukkig zijn die niet agressief maar ja, na ons avontuur van gisteren weet je maar nooit. En die 6 andere, die hangen met een ketting van een meter aan een boom, je zou als hond voor minder agressief worden, en die weten natuurlijk ook dat ze vasthangen om die frêle peregrinos te beschermen die passeren, en daarom zouden ze die arme pelgrims maar al te graag met een of twee biefstukken minder in de billen laten aankomen aan de kathedraal van hun dromen. Die benen, dat beseffen we naast de miserie van die honden nu maar al te goed, zijn de 2 lichamelijke werktuigen die voor elke bedevaarder onmisbaar zijn. En die laten ons vandaag wat in de steek op die kleine, slecht berijdbare plattelandbaantjes. Na elke afdaling volgt een klim van 12 tot 15% en die krijgen we deze ochtend echt niet meer rond getrapt. Elke klim dus met de voeten op de grond en de fiets dan maar naar boven duwen, ook geen sinecure, en zo vorderen we deze eerste kilometers maar heel langzaam en met bijzonder veel inspanning. Maar, Betties, we hebben het jullie beloofd, we zullen doorgaan ... . En na 19 km krijgen we terug deftige baantjes die beter berijdbaar zijn. San Tiago, wij bidden tot U, geef ons nog een beetje rust zodat we jou vanavond niet stinkend van het zweet moeten begroeten. Maar het zal niet voor vandaag zijn peinzen we want niet veel verder is het weer van dat, getuige daarvan het video’tje in het verslag van vandaag. Dus we ploeteren maar door. We voelen ons een beetje als een tennisser die op voorsprong staat en er maar niet in slaagt om het winnende punt te scoren. Maar, lieve lezers, wij zijn geen tennissers, wij zijn bedevaarders, pelgrims, peregrinos en we doen het voor huis Perrekes, dat hebben we ze daar in Geel-Oosterlo beloofd en dat hebben we ook gedeeld met eenieder met wie we op deze camino gebabbeld hebben. Daarom vrienden, was het niet Caesar die destijds zo iets zegde van “Inter omnes Galiciërs Belgae sunt fortissimi”, of toch zo iets dat er wat op trekt? Dus, we slaan wat wat druiven en perziken in om onze suikers op punt te brengen, we stoppen bij een bar voor de nodige vochtinname en we gooien onze vermoeide, uitgewrongen, afgepeigerde lichamen weer in de strijd voor de laatste 29 km klimmen en dalen. YES WE CAN !!! YES WE CAN !!! Staat de Bokma koud vrienden want we zijn er bijna. Verander dat dan maar snel in een fles Cava want die zijn we verschuldigd aan Trudy van frituur Bareeltje voor de oplossing van het raadsel van de Santa Maria Virgen de la Encina van Ponferrada. En om 18h00 staan we dan, stikkapot, afgepeigerd tot op het bot, en dat is echt niet overdreven voor de kathedraal van Santiago de Compostela. Wow wat een gevoel zeg, en dat gaan we nu gewoon even vasthouden onder onszelf, dus morgen weer meer nieuws maar vandaag sluiten we het hiermee af. Muchos gracias voor jullie support en tot morgen.

We zijn hier niet alleen in Compostela

En we zitten in Santiago aan de voet van de kathedraal

Dag 45 Yes we could

Dag 44 Sarria - Melide

69 (2.398)- Gemiddeld 13,2 km/h

Geen weg is te lang voor wie langzaam en zonder last voorwaarts gaat - Jean de la Bruyère

Langzaam verder gaan, dat hebben we van bij het begin bewust zo gekozen. Ja, de camino, maar wel onze eigen camino, op onze wijze. Een die ruimte laat voor cultuur, voor genieten van de schoonheid van de natuur, voor tijd nemen om vriendschap te herbevestigen of te laten groeien. Iedere pelgrim die we ontmoet hebben loopt of fietst ook zijn/haar eigen camino. We hebben ontmoetingen gehad en geluisterd naar eenieders verhaal, zonder te oordelen, zonder vragen ge stellen. Wij naderen nu stilaan ons doel : Santiago de compostela, en vandaag gaan we de grens over van de laatste 100 km.

Eerst zoeken waar we deze ochtend een ontbijt kunnen nemen. Toch een verschil met León hoor hier in Galicië ... overal waar we gaan informeren hebben ze nog maar ontbijt voor 1 persoon of gewoon zelfs helemaal niets. Wat is me dat hier zeg. Enfin als we aankloppen bij de 5de bar hebben we prijs ... die heeft genoeg voor 3 en dan nog bijzonder lekker ook. Zo hebben we weer wat energie voor de tocht van vandaag.

Na een paar km fronsen we onze wenkbrauwen ... wij dachten dat we na de beklimming van die sombreiro, we bedoelen natuurlijk O’ Cebreiro, van gisteren alles gehad hadden ... mannekes toch ... waar zit die leugenaar die ons dat wijsgemaakt heeft ... grrr we wringen zijne nek om!

Even later zien we naast de weg een das liggen. Even een klinische controle van ademhaling en hartslag maar helaas de rigor mortis is reeds ingetreden. Het arme beest heeft waarschijnlijk een hartaanval gekregen van al dat klimmen.

Paul herhaalt wel 20 keren dat hij vandaag heel slechte benen heeft. Dat heeft hij nog nooit niet meegemaakt (allee op deze camino toch niet zegt hij er stillekes bij). Wel Paul, dat kan zijn, maar toch ben jij op deze tocht geslaagd met 200% van de punten ... wat een vooruitgang in het fietsen zeg ... Ook Jan heeft enorme vorderingen gemaakt en dan zeker met betrekking tot het klimmen (dalen dat kon hij vroeger reeds als de beste, dat weten we van vorige fietsvakanties) ... onwaarschijnlijk welke vooruitgang we alle drie gemaakt hebben op deze camino!

Vanmorgen zien we de paardenkoetsen van gisteren ook weer voorbijkomen maar een paar km verder rijden zij een afspanning binnen om de boel af te tuigen. Vandaag geen stront op de weg dus.

De taal hier in Galicië is echt wel weer helemaal anders dan in Castilië. Ze verstaan hier geen woord van wat wij allemaal zeggen, en wij die dachten zo goed Spaans te spreken. Die verstaan hier precies geen Spaans meer. En ze schrijven alles ook anders ... “Igrexa” voor kerk, waar halen ze het? Kunnen die nu niet gewoon “Iglesia” zeggen zoals wij en al die andere Spanjaarden?

Enfin niet geklaagd, we rijden, euh sorry, wij klimmen door. Wat later op een fel klimmetje krijgt uw reporter een acute aanval van fata morgana. In de verte zie ik daar toch precies niet de hoed van Alicia met haar paard boven de struiken uitsteken zeker, en ja hoor ik zie een bruin paard ook. Ik klim de ziel uit mijn lijf om haar in te halen en als ik volledig uitgeput op dezelfde hoogte kom is daar helemaal gen Alicia met haar paard en haar stralende glimlach ... nee gewoon een lange zwikzwak met dezelfde hoed als de freule uit Sint Martens Latem die boven de struiken uitsteekt en het paard blijkt een bruine rugzak te zijn.

En daar is ze dan ... de magische grens van 100 km die we nog verwijderd zijn van Santiago de Compostela. Daar drinken we er een op en even verder stoppen we dus in een pelgrimsherberg om dat te vieren met een portie calamares a la romana. Dat vinden we nu toch wel verdiend te hebben.

De stappende pelgrims groeien nu letterlijk als overrijpe druiventrossen naast de weg. Toch wel gevaarlijk soms in de afdalingen want er zijn er die ineens zonder uitkijken de baan oversteken of die breed verspreid over de asfaltweg lopen in plaats van op de voor hen aangelegde grindpaden naast de baan. Enfin, veel afdalen is er toch niet bij en op de soms steile klimmetjes kunnen we ze amper voorbij, dus niet geklaagd, San Tiago is er voor iedereen. En dan heb je al die herbergen en bars op de weg, de ene na de andere, die draaien overuren deze dagen. En de hospita’s staan soms buiten aan de deur alsof ze de vermoeide pelgrims willen binnenlokken, een beetje zoals de restaurants in Istanbul maar dan beschaafder.

Ik heb nog niets verteld over al die Zuid-Koreanen die je hier op de camino kruist. Hermetisch ingepakt zodat geen enkel stukje vlees aan de buitenlucht zou kunnen komen piepen, masker voor de neus om geen van die vieze Europese luchtweginfecties op te lopen, stappen ze moedig door met ferme pas. Er zijn er zo veel dat we de indruk krijgen dat Santiago daar een verplichting is, een beetje zoals de verplichte legerdienst bij ons vroeger, of dat ze anders als straf naar Kim Yong Un in het Noorden gestuurd worden.

Op onze weg zien we plots een hele groep paarden staan, een stuk of 5. Hun berijders zijn iets verder aan het lunchen. En de herdershond, met jakobsschelp om de hals mag ook mee. Leuk intermezzo. De ruiters zijn te druk onder mekaar dat we ze niet willen storen voor een gesprek en dus rijden we maar door, maar niet voordat Paul de paarden grondig geïnspecteerd heeft op van alles en nog wat. Zo merkt hij op dat 2 onder hen een broek dragen zodat het zadel niet naar voor zou schuiven in de afdalingen. Hoe dat in zijn werk gaat zal hij jullie thuis graag uit de doeken doen als je hem eens op de aperitief vraagt.

Buiten klimmen, klimmen, klimmen en nog eens klimmen valt er vandaag niet zo heel veel te vertellen. Of toch ... we rijden op een plattelandsbaantje van amper 3 meter breed, uw reporter rijdt zoals gewoonlijk eerst, Jan en Paul volgen op een 20 meter ... komt daar ineens een grote lelijke kwade zwarte loebas van een hond het erf afgeschoten ... ik ga op mijn trappers staan om volle gas te geven ... komen daar van links plots 3 grote herdershonden heel agressief aangevlogen ... uw reporter maakt dat hij van zijn fiets is en stapt langzaam door terwijl die beesten blaffen en grollen en hun grote lelijke tanden laten zien ... Jan en Paul fietsen heel langzaam door ... en ineens vliegen die gasten naar de Paul die natuurlijk ook op de trappers gaat staan ... een van die smeerlappen (vergeef mij het woord maar het zijn echt wel rotzakken) vliegt naar de fietstas van Paul en sleurt die van de fiets. Paul stopt, raapt rustig zijn fietstas op, ziet dat er een gat in gebeten is en hangt hem terug aan de bagagedrager ... en dan stappen we rustig en stilletjes door ... en maar blaffen en dreigen en grollen ... en dan komt daar een auto die uit de andere richting komt en hen de weg en het zicht afneemt en wij ... als de bliksem op de fiets en weg, weg, weg, zo snel als dat we met onze vermoeide benen maar kunnen. Stel je voor dat een die rakkers in Paul zijn been zou gebeten hebben zeg, dan zou zijn, en onze camino op 70 km van de streep erop gezeten hebben.

Enfin, vandaag nog een 12 km te gaan, uiteraard heel de tijd omhoog, soms een beetje omlaag en stilaan komen we weer bij van de emoties van daarjuist. We durven er niet aan denken wat er allemaal zou kunnen gebeurd zijn. Gelukkig is het alleen dus maar een gat in een fietstas, dat valt nog te herstellen. Het was vandaag een bijzonder zware fietsdag, hopelijk hebben we morgen betere benen. We hebben gelukkig een heel mooie kamer dus dat van die benen dat komt wel snor.

Dag 44 Dag van de boze honden

Dag 43 Las Herreria - Sarria

58  (2.239) km - Gemiddeld 15 km/h

Ons geduld zal meer bereiken dan onze kracht - Edmund Burke

Kracht zullen we nodig hebben maar we mogen niet ongeduldig worden. We zijn geneigd om continu te snuffelen op internet naar hoeveel procenten we de volgende dagen nog zullen moeten klimmen. Maar laat ons duidelijk zijn ... de vorige 2.250 kilometer hebben we alle bergen op ons pad beklommen en overwonnen. Binnen 3 dagen staan wij voor de poort van de kathedraal van Santiago de Compostela ... Jacobus, zet de Cava al maar klaar ... we are coming.

Het is buiten 7 graden wanneer we opstaan. Behoorlijk fris dus maar we zijn goed gezind want het zonnetje komt stilletjes reeds boven de bergen piepen. Bijna elk huis dat we nu op onze weg tegenkomen is ofwel een bar, ofwel een supermercado ofwel een albergue ofwel nog iets anders dat ze aan de toestromende pelgrims kunnen verkopen. Castilië en Galicië danken de camino voor de inkomsten die hij voor de regio opbrengt.

We zitten aan het ontbijt en denken al aan de pittige beklimming van een 15% die ons seffens direct van bij de start te wachten staat. Enfin we zagen niet want het is maar 300 meter en dan gaan we terug naar gemiddeld 4%. Hup op weg voor alweer een nieuw avontuur, hopelijk vandaag zonder voituur ... . De eerste 300 m zijn inderdaad bijzonder pittig maar we blazen even uit om op adem te komen terwijl we beneden in het dorp de koeiebellen en het klaterende water uit de bergen horen. Na dit rustgevende momentje gaan we dan verder de berg op aan de beloofde 4% stijging. En ja hoor, er is geen zuchtje wind en we vliegen naar boven als jonge, speelse berggeiten in een dartel spel 😀 ... maar o wee, na een 5-tal km zijn er wat pittige stukjes van 6 tot soms 10% en daar worden we weer, binnen de seconde, de oude bokken die we bij de vorige 2.250 km al waren ... getuige de selfie-video die uw reporter over zichzelf maakte tijdens deze beklimming. Maar niet geklaagd mensen, deze oude heren bereiken na 10 km, als we bijna aan de top zijn, een dorpje waar we onze inspanningen belonen met een lekkere cafe con leche vooraleer we de laatste kilometertjes van dit bergje (sic) aanvatten. Dit is ook ons eerste dorp in Galicië. Deze O’ Cebreiro, of Do Cebreiro zoals de Galiciërs, want daar zijn we nu dus, het zeggen leert ons dat we geen schrik meer moeten hebben van de bergen. Onder de heilige bescherming van San Tiago de Compostela hebben we het gevoel dat we vanaf nu alle heuvels aankunnen, en dat we dat met ons drie sámen kunnen, een beetje zoals een heilige drievuldigheid, want de afstanden tussen ons drie bij het bereiken van de toppen worden nu echt kleiner en kleiner ... wonder der camino, schepper van hechte vriendschappen.

Om 10h30, exact 14 km na ons vertrek, klokken we af op de top op 1.300 m. Er komt ook een Nederlands fietskoppel aangewaaid uit Zwolle. Ze zijn thuis vertrokken en zijn nu een 5-tal weken onderweg. Ze weten niet meer langswaar ze allemaal gereden zijn, dat heb je dus als je alleen maar fietst en niet uitkijkt naar de wereld rondom jou. Wij achten ons dan toch wel gelukkig dat wij het net wat anders aanpakken. Met wat hulp van ons herinneren ze uiteindelijk de steden Mechelen, Geeraardsbergen en Doornik. We proberen voorzichtig ook om te vragen of ze dan Cambrai gepasseerd zijn, “Kambraaj” zoals ze het in Nederland uitspreken, durven we niet proberen. En even later maken we ook nog even kennis met een jongedame uit Costa Rica die helemaal in haar eentje naar hier gekomen is. Zij laat niet na om Paul te feliciteren omdat hij zo goed Spaans spreekt. In de afdaling hervindt Jan zijn oude ik en met het hoofd diep over het stuur gebogen stort hij zich in de afdaling achter haar en ja hoor ... hij haalt haar galant in ... tot bij het volgende klimmetje want deze Zuid-Amerikaanse duwt met haar forse billetjes haar fiets pijlsnel weer de berg op en laat onze Jan weer op zijn honger zitten. Hij heeft toch even tijd gehad voor een babbel want zo heeft hij vernomen dat ze familie heeft in Zwitserland en dat ze na Compostela met het vliegtuig naar daar vertrekt.

Onderweg zien we de hele weg lang, eigenlijk al van bij de start deze morgen, paardenstront op de weg liggen. We vragen ons af of die van Alicia uit Sint Martens Latem en haar paard zou kunnen zijn? Even later zien we daar toch niet de trailer van haar papa voorbij gevlogen komen zeker. Dat wil zeggen dat Alicia zeker een heel eind achter ons moet zijn, dus deze mest komt niet van haar, sorry we bedoelen niet van haar maar van haar paard natuurlijk.

We klimmen nog een beetje hoger en op 1.335 meter hoogte bereiken we dan de alto de Poio, het hoogste punt voor vandaag, Genoeg geklommen vinden we en we nuttigen in het zonnetje een overheerlijke tortilla. Paul en ik nemen plaats aan een tafeltje dicht bij de afgrond waar we een prachtig zicht hebben over de vallei en de bergen ... majestueus panorama. Jan zet zich wat in de schaduw, dicht bij de Costa-Ricaanse freule die hier ook een rustpauze neemt.

Als we wat later doorrijden lacht ons daar een ferme, vette, leuke afdaling toe: 10 km lang afzakken aan 7% gemiddeld, tof ... onze Jan stort zich als een koningsarend in de diepte en hij zal die koppositie nooit meer afgeven, tot aan het volgende klimmetje natuurlijk, want dan komt uw reporter weer op de proppen die in deze afzonk slechts een maximum snelheid haalt van 52,5 km/h in tegenstelling tot Jan die een supersonische 61,60 gaat. En dan is het verder wat dalen en wat stijgen, nog een 20 km tot in Sarria.

En wat zien we daar op zeker moment langs de weg ... 3 koetsen met in totaal 6 paarden in het gespan ... ook een leuke manier om de camino te doen en ... vandaar al die paardendrollen onderweg.

Voor we op onze eindbestemming gaan aankomen passeren we in een dorpje Samos. We willen nog één keer de cultuurliefhebber uithangen en het klooster en de kerk bezoeken maar ... sorry jongens ... we gaan maar terug open vanaf 16h30. Wat steken die Spanjaarden toch uit zeg tussen de middag en de vooravond? Enfin, niks aan te doen. Zo zijn we op tijd in de herberg. Er wacht ons een hartelijke ontvangst in een ruime albergue waar buiten ons geen kat is. En voor 7 € doet mijnheer daar onze was ... ja sorry schat, gij vind dat ik altijd hetzelfde bloesje aan heb maar nu ziet ge, wij doen af en toe onze was, allee we laten onze was doen ... precies een beetje zoals thuis hé 😉. Maar het is nodig want we willen binnen 2 dagen als propere jongens het heiligdom betreden.

 

De rit van dag 43

Dag 43 een dag van klimmen en dalen

Dag 42 Ponferrada - Las Herreria

45 (2.271) km - Gemiddeld  13,5 km/h

In de plaats van een spreuk toch even dit : We loofden gisteren een wedstrijd uit over wie de geschiedenis van De Santa Virgen de la encina kon helpen oplossen en hups, een van onze trouwe lezeressen heeft het mysterie deze nacht nog opgelost. Beste dank Trudy, sympathieke uitbaatster van frituur Bareeltje aan de overkant van waar uw reporter en Paul wonen. Je hebt je eervolle vermelding in onze blog meer dan verdiend. En op jou gezondheid en op onze kosten drinken wij een glaasje Cava wanneer we aan de kathedraal van Santiago de Compostela toekomen. Dit zal geattesteerd worden met foto-bewijsmateriaal binnen enkele dagen.

De Basilica de Santa Maria de la Encina: De kerk werd gebouwd in de late 16e eeuw en herbergt het standbeeld van la Virgen de la Encina, van wie de kerk zijn naam dankt. Basiliek van Santa Maria de la Encina Volgens de legende heeft Santo Toribio de Liébana in het midden van de 5e eeuw Jeruzalem bezocht en een aantal overblijfselen met zich meegebracht, waaronder een beeld van de Maagd Maria. Dit standbeeld bleef een aantal jaren in Astorga, maar tijdens de oorlogen met de Moren waren de relikwieën op verschillende plaatsen verborgen om te voorkomen dat ze door de Saracenen werden geplunderd. Tijdens de Reconquista werden veel van de overblijfselen teruggevonden, maar het standbeeld van de Maagd verdween vele eeuwen. In 1178 kwamen de Tempeliers naar Ponferrada en bouwden hun kasteel. Op een mooie dag zag de man die verantwoordelijk was voor het kappen van bomen in het nabijgelegen bos een fel licht dat uit het bos kwam. Hij baande zich een weg naar het licht en toen hij de locatie naderde, zag hij dat het uit de opening in de stam van een steeneik kwam. Bij nadere inspectie ontdekte hij dat in de eik het beeld stond van de Maagd die zoveel jaren eerder was verdwenen. Hij bracht het terug naar het kasteel en vanaf dat moment staat de Maagd bekend als la Virgen de la Encina of de Maagd van de Steeneik.

Zoals gisteren beloofd hebben we ‘s avonds op dag 41 dus een echte dame blanche gegeten. We hebben ze wel met hand en tand moeten uitleggen hoe ze die moesten gereedmaken maar na veel vijven en zessen zijn we erin geslaagd de señorita achter de toog iets te laten prepareren dat er echt heel goed op trekt. De chocolade was wel niet warm en de slagroom was roze maar smaakte helemaal gelijke de witte variant en last but not least ... het geheel smaakte overheerlijk.

Om 9h stappen we vanmorgen onze herberg Guiana buiten. Een supermoderne herberg die naar we vermoeden nog niet zo lang bestaat. Supervriendelijk personeel ook. We slapen in een moderne, gedeelde slaapkamer met 8 personen. De fietsengarage is op en top professioneel: een hele serie gereedschappen om herstellingen uit te voeren, een luchtcompressor voor de banden en zelfs, tegen betaling wat had je gedacht, een wassalon voor de fiets.

Bij de start is het frisjes, 16 graden, alle Spanjaarden liggen nog in bed, het is tenslotte zondag. We zien enkel her en der een eenzame buurtboener de straten poetsen. Het moet gezegd , de Spanjaarden zijn heel proper op hun dorpen en steden. Net buiten de stad zien we terug meer en meer stappers. De trechter der peregrinos wordt nu, naarmate we ons doel naderen, echt wel nauwer en nauwer. Even verder zien we het spook van de bergen recht voor ons opdoemen, er wachten ons vandaag nog ferme klimmetjes, althans dat voorspellen de boekjes die thuis we over dit deel van de camino gelezen hebben. Alsof San Tiago het ons nu echt wel moeilijk wil maken blaast de wind bij de klimmetjes recht in ons gelaat. Bij momenten moeten we in Sint Jacobus echt bijna onze meerdere erkennen, vandaar misschien de naam “Jacobus de Meerdere”?

Onderweg, na een kilometer of 15 kruist een andere fietser ons pad. Jan, een 38-jarige, niet gehuwde, jongeman uit Leuven doet de camino met een aangepaste racefiets (bagagedrager, iets dikkere banden ...). Hij rijdt een eindje met ons mee en op een goeie 20 km drinken we samen een koffie in een camino-bar. Jan is op 15 juli thuis vertrokken en hoopt binnen 3 dagen aan te komen in Compostela. Zijn ouders komen hem daar oppikken met de auto. Hij runt samen met een vriendin een architectenbureau en tijdens de 3 zwangerschappen van zijn collega heeft hij de boel rechtgehouden. Nu gunt zij hem met veel plezier deze pelgrimstocht.

Deze beklimming van de Cebreiro valt nogal mee. Er is weinig wind en dat scheelt een hele slok op de borrel. Onderweg zien we een plaatsnaambord “Pereje”. Een of andere snoodaard heeft de “J” doorstreept en veranderd in een “X”, waarbij we vermoeden dat niet iedereen hier blij is dat ze naar Madrid moeten luisteren.

We hebben vandaag niet veel kilometers meer te doen, een 45 in totaal maar dat komt omdat het moeilijker en moeilijker wordt om een albergue via internet te reserveren: ofwel zijn ze volzet ofwel hebben ze nog maar plaats voor 1 persoon. Daarom moeten we de tocht in andere, wat kleinere stukjes kappen maar we rekenen er toch op om binnen 4 dagen voor de kathedraal te staan. Maar die kleinere stukjes laten ons aan de andere kant dan weer wel toe om ten volle te genieten van de natuur die zich in alle schoonheid aan ons voorstelt, en we komen hier toch ook niet alle dagen dus zeggen we “carpe diem” en we plukken de dagen zoals ze zich aan ons aanbieden.

Komen we daar in een onooglijk klein dorp en horen we van ver knallen als van een kanon en een fanfare die slechts 20 noten op haar repertoire heeft staan ... en daar komt ineens een processie voorbij, met pastoor en alles erop en eraan zoals vroeger bij ons. Jan legt ons uit dat bij hem thuis in Londerzeel en Malderen ook nog steeds zulke processies gebeuren ... voor uw reporter was het alleszins meer dan 50 jaar geleden dat hij nog een processie gezien had in de straten.

De camino zit vol verassingen. Een jongedame houdt ons tegen en vraagt, in het engels, of wij iets bij hebben om een band te plakken. Ja dat hebben wij maar waar is de fiets? Een beetje verder staat een andere vrouw met een kinderwagen. De band van haar voiture is defect. Beide dames hebben mekaar hier op de tocht leren kennen en trekken nu met mekaar verder op. De juffrouw die ons aansprak noemt Agneska spreekt engels en komt uit Kroatië. Degene met de defecte band, Edna, is een zwarte Parisienne met haar baby en zij spreekt, hoe kan het anders, vloeiend Frans. Uw reporters pompje heeft een andere aansluiting dan de kinderwagen, en we zitten even met de handen in het haar. Maar onze Paul heeft misschien de oplossing ... hij heeft zo een spuitbusje bij waar je een defecte band mee kan herstellen en dat heeft de juiste aansluiting. OK maar hoeveel moet je daar van inspuiten? Ja, juist, veel meer dan nodig dus. We prutsen en doen maar we krijgen de buitenband niet deftig meer op de velg. Ondanks alles blijft Edna ons heel dankbaar voor de geboden hulp. En ineens komt daar zoals in een echte Griekse tragedie de “deus ex machina” aangereden op zijn moto ... hij heeft een albergue 3 km terug en zegt dat hij het zaakje wel kan herstellen. Hij begrijpt ineens ook dat Edna met haar kleine baby geen 3 km terug wil lopen en zegt haar te wachten ... hij gaat naar huis en zal dadelijk terugkeren. Wij gaan door onder 1.000 bedankjes voor de bereidwilligheid om proberen ge helpen en Edna geeft haar mail-adres zodat we de foto’s die we genomen hebben van het gebeuren zouden kunnen opsturen. Zo gezegd zo gedaan en we fietsen verder.

Een goede 5 km verder komen we aan in onze herberg. paul en ikzelf zitten op het terras en net op het moment dat we de foto’s aan het doorsturen zijn komen daar Edna, haar baby Coeur en Agneska aangewandeld ... alles is weer terug in orde. Zo zie je maar, dat is ook een. van de hele leuke momenten van zo een pelgrimstocht 😀 Onze albergue is in Las Herreria en noemt Casa do Ferreiro. Een oude herberg met een mooie moderne achterbouw met verschillende perfect, behoorlijk luxueuze kamers. Heel toffe en gastvrije ontvangst, we hebben in Spanje nog niet anders gehad. 

Casa do Ferreiro in Las Herreria

Dag 42 Een dag vol verassingen

Dag 41 Rabanal de Camino - Ponferrada

39  (2.226) km - Gemiddeld 13,8 km/h

Echte vriendschap gaat samen met de vrijheid om te vragen, te zeggen, te doen en te zijn.

Vandaag is het dag 41, volgens goed Christelijke gewoonte is dat het einde van de vastenperiode ... dus vanaf vandaag mogen we terug gewoon eten ... dame blanche á volonté en zo ... mmhhh ... maar spijtig genoeg kennen ze dat niet in Spanje ... cultuurbarbaren ;-) dus gaan we maar verder met de pelgrimsmenu’s in de albergues. We verlaten onze herberg “La Casona de Rabanal Oca” zonder afscheid te hebben kunnen nemen van onze vriendelijke uitbaters Alba en Rafaelo. Alba heeft een vrije dag en Rafaelo , waarmee die bezig is dat weten we niet maar ... we rijden Rabanal de Camino niet uit zonder eerst onze desayuno, ontbijt in het Vlaams, te nuttigen in restaurant El Tesin met de bijzonder sympathieke ober waar we gisteren ook ons avondmaal genuttigd hebben. El Tesin ... dat hebben we van Alba vernomen, wordt uitgebaat door haar ouders en zo leren we dus de hele familie kennen. En ja hoor, ook de papa is een vrolijke zwanzer. De ochtend is fris maar een mooie blauwe, zonnige hemel lacht ons tegemoet, en Paul staat buiten reeds volledig gepakt en gezakt  op ons te wachten en naar de zwaluwen te kijken die het zwerk opvrolijken met hun druk over en weer gefladder.

We vertrekken voor een klim van ongeveer 9 km aan 4% met af en toe stukken van 6 tot 8%. De krachtige wind die frontaal op ons blaast is zeker ook nog goed voor 1 of 2 procentjes meer. We moeten onze windstoppers wel aanhouden want het is nog behoorlijk fris. Deze klim ‘s ochtends direct na het ontbijt met koude benen aanvatten valt niet helemaal mee maar het duurt gelukkig niet al te lang voordat onze spiertjes opgewarmd zijn. Op de top, op 1.504 meter hoogte bereiken we dan Cruz de Ferro. Aan dit Cruz de Ferro laten pelgrims naar gewoonte een steen achter die ze van thuis uit gedurende heel de camino in hun bagage meegedragen hebben. Deze steen symboliseert de rugzak, of de last die je in het leven draagt of gedragen hebt en die je hier aan het kruis definitief achterlaat. Paul en Jan deponeren hun steen boven bij het kruis. Uw reporter bevestigt aan het kruis een van de pins die hij van onze overleden vriend Paul De Decker gekregen heeft. Zoals helemaal in het begin van deze blog reeds vermeld wilde Paul zo graag nog éénmaal de tocht naar Santiago maken maar zijn ziekte en zijn overlijden hebben daar anders over beslist. Als eerbetoon laten we een van zijn pins, je zag Paul nooit zonder Santiago-pin op de revers van zijn vest, hier achter op de houten paal aan het kruis. Ja, dit Cruz de Ferro is wel een heel symbolisch punt op de camino. En dan vatten we de afdaling aan. De uitbater van onze laatste albergue had ons verwittigd om zeker heel voorzichtig te zijn, en inderdaad, naast de weg staan ook borden die aanmanen om op te letten. Deze afdaling is inderdaad wel best gevaarlijk: 15 km lang met heel steile afdalingen van 10 tot 12%. Bovendien is de weg niet in optimale staat om snelheid te halen. Dus rijden we heel voorzichtig met de remmen toe. We zijn blij dat we de beklimming niet langs deze kant moeten maken. Zo zie je maar ... “elk nadeel heb zijn voordeel” zei Johan Cruijf zaliger. Maar mensen, wat een prachtige vergezichten hier ... wow in deze afdaling krijgen we de allermooiste berglandschappen te zien van de hele reis! Na een verfrissing in een caminodorpje gaan we voort met de afdaling die toch gezien de moeilijkheidsgraad best vermoeiend is. Je hebt met deze slechte weg en steile stukken 200% aandacht nodig. Als we al een groot deel afgedaald zijn is het al heel wat warmer dan daarboven op de top. Onder een middeleeuwse brug, de Puente de los peregrinos, over de Rio Meruelo zonnebaden en verfrissen vermoeide peregrinos zich in het ijskoude water van de rivier. Deze middeleeuwse brug mondt uit in een straatdorp dat zoals gewoonlijk bestaat uit alleen maar winkeltjes en bars voor de vermoeide pelgrim. Ja de tocht naar Compostela is een hele commerce heden ten dage.

We komen vrij vroeg in Ponferrada aan maar omdat we gisteren 90 km gefietst hebben en we volgens onze planning sowieso in dit stadje wilden verblijven besluiten we dat het goed is voor vandaag. Voor we naar onze herberg gaan willen we als goede pelgrim eerst even langs de basiliek om deze te bekijken. De kerk heet met de volledige naam “Basilica Santa Maria Virgen de la encina”. We kruisen toevallig het pad van de pastoor die ons heel graag een stempel geeft en zo bereidwillig is om het hele verhaal achter de maagd van de steeneik (encina in het Spaans) uit de doeken te doen. We worden meegeleid naar een bureau waar geen enkele kat haar jongen terugvindt en daar begint de man zijn verhaal. Hij legt het uit in het Spaans, heel langzaam, bijzonder goed articulerend waarbij hij alle elementen van zijn verhaal met veel bravoure op een briefje verduidelijkt, of althans probeert te verduidelijken want aan het eind hebben wij er, ondanks onze geconcentreerde aandacht voor woord en tekening, geen snars van begrepen. Het heeft allemaal te maken met de maagd Maria uiteraard, een pelgrim uit het jaar 600, een kruis dat, door wie dat hebben we niet begrepen, op de schouders van Astorga naar Ponferrada gedragen werd, een steeneik die door iets of iemand geplant is we weten niet hoe en/of waar, en in het jaar 1.000 een beeld van de Heiige Maagd dat uit de stam van de eik gesneden is en dat nu boven het tabernakel staat. Wat al deze elementen met elkaar verbindt dat hebben we niet begrepen. Hij of zij die dat wel kan uitleggen mag het ons melden en dan krijgt die in ruil een eervolle vermelding op onze blog en op zijn/haar gezondheid zullen wij met plezier een Cava’tje drinken als we in Compostela zijn. En wij die dachten nu alles over de gotische en romaanse bouwstijl te kennen na het bezoek aan al die religieuze gebouwen tijdens onze tocht zitten er natuurlijk weer dik naast. Dit is helemaal niks romaans señor verbetert de pastoor, deze basiliek is veel en veel later gebouwd, en hups, daar staan we weer met beide voetjes op de grond,

Dag 41 De klim naar Cruz de Fero op 1.504 meter

Dag 40 León - Rabanal del Camino

92 (2.187) km - Gemiddeld 13,5 km/h

Of je nu snel of langzaam gaat, de weg voor je blijft steeds dezelfde - Chinees gezegde

Vanaf vandaag vatten we het laatste deel van onze tocht tot Santiago aan. Er is een beetje stress in ‘t kot want we vinden in of rond Astorga, ons reisdoel van vandaag geen enkel hotel aan aanvaardbare prijzen. In de albergues die qua prijs wel in aanmerking komen neemt niemand de telefoon op ... bizar maar het zij zo. En dan kijken we door het raam naar buiten ... regen “todo el dia” zegt onze hospita ... onze dag begint goed. Maar toch een lichtpuntje: onze Paul vindt op de valreep toch een betaalbaar hotelletje, al is het een 20 km verder dan gepland. Ach dat nemen we er dan maar bij, de glimlach van onze gastvrouw maakt veel goed, en een mooi Vlaams spreekwoord zegt dat er na regen altijd zonneschijn komt. Dus kop op, ruggen gerecht, regenjasje aan en hup, on the road again. Terwijl we wachten tot alle fietsen opgeladen zijn kijkt Paul eens naar buiten en hij ziet in de verte blauwe lucht ... wat een heerlijk positief ingestelde man toch die Paul ! En ja hoor, Jan neemt zoals gewoonlijk een beetje meer tijd dan de supergeorganiseerde heren Luc en Paul en daardoor is het ondertussen effectief gestopt met regenen. Als we vertrekken is de grond nog behoorlijk nat en het is nog kil maar onze regenjasjes die kunnen we wel uitlaten. We zijn nog maar juist buiten León en daar komen de heuveltjes weer lekker aanzetten, dat waren we even niet meer gewoon. In het eerste dorp stoppen we bij het gemeentehuis om een stempel te halen ... grote paniek alom ... Paul vind zijn credential niet ... hij heeft gisteren avond zijn rugzakje uitgeladen en hij weet helemaal niet meer waar hij zijn stempelboekje gestoken heeft ... we helpen om zijn fietszakken uit te laden en te zoeken maar als je nerveus bent dan vindt ge natuurlijk helemaal niets meer terug ... enfin voorlopig dan maar een stempel laten zetten op een wit blad, we kunnen de stempel nog altijd inplakken als we het boekje teruggevonden hebben. Een paar kilometer verder ontmoeten we een Vlaamse man en zijn 14-jarige dochter Eliza. Tom woont in Hoboken en werkt aan de UA in Antwerpen. Ze hebben de auto geparkeerd in León en zijn vandaar vertrokken op gehuurde fietsen. Ze gaan tot Compostela en dan rijden ze met de trein weer terug om hun auto op te halen. We volgen de gewoonlijke procedure: kennismaken, foto’tje, wat bijbabbelen en dan vervolgen we weer ieder onze eigen weg. Ondertussen blijft het in Paul zijn hoofd zinderen over die verloren credential. Hij staat op het punt om zijn dochter Joke te bellen (zij spreekt vloeiend Spaans) en haar te vragen naar de albergue in León te telefoneren, dan kunnen ze het verloren gewaande document weer opsturen ... ja maar naar waar moeten ze dat opsturen? ... We besluiten om rustig te blijven en seffens bij een bar te stoppen en dan samen alles uit te laden en na te kijken. Als we niets vinden kunnen we nog altijd naar Joke bellen ... en zo doen we ... en ja hoor, de credential komt te voorschijn maar niet uit de fietszakken van Paul maar ... in het rugzakje van Jan. Oef, eind goed al goed zoals het oude Vlaamse spreekwoord zegt, we kunnen rustig weer verder. En Paul die zich nu weer helemaal op zijn gemak voelt begint na 5 minuten weer te babbelen als een vrolijke ekster. In de verte zien we recht voor ons de bergen weer opdoemen. De lucht is te ijl om jullie mee te laten genieten met foto’s maar in onze hoofden doemt het spook van de bergen weer op. Ach de soep wordt nooit zo heet gegeten als ze wordt opgediend dus we maken ons verder geen zorgen. Tom en Eliza kruisen regelmatig ons pad. Ook zo voor het dorpje Hospital de Orbigo waar we weer over een middeleeuwse brug over de Rio Orbigo fietsen. Ook dit is zo weer een plaats waar verschillende pelgrims mekaars pad kruisen. Als we het dorp uitrijden zijn ze weer allemaal weg ... niets meer te zien van peregrinos. We fietsen nu door tot Astorga. Als de heuvels ons vandaag niet komen pesten dan is daar ineens Aeolus, god van de wind, die zijn turbines wijd open en ze uit volle kracht frontaal in onze richting laat blazen. Ik dacht dat die kerel een Griek was? Wat komt die hier in Spanje ons dan ineens het leven zuur maken? pfff geef mij dan toch nog maar eens een bergje of zo. Om 16h komen we in Astorga aan, nog een goeie 20km te gaan tot ons einddoel van vandaag, Rabanal del Camino ... bekt in ieder geval al lekker weg.

In Astorga rijden we nog even langs het bisschoppelijk paleis dat ook door Gaudi ontworpen is. Met alle respect voor Antoni Gaudi maar dit gebouw lijkt er een beetje op dat het neergezet is met de overschot van de stenen en van torentjes die ze nog over hadden van de Casa Botines in León. We blijven er dan ook niet lang bij stilstaan. Onderweg komen we nog wat hop-aanplantingen tegen. En wij die dachten dat dat Vlaams gastronomisch erfgoed was.

Die laatste 20 km zijn best wel pittig. De aanlopers naar de bergen van de komende dagen komen onze Griek bijstaan om het ons op het laatst nog even moeilijk te maken. Wat voor zeveraars zijn dat zeg die heren Bergmans en Aeolus.

Die laatste 20 km hebben toch nog 2,5 uur in beslag genomen maar het voordeel is dat we morgen nu weer heel wat minder lang moeten klimmen. We komen moe maar tevreden aan bij onze gastvrouw Alba. Heel leuke en vriendelijke ontvangst. We besluiten uit erkentelijkheid voor hun dienstbaarheid ook gebruik te maken van het restaurant dat ze benevens deze albergue uitbaten iets verder in het dorp. Dat laatste hebben we ons niet beklaagd : voorgerecht, hoifdgerecht, dessert, wijn en ern carajillo als afsluiter aan 12€ per persoon, en een service die we nooit zullen vergeten ... zulke fijne mensen ... wow chapeau Alba en medewerkers 👍🏻👍🏻👍🏻

Afsluiten van een geweldige avond in restaurant El Tesin

Dag 40 Verslag van een vermoeiende dag

Yes we hangen aan de wall of fames in onze albergue Thomas de Canterburry 👍🏻

Dag 39 Snipperdag in León deel 2

 

Het belangrijkste doel is het nu - Leo Tolstoj

Propere jongens als we zijn starten we onze dag bij de wasmachines. We willen de zware klimpartijen die ons de volgende dagen nog te wachten staan als nette heren aanvangen. Onze hospita helpt ons daar een beetje bij en maant ons aan om maar naar de stad te vertrekken. Zij zal de droogkast wel in- en uitladen straks. OK muchos gracias seniora, vamos mannen.

We starten onze 2de dag met een bezoek aan het museum Casa   Botines dat we gisteren maar gedeeltelijk konden bezoeken omdat op woensdag enkel geleide bezoeken mogelijk waren met eentalig Spaanse gidsen. Het gebouw is een ontwerp van de Catalaanse architect Gaudi.

We staan op het plein voor het museum te wachten tot het opengaat en wie komen we daar toch niet tegen zeker ... ons paardenmeisje Alicia uit Latem (zie verslag van enkele dagen terug), dit keer zonder paard maar met de papa en de mama erbij. Hun paard hebben ze in de manège op rust gestald en zijzelf brengen ook een bezoek aan León en dit museum.

Antoni Plàcid Gaudi, Catalaan is geboren in 1852 en overleden bij een tram-ongeval in 1926. Hij ligt begraven in de crypte van zijn eigen Sagrada Família in Barcelona. Bij zijn diploma-uitreiking in 1878 zei de directeur Elie Rogent: "He aprobado a un loco o a un genio", Ik heb een dwaas of een genie laten slagen. Casa Botines, een gebouw met trapeziumvormig grondplan werd in 10 maanden door Gaudi gebouwd in opdracht van 3 zakenlui in León (één van hen was de Catalaanse zakenman Joan Homs Botinàs die overleed voor de realisatie van het gebouw in 1893) In 1994 startte de renovatie van het geklasseerde gebouw dat na de dood van Gaudi behoorlijk verkommerde. De man zou volgens sommige bronnen zijn projecten nooit met grote wiskundige zekerheid berekenen. Er wordt gezegd dat hij veel  met maquettes werkte die niet steeds aan de bouwkundige realiteit voldeden. Misschien een van de redenen dat het gebouw op 100 jaar tijd  behoorlijk verkommerde? Het huis is een wirwar van kamertjes, smalle gangetjes, torentjes en in elk kamertje vinden we oneindig veel deuren. Als het kot hier in brand staat begin er dan maar eens aan om de uitgang te vinden. Dit museum gaat een beetje over de casa Botines zelf maar vooral over het hele oeuvre van Gaudi waaronder uiteraard zijn master piece de Sagrada Familia in Barcelona. Knap evenwicht tussen het tentoonstellen van bewaarde stukken uit zijn tijd, afgewisseld met mooie audiovisuele presentaties. We hebben de indruk, en we denken dat we er niet ver naast zitten, dat onzen Antoni, of zoals ene gekende Westvlaamse boerenfamilie vroeger zou  gezegd hebben ”ons Antonieke”, naast architect toch ook en  vooral kunstenaar was, en wat voor een ... wow geen gewone hoor die Antoni Placíd Gaudi, die mag mijne living ook eens komen decoreren hoor. De 3de verdieping is gewijd aan schilderijen en kunstwerken van allerlei aard, waarvan we, met enige zin voor overdrijving en ironie, een beetje vermoeden dat ze die ergens gratis bijgekregen hebben en hier plaatsten om de boel wat op te vullen. Dat laatste is natuurlijk niet geheel juist maar uw reporter heeft het gevoel dat deze tentoonstelling toch niet helemaal past in het geheel.

We slenteren nog wat rond in de stad, nuttigen een aperitief met een tapa’tje, zoals echte pelgrims betaamt die de gelofte van armoede afgelegd hebben, en  even later zien we aan onze bushalte de paardenwagen van Alicia langs de straat staan met 2 boetes onder de ruitenwisser, niet direct de mooiste souvenir aan deze stad.

Na de siësta, ja hoor we beginnen te leven zoals de echte Spanjaarden, tussen 14h en 17h is er hier niets maar dan ook niets te beleven, nemen we nog even de bus naar het centrum en pikken we nog even een museumpje mee, namelijk het “cripta arqueológica de puerta obispo”. Als het museum even interessant is als de moeilijkheidsgraad van het uitspreken van haar naam dan staan we er goed voor. En ja hoor, de hoop stenen die we te zien krijgen onder de grond van het pleintje voor de kathedraal duidt op aanwezigheid van de vroegere Romeinse overheersing. Enkele pancartes geven ons wat uitleg over het leven van de Romeinen  o.a. zoals dat ze al verwarmde baden hadden en dat ze in de latrines gelijk de Chinezen allemaal naast mekaar zaten om hun verteerde etensresten weer te elimineren. Dat laatste hebben we zelf niet in de praktijk kunnen uittesten, we zullen de archeologen dus maar op hun woord geloven. Besluit ... het was gratis en het museumbezoek duurde korter dan het uitspreken van de naam, daarom gecatalogeerd als OK om het toch even mee te pikken. De Spanjaarden dachten vermoedelijk hetzelfde als wij en ze hebben er dus hun kathedraal maar gewoon bovenop gebouwd.

We bezoeken, een heel eind buiten de oude stad, nog even de kerk San Marcos die nu gedeeltelijk als (gratis) museum ingericht is en deels toch ook nog gebruikt wordt voor erediensten. Aansluitend aan de kerk is een klooster dat momenteel in restauratiefase is. In de late jaren 1800 wilde men deze gebouwen afbreken om plaats te maken voor uitbreiding van de stad maar daar hebben ze dan toch maar van afgezien. Voor een cultuurbarbaar zoals uw reporter zegt dit museum misschien niet heel veel maar het zou alleszins toch zonde zijn als het gebouw er niet meer zou geweest zijn, als was het al maar omwille. van de prachtige buitenkant. Uit wat we geleerd hebben uit alle eerdere bezoeken weten we dat dit duidelijk een gebouw is in romaanse bouwstijl: kleine ramen, geblokt gebouwd, lage gewelven en ronde bogen.Op het mooie grote plein voor het gebouw staat een monument van een pelgrim en de bronzen plaat die voor zijn voeten ligt geeft met pijlen de richting van de camino frances en de camino San Salvador aan. We zijn toch weer best tevreden dat we ook dit weer gezien hebben. Die eerste, de camino frances, volgen we vanaf morgen weer verder op onze fietstocht naar Compostela.

We nuttigen onze laatste maaltijd onder de bescherming van de kathedraal met een typisch Spaanse maaltijd in een leuke pizzeria. Daar hadden we nu al lang eens zin in.

Hoewel er in León meer te bezichtigen is dan in Burgos en Pamplona vinden we toch dat ons bezoek aan Burgos wat aangenamer was. León geeft meer de indruk van de grootstad en lijkt een pak afstandelijker, koeler, minder warm dan Burgos en Pamplona maar uiteraard zijn we heel tevreden dat we besloten hebben om ook deze stop te maken. Morgen trekken we weer verder. De volgende dagen zullen weer heel spannend worden met enkele lange en zware beklimmingen waarvan de eerste berg ons naar Cruz de Ferro zal leiden op 1504 meter hoogte.

 

Dag 39 Tweede snipperdag in León

Onze lieve hospita Rosi en wij in León

Dag 38 Rondsnuisteren in León

Stop als het tijd is om halt te houden - Boeddhistische wijsheid

Paul heeft gisteren getrakteerd met een fles Cava om zijn 43ste huwelijksverjaardag te vieren. Dit was een heel speciaal moment  op deze tocht en Jan en Luc vonden dit een heel moedig gebaar en heel respectvol naar zijn vrouw Karin toe die nu een jaar geleden overleed en die eigenlijk ook de reden is waarom we onze sponsoringactie voor huis  Perrekes opgezet hebben. Zonder Karin zouden we Perrekes nooit gekend hebben.

Ondertussen zijn we eruit, we blijven 2 dagen in León. Straks met de bus naar het centrum want onze albergue ligt op een 4 km van de oude stad verwijderd. Voor 1,20 € neem je hier een supermoderne bus en ben je er direct, voor dat geld kan je het niet laten.

Voor we het vergeten willen we toch ook nog maar eens even zeggen wat voor een lieve schat onze hospita Rosi is, altijd met een brede lach, gedienstig, ze bedankt ons om de 5 minuten met een glimlach en een gracias als zij ons weer eens bediend heeft met fruitsap aan het ontbijt, met uitleg over het een en het ander, en noem maar op, terwijl wij het zijn die dankbaar moeten wezen omdat we hier als koningen, koning-pelgrim zeg maar, worden ontvangen 😀😖😀.

We zijn nog geen 5 minuten in de oude stad en daar is hem weer, onze Cid  een beetje gelijk de generaals De Gaulle en Gambetta in Frankrijk, en we hebben ineens gevonden waar hij woonde, in de Calle El Cid dus.

Uiteraard, we zouden anders geen goede peregrinos zijn, starten we met een bezoek aan de kathedraal Santa Maria. Bij de inkom zien we dat stalen petrels hier en daar toch wat versteviging moeten bieden aan de oude structuren. Het is een kathedraal uit de 2de helft van de 13de eeuw in gotische stijl. De gotiek kenmerkt zich door de spitsbogen die het gebruik van ribben in de hoge gewelven toeliet waardoor  hoger en lichter en met grotere glaspartijen kon gebouwd worden dan bij de zware romaanse  structuren waarbij veel dikkere muren en meer steunberen nodig waren dan in de periode daarvoor. De romaanse kerken hadden ook veel kleinere ramen, dat kon niet anders en zijn binnenin dan ook veel donkerder dan de gotische kerken. Omdat de kathedraal van León amper in 50 jaar gebouwd werd is er een grote eenheid in de stijl van de afwerking. Indrukwekkende entree naar het middenschip en zoals het hoort in de kathedralen van die omvang zien we ook verschillende kapellen. Deze kathedraal lijkt wel wat minder indrukwekkend, of anders gezegd minder in grootsheid dan deze van Burgos en Chartres, ook in gotische stijl en onze 2 favorieten tot nu toe tijdens deze pelgrimstocht. Toch weer een pareltje aan het firmament van  het katholieke patrimonium. Last but not least, met de bouw van deze gotische Spaanse kathedralen werd gestart na de reconquista, of in het Vlaams de herovering van Spanje op de Moren. Zonder onze Cid zou het met andere woorden noppes geweest zijn ... ik begin toch meer en meer respect te krijgen voor die ferme kerel met zijn lange baard ... ik scheer de mijne vanaf nu ook nooit meer af 😉

We lopen nadien snel effe binnen in de basilico de San Isidoro en wat constateren we? Inderdaad, het Hollands ventje van de audiofoon in de kathedraal had gelijk, deze basiliek in romaanse stijl is veel minder hoog dan onze Santa Maria, heeft dikkere muren en kleinere vensters en is behoorlijk minder elegant ook. Om 19h vanavond doen ze wel een speciale mis voor Peregrinos,

We brengen een bezoek aan het Romeins museum. Die hebben in Spanje gelogeerd tot het jaar 500 na Christus. Het museum leert ons hoe georganiseerd die gasten  wel waren, heel wat anders dan die brute Moren die een paar honderd jaar later hun plaats innamen. Die technische en structurele superioriteit maakte dat zij heel Spanje en grote delen van Europa konden veroveren. Dit museum leert ons hoe die mannen dat allemaal konden  waarmaken. Ferme kerels, nu begrijpen we al heel wat beter waarom Bart de Wever heel de dag door Latijn spreekt.

Het is middag en we drinken er eentje onder een luifel en er vallen wat lichte regendruppels iit de lucht.

Het Gaudi museum is vandaag alleen toegankelijk voor geleide bezoeken, in het Spaans weliswaar, dus we besluiten dan maar wijselijk om morgen terug te keren. Vandaag slenteren we gewoon wat rond en snuffelen  we wat in het rond en af en toe stoppen we eens voor een natje en een droogje.

Om 19h gaan we naar de misa para peregrinos in de romaanse basilica San Isodoro. Na de mis krijgen we de pelgrimszegen en zingen we samen met de voorganger en al de andere aanwezige pelgrims het pelgrimslied. Nadien ontvangen we een stempel in ons stempelboekje. We verwonderen ons er toch een beetje over dat er nog zo veel gelovigen de eredienst bijwonen in Spanje en dat er ook nog mensen effectief in de biechtstoel bij de priester te biechten gaan terwijl dat laatste bij ons toch helemaal in onbruik geraakt is.

Na de mis stappen we een restaurant nabij de Plaza Mayor  binnen waar de ober zich bijzonder druk maakt over de ondeugdelijke gewoonte dat wij in België graag eerst een aperitief drinken en dan nog even verder op de menukaart willen kiezen wat we  daarna zouden willen eten. Nee hoor, 2 minuten nadat we rustig op onze derrière zitten wil hij dat we alles ineens bestellen en liefst NÚ direct en sofort por favor. We are not in Belgica. Enfin we willen geen ambras en doen dan maar wat hij vraagt.

Pelgrimslied na de misa para peregrinos

Dag 38 Dagje León

Dag 37 Sahagun - León

66 (2.095) km - Gemiddeld 15,8 km/h

We verlaten Sahagun langs de grote stadspoort en de ooievaar wuift ons uit - waar gebeurd verhaal 6 aug 2019

Vandaag is Paul 43 jaar gehuwd en we staan er goed voor want hij beloofd ons een traktatie vanavond 😀

We zijn nog maar juist onderweg en daar kruisen we een mooie jonge amazone. Ze is van Gent en geboren in  Deurle Sint Martens Latem. Het restaurant ”Schuttershof”, vroeger een gastronomische pleisterplaats bij uitstek, van uw reporters lieve schoonzus Frie heeft ze echter nooit gekend, daarvoor is ze juist wat te jong. Ze is vertrokken in Bordeaux en wordt begeleid door haar ouders die de trailer en de bagage meenemen en alle dagen uitzoeken voor een manège en slaapplaats. Dagelijks legt ze met haar paard 25-30 km af. Even een babbel, enkele foto’s en we vervolgen weer ieder onze eigen route.

Het wandelpad voor de stappers loopt nu heel de tijd naast onze weg en de pelgrims kruisen nu meer en meer ons pad. De ijskreem vliegt nu echt rond onze oren : Ola, Ola, Ola van hier en Ola van daar, Ola van overal. Vele stappers zeggen ook niets, ze luisteren geconcentreerd naar Adèle, Angèle en andere songsingers en ze zijn door de luidsprekers in hun oren hermetisch afgesloten van de buitenwereld. Velen verlaten het kiezelpad en lopen langs de grote weg om hun voeten wat te sparen. 

In de dorpen waar de camino van de stappers doorloopt is het een en al commerciële bedrijvigheid: op 20 huizen is er 1 kerk, 1 gemeentehuis, 8 albergues en 10 bars. Een beetje overdreven, het is maar om een aan te geven hoe de camino ook werkgelegenheid verschaft aan de lokale bevolking.

Onderweg zit in het portaal van een piepklein parochiekerkje een lieve juffrouw wat verscholen die ons een stempel geeft in ons boekje. Uw reporter houdt op de trappen van het altaar een kort moment van stilte voor al onze volgers en achterblijvers in België.

Een paar kilometer verder slaan we wat bananen in op een lokaal marktje. Wat een enorme bedrijvigheid in zo’n klein dorpje.

De boeren in deze regio gebruiken nog irrigatiesystemen á l’ancienne: via een uitgestrekt , kilometers lang systeem van aquaducten worden de akkers voorzien van het hoognodige water waar zij zo verlangend naar snakken. Ondanks deze inspanningen zien we toch hele velden waar de gekweekte groenten slap hangen of waar de zonnebloemen gewoon weigeren om op te schieten.

Naarmate we Leoń naderen krijgt de omgeving rondom  ons toch weer terug wat meer kleur. Het groen doet deugd aan onze ogen.

Vooraleer we de stad gaan binnenrijden doen we nog een laatste ”quality time” halte in de lokale bar Estrella Galicia, en, omdat Paul zo beminnelijk lacht naar het mooie meisje achter de bar, krijgen we prompt een schoteltje tapa’tjes aangeboden, zo maar gratis en voor niks. Ook de liefde van de pelgrim gaat een beetje door de maag hoor 😉

Onze Albergue Thomas de Canterburry ligt wat in de buitenwijken van de stad maar er is een bus die naar het oude centrum op 3 km afstand rijdt. We worden ontvangen door een hele vriendelijke dame. Rosie neemt ruim de tijd om ons rond te leiden in de mooie, beetje antiek ingerichte herberg. We hebben een kamer met 4 bedden maar mogen die gebruiken voor ons 3 😀. En wanneer we een pintje bestellen dan krijgen we er met een brede glimlach wat kaas en chorizo gratis bij.

Morgen blijven we sowieso een dag plakken in León, of misschien 2, dat hangt ervan af of we de kamer nog een dag extra mogen houden en uiteraard of we goesting hebben, dat besluiten we straks of morgen. 

Dag 37 met aankomst in León

Onze albergue in Sahagun

Wanneer wij opstaan om 7h30 is de slaapzaal leeg : alle stappers zijn al vroeg vertrokken

Dag 36 Castrojeriz - Sahagun

 86 (2.029) km - Gemiddeld 16,7 km/h

In elke mens schuilt de zon. Je hoeft ze alleen maair te laten schijnen - Socrates

We worden wakker in een lege slaapkamer ... de stappers zijn zoals gewoonlijk al vroeg vertrokken. Aan de ontbijttafel vinden we om 7h15 toch nog een paar andere ’’langslapers’’, het is maar hoe je het wil uitdrukken als je om 6h moet opstaan, en om 8h staan we klaar om te vertrekken. Paul wil zijn helm opzetten en vindt daar een briefje en 10€ voor huis Perrekes in, geschonken door onze Trump-gezinde Amerikanen die gisteren man’s beleid in alle toonaarden met hand en tand verdedigd hebben. De eega van de man zegde ons gisteren dat er in de US geen enkele voorziening bestaat voor Alzheimer patiënten. Donald heeft dan toch iets over het hoofd gezien blijkbaar. Maar om een lang verhaal kort te maken zie je toch maar, ... een grote mond en een klein hartje. Heel mooi gebaar van onze gepensioneerde Vietnam-veteraan en zijn vrouwtje.

Onderweg komen we nog enkele van onze tafelgenoten van deze ochtend tegen onder andere onze linke man uit beek, euh we bedoelen onze man uit Linkebeek ... bonne route, buen camino en we gaan weer ieder onze eigen weg.

Al snel komen we in een andere provincie, namelijk Palencia (niet te verwarren met Valencia), een provincie in de regio Castilië y Leon en na 15 km stoppen we om mekaar te feliciteren en de hand te schudden en een trio-selfie’tje te schieten ... nog exact 500 km naar Santiago 👍🏻.

Na een rustpauze in Fromista rijden we door en de kilometers malen lekker door. Lange rechte wegen in deze Meseta hoogvlakte, licht heuvelend tot meestal vlak.  De camino van de stappers ligt meestal op een apart kiezelpad naast onze weg en er worden weer heel wat ola’s en buen camino’s uitgewisseld. we weten nu heus wel hoe we dat woord moeten uitspreken 😉

Toch is deze Meseta hoogvlakte behoorlijk saai, kilometers rechte wegen zonder bochten, vlakke en saaie landschappen zonder kleur,  rode aarde vol grote keien, heel veel zon op onze kop en amper schaduw. We begrijpen dat de stappers, die ons in de boekskes  voor de start van onze eigen camino hierover berichtten , deze Meseta niet helemaal in hun hart dragen.

Na 50 km moeten we verschillende kilometers over een kiezelpad waar uw reporter, gelet op zijn lekke band van gisteren, niet echt van houdt ... en als een oase in de woestijn is er daar ineens in the middle of nowhere een bizarre bar, de ’’Oasis del peregrino’’ bar. We eten daar een bocadillo met worstjes die door een beetje bizarre uitbater op een vieze BBQ gebakken worden ... maar toch lekker hoor.

Vóór het kiezelpad haalden we een gemiddelde snelheid van 18,5 km/h. Na de grindweg valt dit terug naar 16,5. Dat vinden we toch nog altijd best OK 👍🏻.

Zo, buikje gevuld, kelen gespoeld en de benen uitgerust. Het is 13h15 ... we zetten ons weer in gang. Het kiezelpad zal uiteindelijk 12 km aanhouden. Nadien besluiten onze banden in algemeen overleg dat het beter is om zoveel mogelijk de geasfalteerde banen te volgen en de grindpaden te vermijden en wij gaan daar alledrie volmondig mee akkoord.

En zo bollen we verder op de hoogvlakte. Even later komen we langs het dorpje ”Santa Maria de las tiendas”. Wat de heilige maagd Maria in die tiendas (Spaans voor winkels) zoal allemaal verkoopt daar hebben we het raden naar.

Even later zien we een kerkje te midden van niemandsland ... niks, geen huizen, geen ziel te bespeuren, in het midden van de tarwevelden maar toch een kerkje. Hier moet de verantwoordelijke ambtenaar van ruimtelijke ordening toch een klein foutje gemaakt hebben 😉

Omstreeks 17 uur komen we aan in alberge Domus Viatoris. We worden hartelijk onthaald en krijgen een privé-kamer voor 12 € per persoon. Onze fietsen krijgen een aparte, afgesloten fietsenstalling terwijl El Cid Campeador vanop zijn standbeeld over hen waakt. (zie laatste fragment van de dagvideo).

We zitten nu in de provincie Leoń en eten aan 12 € voor de menu, jawel hoor, water én wijn inclusief en Voor-, hoofdgerecht en dessert 😀😀 ... en de kok en de ober, die kijken tussen de verschillende plats gewoon effe naar de TV 😉

 

 

Tussen de verschillende plats kijken ober en kok effe naar TV

Dag 36 Nog eens wat kilometerkes gefietst

Dag 35 Burgos - Castrojeriz

51 (1.943) km - Gemiddeld  14,5km/h

Geef je benen rust, maar ook je hart - Afrikaans gezegde

Na een culturele rustpauze verlaten we de stad die we met heel veel goesting 3 dagen verkend hebben. We zetten ons langzaam weer in gang en kijken uit naar nieuwe avonturen.

Na het ontbijt passeer ik even langs wat vermoedelijk het allerkleinste toilet ter wereld moet zijn, el baño más pequeño del mundo, 86 op 86 cm. Er is geen slot op de deur, de knieën vormen een anatomisch slot waardoor zeker niemand binnen kan ... hopelijk kan ik seffens ook nog buiten 😉

Bij het begin van de rit vinden we alledrie dat we terug goede benen hebben na deze stop in Burgos ... tot 5 km verder een eerste heuveltje ons direct weer met beide voeten op de grond zet. Enfin, we fietsen de volgende dagen richting Meseta central, een zeer uitgestrekt plateau op 600 meter hoogte, en plateau betekent in onze ogen nog steeds (redelijk) plat. daar kijken we verlangend naar uit.

Een sportieve kerel die ons wil voorbij fietsen, hoe durft hij de  snoodaard, ziet het Belgisch vlaggetje op de bagagedrager van Paul en gaat in gesprek. We stoppen even. Komt die man toch wel van Mol zeker ... en hup, onze Paul is weer vertrokken ... vanwaar zijde gij in Mol enz. enz. ... . Michel, zo noemt hij, is op zijn eentje, zijn vrouw is met de dochter naar Oostenrijk, vertrokken in Mol en fietst via Santiago naar Porto. Omdat hij een groentenzaak uitbaat heeft hij maar 1 maand verlof en moet hij de zaak klaren in een dikke maand. Michel is een supersportieve vent, amper 😉 61 jaar, en voorzien van een strak lijf en ferm gespierde billen. Enfin je ziet maar, zo doet iedereen zijn eigen camino. We  schieten even  een groepsfoto en nemen afscheid want Michel moet vandaag nog 100 km afwerken.

Wat verder fietsen we over een kiezelweg en na 20 km hebben we het zitten ... uw reporter heeft platte band. Daar is de vloekende pelgrim weer ... enfin na een uur prutsen met die maguraremmen en zo is de klus geklaard. Een minuscuul vlijmscherp kiezelsteentje was de oorzaak van alle ellende. We kunnen weer op weg.

Wat op en neer fietsen maar redelijk vlak toch. Erika houdt haar heuveltjes in bedwang op deze hoogvlakte. De Spanjaarden zeggen over deze Meseta hoogvlakte dat het ’’9 maanden winter en 3 maanden hel’’ is. De temperatuur om te fietsen valt nog mee, een 30 graden, voor de stappers is het misschien erger, zo onbeschut in de volle zon. Er is weinig groen, en als het er is dan heeft het platte kleuren. We zien hier alleen tarwe en hier en daar een plukje zonnebloemen. Verder zien we enorm veel stenen in en op de grond. De boeren halen ze zoals de obussen in de Vlaamse polders uit de aarde en gooien ze op grote hopen bij mekaar. En af en toe staan er toch wat bomen naast de weg, dat zorgt dan toch ook voor enige verkoeling.

Enkele kilometers voor we ons doel voor vandaag bereiken passeren we nog de ruïnes van een oude kloostergemeenschap, convento San Antón, en de weg loopt dwars door die ruïnes. En er is er ook nog een slimmerik die op het geniale gedacht gekomen is om in die ruïnes nog een Albergo te maken ook, heel speciaal toch wel.

En juist voor we ons dorp van bestemming binnenrijden steekt er ons nog een auto voorbij. Een halve kilometer verder staat er een man die ons een stempel wil geven en we mogen zelfs nog een donativo meenemen uit een mandje dat hij ons ’’vrijwillig’’ voorhoudt. En nadat hij ons voor een euro of 6 in de zak gezet heeft verdwijnt hij in een auto’tje achter de hoek en ja hoor dat is hetzelfde auto’tje dat ons daarjuist voorbij gestoken was.

Op een ferme bergtop aan de rand van het dorp bemerken we nog een ruïne van een oude tempeliersburcht. Waar vonden ze het toch uit die Spanjaarden om het zo hoog te gaan zoeken waar geen mens bij kan.

Onze alberge is in het dorp gelegen. Hele vriendelijke ontvangst, eenvoudig en net ingericht, verschillende sanitaire ruimtes, een luchtige zitplaats in de schaduw. Avondeten om 19h aan 9€ en ontbijt aan 3€ per persoon. Onze eerste indrukken zijn heel positief. En als welkom krijgen we een fris stuk meloen aangeboden. Top 😀

Het avondmaal nemen we in internationaal gezelschap : een Belg uit Linkebeek, een Duitser, een Francaise, een Portugees, een Spanjaard en een Amerikaan en zijn eega. Die laatste heeft een militaire carrière achter de rug en heeft oa. in Vietnam gediend. We gaan jullie niet proberen uit te leggen hoe hij over Donald Trump denkt : als synthese van zijn verhaal geef ik jullie één ding mee van wat hij allemaal zegde ‘’... DT made America great again ... etc. blablabla ...’’ 

 

Avondmaal in Albergue Rosalia in internationaal gezelschap

Dag 35 Weer op gang

El baño más pequeño del mundo

Er is geen video geplaaatst

Caminante No Hay Camino

Lied van Joan Manuel Serrat

(Ook voor fietsers uiteraard)

Alles gaat voorbij en alles blijft, maar wij moeten doorgaan doorgaan met maken van wegen wegen op de zee

Ik heb nooit de glorie nagestreefd Noch mijn lied achtergelaten in het geheugen van de mensen Ik hou van de fijnzinnige werelden gewichtloos en lief als zeepbellen

Ik zie graag hoe ze, opgemaakt door de zon en het zand vliegen door de blauwe lucht ze worden door elkaar geschud en ze verbranden

Ik heb nooit de glorie nagestreefd Wandelaar (fietser), jou voetstappen (sporen) zijn de weg en niets meer Wandelaar (fietser) er is geen weg, de weg wordt gemaakt door het lopen Stappend (rijdend) wordt het pad gemaakt En als je omkijkt zie je het pad niet Het moet opnieuw belopen (bereden) worden . Wandelaar (fietser) er is geen weg, alleen het kielzog in de zee

Ooit werd op die plaats waar vandaag de bossen bekleed zijn met doornen de stem van de dichter gehoord die riep: Wandelaar (fietser) er is geen weg, de weg wordt gemaakt door het lopen (rijden) slag na slag, vers na vers stierf de dichter ver van huis bedekt door het stof van een buurland terwijl hij wegging zagen ze hem huilen Wandelaar (fietser) er is geen weg, de weg wordt gemaakt door het lopen (rijden) slag na slag, vers na vers

Wanneer de distelvink niet kan zingen Wanneer de dichter een pelgrim is Wanneer het nutteloos is om te bidden Wandelaar (fietser) er is geen weg, de weg wordt gemaakt door het lopen (rijden) slag na slag, vers na vers en slag na slag, vers na vers en slag na slag, vers na vers

Caminante no hay Camino - Joan Manual Serrat

Dag 34 Citytrippen in Burgos - deel 3

Van tijd tot tijd moeten we een pauze inlassen, en wachten tot onze ziel ons ingehaald heeft -  Indiaanse wijsheid

Na het lekkere ontbijt en een toiletbezoek (dat overigens geheel volgens de stricte regels van het Zen-boeddhisme verloopt - zie video in bijlage) maken we ons op voor onze laatste dag in Burgos.

We starten de dag met een wandeling naar het Monasterio de la Santa Maria real de las Huelgas, waar momenteel nog steeds Cisterciënzer zusters verblijven en waar tevens moeder Pilar Ruiz, de huidige abdis-generaal van de orde, haar verblijf heeft. De koninklijke abdij werd gesticht door koning Alfons VIII van Castilië en zijn vrouw Eleonora van Engeland. Koningin Leonor verkreeg het pauselijke privilege van paus Clemens III, zodat de abdis enkel aan de paus verantwoording moest afleggen. Hierdoor kende de abdij veregaande autonomie. Alfonso liet verschillende leden bijzetten in een koninklijk pantheon. 

Bij het binnenkomen worden we gescreend alsof we allemaal Moorse terroristen zouden kunnen zijn, en nu de Cid er niet meer is moeten ze hun voorzorgen nemen toch?😉. We krijgen een rondleiding in een afgerateld ééntalig Spaans waar we alweer geen iota van begrijpen. We krijgen bovendien  10 maal te horen dat het binnen ab-so-luut verboden is om foto’s te nemen en deze keer spreken ze wél Engels, en om dat alles kracht bij te zetten loopt er de hele tijd een security achter ons gat om er toch maar zeker van te zijn dat geen enkele snoodaard stiekem toch een foto’tje zou nemen van de graven van onze Fons en zijn familie. We schieten dus snel enkele beelden van de buitenkant en van de binnentuin en besluiten dus maar om onze ogen het werk te laten doen. Besluit: een heel mooi monasterium, mooie kapellen, prachtige retabels, graftomben van Fons lll en Leonie en zijn gehele familie (waaronder eentje van een baby die amper 1 jaar geworden is), mooie binnentuinen, en ja hoor, toch bemerken we enkele elementen uit de Islamitische cultuur: enkele muuropeningen in de vorm van een sleutelgat en pleisterwerk aan de plafonds van sommige gaanderijen zoals we zien in Mohammedaanse paleizen ... hebben de Moren ook hier hun neus in Cisteriënzische zaken gestoken? En bij het einde van het bezoek is onze gids ineens in alle stilte verdwenen langs een of ander zijdeurtje ... zou ze zich  dan toch een beetje schuldug voelen omdat wij geen foto’s mochten nemen 😉? Al bij al een heel mooi monasterium, de moeite waard om bezocht te hebben.

Onze laatste culturele activiteit in de stad Burgos bestaat uit een bezoek aan het Museo de Burgos. We staan een kwartier aan de klink te trekken tot we ons realiseren dat, zoals bij de meeste musea hier, de ingang niet is waar de bordjes hangen maar dat we helemaal rond  het gebouw moeten lopen om toegang tot het gebouw te krijgen. Heel mooi museum dat vooral gewijd is aan schilderkunst door de eeuwen heen. Ze waren vroeger wel heel inventief als het ging over martelen van zowel gelovigen als ongelovigen ... er zijn in naam van zowel het geloof als van het ongeloof heel wat lijven doorspiesd, buiken  opengesneden, koppen afgesneden en dies meer ... creatieve mannekes die folteraars. Vooral Johannes de doper zijn hoofd zien we meermaals rollen. De man moet veel hoofen gehad hebben want zowel in Rome, Amiens, Damascus, Jeruzalem en Istanbul beweren ze zijn hoofd in bezit te hebben. Tijdens de martelingen zie je op de achtergrond dikwijls een rijkelijk gedekte feestdis, ge moet maar goesting hebben. Uiteraard zien we ook nog andere mooie  onderwerpen aan bod komen en uiteraard ... wie zien we in de laatste zaal staan? Juist, daar is hij weer ... onze goeie ouwe Cid, zij het dan wel een kleine reproductie van het standbeeld op de plaza del Cid een paar straten verder.

Morgen springen we weer op onze stalen rossen en gaan we weer wat verder richting Santiago de Compostela, maar we zijn het  er alledrie over eens dat deze 3 dagen Burgos zeker de moeite waard waren.

Capilla y Hospital de peregrinos

Museo de Burgos

Heb je een probleem? Hier repareert Jezus al uw spullen

Monasterio de la Santa Maria real de las Huelgas

Zen-boeddhistisch toiletbezoek na het ontbijt 😉

Dag 33 Citytrippen in Burgos - deel 2

Ik ben dol op dat anonieme gevoel in een stad waar ik nog nooit ben geweest.” – Bill Bryson

Hoe kunnen we de dag beter beginnen dan met een bezoek aan het standbeeld van onze vriend Rodrigo Díaz de Vivar, beter gekend als El Cid. Zonder hem zouden onze dames vandaag misschien nog in boerka  lopen en zouden de mooi klinkende klokken in al die prachtige kerken en kathedralen die we op onze pelgrimstocht ontmoet hebben vandaag verstomd gezwegen hebben. Op zijn eentje alleen al zou hij meer dan 300 Moren gedood hebben. Logisch dus dat grote sportlui zoals wij met enige bewondering kijken naar ons gelijke die ons hoog vanop zijn sokkel triomfantelijk toejuicht. Zijn eega en zijn neef krijgen een ereplaatsje op de brug over de Arlanzón rivier die Burgos doorkruist.

We bezoeken het Museo de la evolutión. Bijzonder boeiend,  prachtig ingericht, hypermodern en leerrijk museum over alle aspecten van het ontstaan en de evolutie van ons menselijk bestaan. Absolute aanrader bij een citytrip naar Burgos. Gelet op de beperkte middelen die hij ter beschikking had mogen we besluiten dat de heer Darwin echt wel een grote mijnheer was. Wat die allemaal gevonden heeft zonder hulp van Wikipedia ... ferm hoor, wij doen het hem niet na 👍🏻. En als we deze plaats verlaten stellen we ons de vraag wat of wie zal komen als de mens als soort uitgestorven zal zijn?

We willen nog vanalles bezoeken maar de nada het is 14h en alles is gesloten tot 17h. Alle Spanjaarden liggen in hun bed dus wij doen hetzelfde ... naar ons terras, een glas wijn en een paar tapas en hup ne ferme siësta tot alles weer open is. Slaapwel en tot straks 👍🏻

Na onze siësta bezoeken we het monasterium van San Pedro de Cardeña. De abdij is gebouwd door de Benedictijnen in de 9de eeuw maar alle 200 paters werden later door de Moren vermoord. Maar dankzij onze grote held El Cid die alle Moorse indringers persoonlijk een kopje kleiner gemaakt heeft kon de abdij later weer opgebouwd worden. Onze vriend en zijn vrouwtje Jimena werden hier in een zijkapel trouwens oorspronkelijk opgebaard net als vele van zijn familieleden die in de nissen in de zijwanden  van de kapel begraven zijn. Later werden El Campeador en zijn geliefde overgebracht naar de kathedraal van Burgos. En net terwijl ik hier over onze grote held rapporteer stopt onze taxi onder zijn standbeeld aan de Arlazón rivier. Napoleon en zijn snoodaards soldaten hebben later nog de neuzen van de Cid en zijn eega alsook van alle andere gebeeldhouwde hoofden op hun graftombe afgekapt. Later  hebben zich Cisterciënzer paters in het monasterio gevestigd en  aangezien ook paters trappisten officieel behoren tot deze orde van de Cisterciënzers drinken ze hier nu ook van het lekkere gelijknamige, zij het wel lokaal gebrouwen, trappistenbier. De pater-gids toont ons trots het grote vesper zangboek dat in Westmalle voor hen gedrukt werd. Als souvenir koopt uw reporter nog een flesje van het lokale trappistenbier dat hij later thuis zal opdrinken als herinnering aan deze interessante namiddag 👍🏻.

Monasterio de San Pedro de Cardeña

De familie Campeador : El Cid, zijn vrouwtje Jimena en zijn neefje

Museo de la evolución humana

Museo de la evolución: zoek de echte pelgrim 😉

Dag 32 Citytrippen in Burgos - deel 1

Men moet de dingen de tijd gunnen zich aan ons voor te stellen, en dingen zijn nooit gehaast. - Libert Vander Kerken

We blijven nu 3 dagen in Burgos. Tijd om onze pezen een beetje te laten rusten en van een mooie stad te genieten.

We starten de dag door samen met de stad langzaam te ontwaken. De desayuno, het ontbijt, nemen we, zoals zovele Spanjaarden, in een lokale bar hier in de buurt. Als eerste werk bestuderen we de lijst met interessante to do’s en to see’s die broer van uw reporter Marc  gisterenavond nog heeft doorgemaild en nadien wippen we even het bureau voor toerisme binnen.

We vervolgen onze weg naar de kathedraal. Iedereen zijn stempelboekje mee? Nee dus ... terug naar ons monasterium de noces en dan vliegen we er echt in ... op weg naar de gotische kathedraal Sancta Maria die gebouwd werd tussen 1221 en 1567 in opdracht van Ferdinand lll van Castilië. De arme man heeft de volledig afgewerkte kerk nooit zelf kunnen bewonderen. Vooraleer Fernand kon beginnen moest eerst de kerk in romaanse stijl verdwijnen, kerk die door de toenmalige koning geschonken werd aan de bisschop, vraag me geen namen aub, en die ondermeer moest dienen om het huwelijk van man’s dochter te celebreren.

De huidige kathedraal is in één woord impressionant! Rondom het centrale schip zijn helemaal rond vele mooie kapellen gebouwd in verschillende bouwstijlen, met details van romaanse, gotische, barok en rococo elementen. Vele Franse maar ook Vlaamse kunstenaars hebben meegewerkt aan de realisatie van de verschillende kapellen die in de loop van de jaren in de kerk gebouwd werden. Er zijn Vlaamse elementen weer te vinden in schilderijen en grafstenen maar zeker ook in somige retabels. Antwerpen was blijkbaar in de 15de en de 16de eeuw het centrum van de bouw  en de export van altaarstukken. In het centrale schip vinden we ook de grafsteen van El Cid die een belangrijke rol gespeeld heeft in de strijd tegen de Moren. Deze kathedraal is, na Chartres, daar zijn we het alledrie over eens, een van de mooiste die we reeds gezien hebben.

Nadien willen we wat inkopen doen zoals kaas, een worstje, witte wijn enz. ... nu we een terrasje met ijskast hebben kunnen we straks eens de goedkope pelgrim uithangen en thuis aperitieven. Dus wij op zoek naar een supermarkt ... ‘’Donde es un supermercado cerca por favor?’’ ... Ah, niet ver seniores, amper 5 minuutjes lopen ... en als ge dat zo 5 keer na mekaar vraagt omdat de supermarkt die er zou moeten zijn niet te vinden is dan zijt ge rap een uur aan ’t stappen 😉. Enfin, we vinden uiteindelijk alles wat we nodig hebben en gaan thuis alles in de frigo stoppen. Was het al maar straks, dan konden we al een aperitiefje nemen 🍸

Na de aanvulling van onze fourage brengen we een bezoek aan de ruïnes van het kasteel op de heuvel van San Miguel. De juiste bouwdatum is niet bekend maar archeologen vermoeden dat het castillo uit de 9de eeuw stamt en gebouwd werd door de Moren. Het staat 75 m boven de stad en 981 m boven de zeespiegel. Van daaruit heb je een geweldig overzicht over de stad en de kathedraal. Napoleon bezette het kasteel in 1808 en verschafte zich zo toegang tot Centraal-Spanje. Engelse en Portugese troepen onder bevel van Wellington hielpen tijdens de Spaanse onafhankelijksoorlog om het kasteel in 1812 te heroveren en de Fransen bliezen bij hun aftocht de boel op met explosieven waardoor nu alleen nog de ruïnes overblijven die herinneren aan een woelig verleden.

We brengen nog snel een bezoekje aan het museum met retabels en we krijgen als peregrino weerom een ferme korting plus een stempel en  daar bovenop nog een bereidwillige uitleg van 10 minuten in het Spaans waar we geen snars van begrijpen 😉

En nu gaan we onze pelgrim-magen vullen met hopelijk heel lekkere Spaanse lekkernijen.

Adios en hasta mañana. 🍸🧁🍷🎂

Bezoek aan Castillo de San Miguel

Bezoek aan de kathedraal Santa Maria

Ontmoeting met een collega pelgrim

Burgos Plaza Mayor

Dag 31 Van Ciruena naar Burgos

Dag 31 Ciruena - Burgos

78 (1.892) km - Gemiddeld 14,5 km/h

We zetten onze wekker deze morgen op 6h want we hebben geen zin om ruzie te maken met ’’the special one from Ciruena’’ omdat we te laat aan tafel zouden komen voor ontbijt. Dus wij zijn goed op tijd wakker en we zijn al vroeg bezig met ons klaar te maken en in te pakken. Nicola heeft de kamer naast ons en slaapt nog (Cathy was deze morgen reeds voor 6h vertrokken). Komt daar ineens onze Pedro Maria de trap opgestormd en hij klopt op Nicola’s deur en nog voor zij kan antwoorden staat hij in haar slaapkamer en roept hij met megafoon-luide stem en in gebrekkig Spaans-Engels ’’ Breakfest !!!!!’’ Die arme Nicola springt tegen het plafond van het verschieten en is behoorlijk geshockeerd door de verschijning van een ongenode vent in haar slaapkamer. Aan het ontbijt kan ze rekenen op de steun van 3 oude mannen die haar vader zouden kunnen zijn 😉. Nadien vliegt hij onze kamer binnen en doet de rolluik naar boven, schuift de gordijn opzij en zet de venster wagewijd open terwijl het buiten amper 9 graden is en hup hij verdwijnt weer even snel als hij gekomen is terwijl hij op de trap nog eens luidkeels ’’ breakfest !!!!!’’ buldert.

Wij alledrie samen met Nicola zo rap als we kunnen naar de ontbijtkamer. En na een karig pelgrimsontbijt proberen we er met ons 4 zo snel mogelijk van onder te muizen 😉. Juist voor we vertrekken wil ik mijn drinkbussen vullen met water van de kraan maar dat is in tegenstelling van alles anders in dit huis niet ijskoud maar lauw. Ik vraag het vriendelijk aan onze man maar hij roept ’’es frio’’ terwijl hij de kraan helemaal opendraait en het water bijna via mijn onderbroek in mijn schoenen spetst. Allee we vertrekken ruim voor 8h uit dit bizarre oord en terwijl het nog ijskoud is springen we goed ingeduffeld op onze fietsen richting Burgos waar we 3 dagen gaan blijven om wat te rusten en te citytrippen.

Onze eerste stop is het stadje Santo Domingo de la Calzada. We willen de kathedraal bezoeken om te zien hoe de vork nu in de steel zit met dat kieken en die haan die daar in de kerk zouden zitten maar omdat we nog bevrozen zijn van de ochtendkou gaan we eerst in de lokale bar een koffie drinken en een bocadillo met ei en ham eten ... en of dat het smaakt ... mmmh. Om 9h bezoeken we de kathedraal en halen er onze pelgrimsstempel van vandaag. Prachtige kathedraal en ja hoor dat van die kip en die haan is helemaal waar. In een kot op 5m hoogte zitten ze op stok.

Legende van de haan en de kip in de kathedraal van Santo Domingo de la Calzada : Een Duits echtpaar was met hun zoon onderweg naar Santiago de Compostela. Ze overnachtten in de plaatselijke herberg. De herbergiersdochter probeerde de jongen te verleiden, maar die ging er niet op in. Uit wraak verstopte ze een zilveren beker in zijn bagage, en gaf hem aan bij de plaatselijke rechter. Deze veroordeelde hem prompt tot de doodstraf. Diep verdrietig vervolgden de ouders hun pelgrimstocht. Toen zij maanden later op de terugweg het graf van hun zoon aandeden, bleek deze levend en wel voor hen te staan. Sint Dominicus had zijn hand onder de voet van de gehangen jongen gehouden en hem aldus in leven gehouden. Overgelukkig gingen ze naar de rechter om hem het heuglijke nieuws te melden. Ze troffen hem juist op het moment dat hij aan tafel een lekker bord met gebraden gevogelte voor zich had staan. Hij aanhoorde het stel en reageerde laconiek: “Nou, meneer, mevrouw, uw zoon is net zo dood als dit haantje en kippetje op mijn bord. Waarop de beide dieren tot leven kwamen en het op een luid kukelen en kakelen zetten! De herbergiersdochter moest nu de straf ondergaan die zij de jongen uit Duitsland had toegedacht. Ter herinnering aan dit wonder verblijven er sindsdien altijd een levende haan en kip in de kathedraal.

We besluiten om zo snel mogelijk naar Burgos te rijden en we fietsen dus bijna 60 km langs de pokkedrukke Nationale baan waar een strook van een 80 cm vrijgehouden is voor fietsers maar de camions razen ons in dolle vaart tegen megasnelheden voorbij. Meestal gaan ze wel goed naar links rijden maar soms komen ze toch vervaarlijk dicht bij ons. Onderweg kruisen we behoorlijk wat stappende pelgrims die op een eigen traject lopen naast de drukke baan.

We nemen enkele stops om wat bij te komen van het lawaai en de drukte van de grote baan. En telkens we terug op pad zijn kruisen we elke keer weer dezelfde Italiaan die te voet naast zijn fiets loopt. We vragen of we hem kunnen helpen met een technisch probleem of zo maar nee hoor, hij heeft gewoon zeer aan zijn poepenol en hij moet nog helemaal naar Santiago de sukkelaar. De man is nog maar amper vertrokken uit Saint Jean Pied de Port en zijn achterste is al naar de vaantjes. Wij zijn toch straffe kerels he 😉.

In Burgos komen we aan in een oud pelgrimshotel. Op het eerste lijkt het wat een vervallen boel maar nee hoor, alles valt heel goed mee. Propere en ruime kamer,  ruim terras met een grote ijskast en last but not least, een jongedame die ons supervriendelijk ontvangt en de weg wijst. Het lijkt dat het vroeger een soort van klooster  of zo moet geweest zijn.

Juist voor we in Burgos aankomen zien we een bord naast de weg waarop staat ’’Burgos tierrad del Cid’’. Daar willen we ook weer eens wat meer van weten.

Wie was El Cid : Rodrigo Díaz de Vivar leefde nabij Burgos. 1040 (Valencia) - 1099 Hij was een Spaanse ridder , beter bekend onder zijn bijnaam El Cid Campeador of kortweg El Cid. Cid is de Spaanse verbastering van ‘’sayyid’’ (Arabisch voor 'heer'). Beide titels getuigen van respect van zowel Moorse als christelijke kant. El Cid is dan ook een bekende Spaanse nationale held en de belichaming van ridderlijkheid en over El Cid doen veel verhalen de ronde, niet altijd is duidelijk welke waar zijn en welke verzinsel, maar dat de ridder ook al bij leven een figuur was die tot de verbeelding sprak wordt er wel door geïllustreerd. Ook blijkt uit de verhalen dat El Cid klaarblijkelijk een meester was in de psychologische oorlogvoering en het bluffen. Een verhaal luidt: El Cid moest met 1000 cavaleristen (ridders dus) door een gevaarlijke bergpas nabij Zaragoza. Veel van de Spaanse ridders waren gesneuveld in een hinderlaag door Moorse boogschutters. Maar El Cid en zijn 400 overgebleven ridders stormden op hun vijanden af en versloegen 300 Moorse boogschutters. Toen bleek dat er bij de Moorse boogschutters nog 3000 hulptroepen te voet waren. De Spaanse ridders maakten hen bijna allemaal af en de overlevenden vluchtten. Men beweerde dat El Cid in zijn eentje meer dan 300 Moren doodde. De legende over de dood van El Cid is bijna zeker fictief maar wel aangrijpend. Dodelijk gewond na de eerste dag van een beslissende slag wordt hij bij de hervatting van de slag op de tweede dag vastgebonden op zijn paard. Dit werd gedaan om de soldaten niet te ontmoedigen. Als de dood gewaande maar blijkbaar onkwetsbare El Cid op zijn schimmel op hen afrijdt onder het gejuich van zijn soldaten slaan de vijanden op de vlucht. Wat kun je anders doen voor iemand die niet gedood kan worden. Vermoedelijk stierf El Cid in zijn bed een natuurlijke dood. Zijn lichaam werd na zijn dood door zijn geliefde weduwe Jimena overgebracht naar de Kathedraal van Burgos waar zijn lichaam naast het hare rust.

Zo en nu gaan we er ene pakken op de Plaza Mayor onder het standbeeld van Carlos lll die we kennen van de gelijknamige Spaanse cognac. Schol en tot morgen. 🍸🍸🍸

Good morning Belgium. We maken ons op voor dag 30

Dag 30 Logroño - Ciruena

58 (1.814) km - Gemiddeld 12,8 km/h

De wijsheid van het leven bestaat uit het uitschakelen van onbelangrijke dingen - gezegde uit China

Vandaag  hebben we geleerd dat je geen pelgrim bent omdat je naar Santiago  vertrekt maar dat je een beetje bij een keer pelgrim wordt onderweg naar  Compostela. We fietsen kleine dagafstanden en daardoor hebben we tijd om  even stil te blijven staan bij de vele  dingen die we op onze weg tegenkomen : een mooie kerk, ontmoetingen met andere pelgrims, even met hen op de foto, een leuke babbel, de prachtige landschappen onderweg, en noem maar.

We vertrekken ‘s morgens en lopen eerst even binnen bij een winkel om een batterijtje te kopen voor de fietscomputer van Jan. We willen nog een ander batterijtje kopen als reserve en we moeten niets betalen omdat we pelgrims zijn. Daarna even langs de fietswinkel omdat Paul een vijs verloren heeft (van zijn fiets he, begrijp me niet verkeerd) en ook dat is zo geregeld. Nog even de banden van onze fietsen laten oppompen en ook dat is zo geregeld. We krijgen alledrie nog een extra drinkbus van de winkelier en weer moeten we niets betalen. We krijgen een ’’buen camino’’ mee en hoeps, weg zijn wij. Pelgrim zijn heeft zo zijn voordelen 😃

De eerste 12 km fietsen we, net als in Pamplona, door een heel mooi en uitgestrekt natuurgebied. De Spanjaarden besteden in hun steden blijkbaar heel veel aandacht aan groen in de steden. We ontmoeten 2 Amerikaanse meisjes, Robbie en Shey, waarmee we ’s ochtends al een leuke babbel hadden, onderweg weer terug en we nemen even tijd om samen op de foto te gaan. Buen camino en we gaan ieder weer onze eigen weg. Die ochtend worden er heel wat buen camino’s, ola’s, buenos dias, hello’s, bonne route’s enz. uitgewisseld met de vele pelgrims en niet pelgrims die we vandaag zullen tegenkomen. Ja, vanaf nu kan je niet meer naast de andere pelgrims naastkijken. 

We volgen een hele tijd hetzelfde grind-kiezelpad dan de stappers en dat pad stijgt op zeker moment wel heel steil ... kleinste versnelling, op de tanden bijten en duwen maar ... en op 100 m van de top staat er dan een groot kruis alsof onze Lieve Heer nog even wil meegeven dat wat jij nu hebt meegemaakt maar niets is in vergelijking met dat van hem. Pfff, zuchten en blazen maar we zijn er toch maar opgeraakt. 😃

Een beetje verder lacht een grote zwarte stier, zoals die wanneer je Spanje binnenrijdt langs de autostrade, ons van hoog op de heuvel toe.

Verder op de route rijden we langs smalle, steile steegjes het dorpje Navarrete binnen. Ook dat is een kruisingsplaats waar pelgrims elkaar weer ontmoeten. De renaissance kerk Santa Maria van tussen 1553 en 1645 is ronduit impressionant,  helemaal in het teken van de camino en de pelgrim. Als ik de kerk binnenkom is het er pikdonker. Je ziet enkel de gouden schittering van het retabel en het wierookvat dat in het midden van de kerk aan het plafond hangt. Ze worden minimaal verlicht door het beetje licht dat vanuit de enkele kleine glasramen naar binnen sijpelt. De vloer van de kerk is volledig in hout. Achteraan hangt een op hout geschilderd triptiek van een Brugse schilder Ambrosius Benson uit 1540 (het is een copy want het origineel wordt bewaard in de sachristie). En, er staat ook een tafel waar je een stempel kan halen voor je stempelboekje als bewijs dat je de kerk bezocht hebt.

We drinken een koffie en wie komen we daar toch niet tegen zeker, Juist, onze vriend Wolfgang uit Wuppertaal, die reeds een paar keer eerder ons pad gekruist heeft. Even weer wat bijbabbelen en we gaan weer ieder onze eigen weg. Wolfgang ziet er trouwens veel beter uit dan enkele dagen geleden toen  hij de dag ervoren 40 km gestapt had.

Juist buiten Navarrete komen we aan het kerkhof. De poort behoorde voorheen aan het 12de eeuwse  ziekenhuis San Juan de Acre vooraleer ze naar hier werd overgebracht.

Op 20 km van ons einddoel bemerken we in de akkers een kegelvormige hut, een beetje zoals een soort van spitse iglo. Dat trekt onze aandacht en we gaan eens op inspectie. We vermoeden dat het een soort van schuiloord is dat destijds door herders gebruikt werd maar zeker zijn we er ook niet van. Internet brengt ook geen soelaas. Maar Paul’s dochter Eva stuurt ons later op de avond nog een website door met foto’s en al en daarin worden deze herdershutten benoemd als ’’bories’’. Zo, dat weten we dan ook weer. 😀

En dan komen we aan bij onze pelgrimsherberg voor vanavond. Een kleine herberg en buiten ons logeren er nog 2 dames. De uitbater Pedro Maria, een artiest, ook een beetje kok en ook nog herberguitbater legt ons, een beetje als een mislukte komiek in Spaans met 3 woorden Engels op krachtige manier uit wat de regels hier zijn : eten om 18h30, niet vroeger en niet later, proper gewassen en gedoucht zijn voor we aan tafel komen, morgen ontbijt om 7h15 en om 8 uur vliegt iedereen buiten. De maaltijd is wel lekker, een salade met heerlijk brood en om te drinken water of witte wijn, en tijdens de maaltijd mooie muziek van Mozart, Schubert en Beethoven. Dat alles krijgen we voor 22 euro per persoon. Een hele speciale ervaring die kerel met zijn herberg. 

Tijdens de maaltijd maken we kennis met de 2 dames. Nicola is Duitse en Cathy komt uit Liverpool. Ze zijn beiden aan hun voetreis begonnen vanuit Saint Jean Pied de Port.  Nicola had een helse busrit achter de rug om vanuit Duitsland in Saint Jean te geraken. Cathy is wel heel speciaal. Zij spreekt geen woord en als ze zich niet kan uitdrukken met gebaren dan schrijft ze het op in een boekje. Zo legt ze uit dat ze thuis lerares in mathematics is. Als we vragen hoe ze les kan geven als ze niet praat dan legt ze uit dat ze al zoveel moet praten en dat ze altijd al eens een grote stilte wilde inlassen tijdens haar leven en de camino is volgens haar daarvoor het geschikte moment. Wanneer we uitleggen over onze tocht en over huis Perrekes en  over ons sponsoringproject dan legt ze onmiddellijk 10 € op tafel. 

Morgen zal het vermoedelijk een lange tocht worden. We gaan proberen Burgos te bereiken.

Slaapwel lieve lezers. Het is 22h30 en morgen vliegen we hier om 8 uur met onze klikken en klakken op straat 😉

Dag 30 Een boeiende dag met cultuur en ontmoetingen

Dag 29 Estella - Logroño

51 (1.756) km - Gemiddelde 14,2 km/h - Max 52,2 km/h

Het kan niet alle dagen feest zijn, daarom vandaag geen spreuk of wijsheid van de dag. De dag is wijs genoeg van zichzelf.

We starten de dag met een karig ontbijt dat we nuttigen op de leuk met rood-witte toile cirée tafellakens in de hostal in Estella.

De eerste 5 km van de route is het het licht klimmen maar met nog niet opgewarmde spieren is dat behoorlijk lastig. Daarom besluiten we om maar eens effe binnen te wippen in het monasterium van Irache. Die is natuurlijk niet te bezichtigen maar het museum van de gelijknamige wijngaard is wel open en dus springen we daar maar eens binnen. Leuk museumpje waar we de enorme vaten van 12.500 liter en de reservas van 1933 en van 1940 kunnen bewonderen. We drinken er (ik) een koffie en (Jan en Paul) een Aquarius. De vriendelijke uitbater van de bodega drukt er ons op dat we uiterst voorzichtig moeten zijn voor gauwdieven. De politie heeft zojuist een bende geklist die voor 300.000 € zouden gestolen hebben van pelgrims op de camino. Komt daar ook een groep aan van 30 man met racefietsen en met bagagetransport en alles erop en eraan. Ze zijn vertrokken in Leuven en fietsen op 15 dagen naar Santiago. Die mannen hebben natuurlijk geen tijd om iets te bezichtigen onderweg maar allee ieder zijn goesting he 😉. Maar het ergste is dat die gasten uit de kempen komen 😉 en onze Paul die uit Rijkevorsel en Kasterlee komt is natuurlijk met geen stokken weg te slagen van die mannen. Enfin, uiteindelijk krijgen we hem op zijn fiets en weg zijn we ... al 2 uur onderweg en al 5 km gefietst. We moeten een tandje bijsteken.

In Los Arcos stoppen we ook even bij de Alberge Municipal ’’Isaac Santiago’’ die gerund wordt door vrijwilligers van het Vlaams Genootschap. We maken kennis met Caroline en Dirk, een koppel uit Diksmuide, die de volgende weken de keet daar open houden. Een leuke babbel en wat uitwisselen van gedachten over de Camino. Dirk maakt een foto van ons drie voor de muurschildering met het portret van Geraldo, een spaanse pelgrim die de herberg in 1994 oprichtte. Dirk blijft maar babbelen en babbelen en Caroline wordt een beetje zenuwachtig want er zit al een hoop pelgrims te wachten om zich te kunnen inschrijven. Een hartelijk afscheid en hup, we zijn weer weg.

Het wordt weer warmer en warmer en in Viana, een dorpje dat in 1219 gebouwd werd, doen we en terrasje en ... wie komen we daar tegen ... Wolfgang uit Wuppertal die we een paar dagen eerder ontmoet hebben in een eerdere alberge. We drinken er samen ene en babbelen wat bij. Wolfgang ziet er erg moe uit. Hij heeft gisteren 40 km gestapt en dat kam je hem aanzien. En dan is hij weer weg ... ja, de ontmoetingen zijn soms heel hartelijk, maar dikwijl sook kortstondig en voortvluchtig.

We zetten ons weer in beweging voor de laatste 10 km naar Logrono. Hoewel het vandaag maar 50 km was vonden we het toch een pittige tocht. Paul haalde eerder deze week de ’’heuveltjes van Erika’’ aan maar ik moet zeggen dat die Erika wel voorzien is van ferme heuveltjes hoor ... 5 km voor ons einddoel moesten we zelfs alle drie even van de fiets wegens te steil ... of was het misschien te moe ... wie zal het zeggen.

En juist voor we op onze bestemming komen hebben we misschien wel dé verassing van de dag ... we  ontmoeten een groep van meerdere tientallen pyrenese gieren. Wonderbaarlijk ... 😳😃

Al bij al een mooie dag vandaag. Leuke ontmoetingen, lekkere uitdagingen voor onze spiertjes en, alvorens in te checken voor onze alberge van vanavond drinken we nog een cerveza sin alcohol vergezeld van een paar lekkere tapas.

We zie naast druivenranken vandaag ook al her en der wat olijfgaarden op onze weg.We zitten nu op  de grens van de provincies Alava en Rioja. Laat de lekkere wijntjes maar aanrukken 😃

 

Dag 29 Een vermoeiende maar boeiende fietsdag

Na een karige pelgrimsmaaltijd vervolgen we onze weg

Dag 28 Pamplona - Estella

60 (1.705) km - Gemiddeld 14,0 km/h

We vinden onze bestemming op de weg die we inslaan om haar te vermijden. - David Richo

We vertrekken onder een beetje miezerig, regenachtig weer. Het is wat kil en we trekken toch een truitje aan om te vertrekken, uiteraard niet zonder ontbijt genoten te hebben in het cafe om de hoek: een overheerlijke tortilla, een croissant, stokbrood, fruitsap en een cafe con leche. 

Voila, daar gaan we dan. We voelen direct dat de rustdag en de oesters van gisteren avond een groot deel van onze opgespaarde endorphines verbruikt hebben en dat voelen we tijdens het eerste klimmetje van 15% 😩. We starten dan maar rustig aan om onze energetische voorraden weer bij te tanken.

Het gaat rustig op en neer, rustig zeker bij het omhoog rijden 😉, maar na elke klim is er dan de beloning van het dalen.

Na een 30-tal km komen we in Puente la Reina, zo genoemd naar de brug over de Arga  die in de 12de eeuw door een of andere koningin gebouwd werd omdat er bij het oversteken van de rivier teveel pelgrims verzopen in het diepe water. Het dorpje, een soort van straatdorp, stamt uit dezelfde periode en was destijds, en nu nog een plaats waarlangs elke pelgrim passeerde. Heel mooi bewaard dorpje en de inwoners van vandaag maken zich op want het is zondag en het is feest. (Bijna) iedereen is in het wit getooid, wit met rood zoals we ook in Pamplona zagen en een groep kinderen komt ook voorbij gelopen met een stier in papier maché. 

Verder op de tocht komen we ook nog een gezin tegen, op weg naar Santiago, waarbij  de jongste spruit mag plaatsnemen op de ezel.

We klimmen en dalen rustig verder en komen rond 16 h aan in Hostal Capuchinos in Estalla. We worden ontvangen door een hele vriendelijke dame die ons de weg wijst naar onze kamer en de voorzieningen van het verblijf. De Alberge is gevestigd in een klooster dat nog deels in gebruik is. Een ander deel is ingericht om daklozen te ontvangen, zo is er momenteel blijkbaar één en die moet in return een beetje opzichter spelen o.a. op onze fietsen en zo, en een derde deel is gemoderniseerd en ingericht als pelgrimsherberg.

We frissen ons op, drinken een glas in het dorp en besluiten vanavond in de alberge te blijven eten. Een eenvoudige pelgrimsmaaltijd maar wel met wijn, bier en dessert en van heel goede kwaliteit, zegt de onthaaldame op een bijna verontschuldigende manier 😉

Ook onze Paul vult zijn voorraad endorphines bij 😉

Opbouw van nieuwe endorphines dag 28

Dag 27 Culturele snipperdag in Pamplona

Vandaag geen kilometers : we gaan met de taxi naar het centrum van de stad want voor 2€ per persoon voelen we ons niet bestolen. Ook geen spreuk vandaag want de schoonheid van de stad is als een spreuk op zichzelf 😉.

We starten met een bezoek aan het bureau voor toerisme en de vriendelijke dame die Frans spreekt aan het dubbele tempo waarmee de modale Spanjaard al spreekt legt ons alles uit wat we allemaal kunnen bezoeken in Pamplona.

We starten met een bezoek aan de indrukwekkende kathedraal Santa Maria. De indruk die we krijgen is heel anders dan wat we ervoeren in de Franse collega-kathedralen. De Spaanse strukturen lijken ons allemaal veel barokker en imperatorischer dan de verfijndheid van de Franse stijl. Een prachtig kerkschip dat rondom over de ganse omtrek van de kathedraal omgeven wordt door 13 kapellen met impressionante goudvergulde retabels. Centraal in het kerkschip staat ook het mausoleum-graf van Carlos lll en zijn echtgenote. Tot op heden kende ik de man enkel van de gelijknamige cognac die we samen met wat suiker in de koffie deden teneinde een heerlijke carajillo te bereiden waarvan je na een onbekend aantal kopjes plotsklaps op 2 seconden stomdronken van kunt worden. Wat me opvalt is dat in deze kathedraal, in tegenstelling van alle andere die we eerder bezocht hebben gedurende deze pelgrimstocht, geen groot centraal orgel te vinden is. Een klein orgeltje ergens in een hoek moest de muzikale klus hier blijkbaar klaren.Onze geloofsbrief geeft ons niet alleen recht op een sterke reductie in de toegangsprijs maar verleent ook toegang tot het voormalige klooster en de grafkelder waar we de geraamten terugvinden van de heiligen die de stad Pamplona voortgebracht heeft.

Het Ultreia pelgrimshuis  dat we ook willen bezoeken is inmiddels gesloten, de Spanjaarden doen hier nog altijd hun vermaarde siësta in de namiddag en dus besluiten we om een lokale kapper op te zoeken teneinde onze verwaaide peregrino-baarden wat te laten opfrissen. We komen alledrie na een goed halfuurtje weer buiten met een mooi verzorgd en lekker geparfumeerd baardje. Het Ultreia huis zullen we vanavond wel weer opzoeken vooraleer we aan ons avondeten beginnen.

We slenteren dus verder gewoon wat rond, drinken een aperitiefje met olijven en we wandelen langs de oude stadswallen op het gemak weer naar onze hostal om ons op te frissen voor het avondprogramma : nog wat culturele mik-mak en uiteraard de ‘’cena’’, of op zijn Vlaams gezegd het avondeten.

Gans de stad Pamplona is omgeven door een indrukwekkende dubbele omwalling, ocharme de sukkelaars van soldaten die deze stad moesten proberen te veroveren, zij liever dan wij 😉. Er is in de moderne tijden wel een stuk uitgebroken geweest om de expansie van de stad mogelijk te maken maar, voor zover als we de snel ratelende dame van het toerisme bureau zouden begrepen hebben zou dat verderop weer opgebouwd zijn. Rondom Pamplona ligt een hele groene gordel aan parken waar je rustig kan wandelen of fietsen. Drukke stad maar ook groene stad dus

Aangezien we het ganse gedoe rond stierenvechten en stierenlopen alledrie behoorlijk barbaars vinden maken we er hier dan ook geen verdere woorden aan vuil 😉

That’s all for today folks. Morgen weer wat nieuwtjes.

Echte pelgrims dragen baarden

Hier liggen de heiligen van Pamplona

En dit zijn de nieuwe heiligen van Pamplona

Culturele snipperdag in pamplona

Dag 26 Espinal - Pamplona

49 (1.645) km - Gemiddeld 14,5 km

Over Spanje : Johan Kruijf —- ‘’Ik ben niet gelovig. In Spanje maken alle 22 spelers een kruisje voordat ze het veld opkomen, als dat zou werken dan zou het altijd een gelijkspel moeten worden’’.

Deze morgen zijn we vertrokken onder een lichte regen. Dus wij alle drie onze regenjas aangetrokken. Wanneer we klaarstaan om te vertrekken komt daar ineens onze Nederlandse vriendin Koerdien, die wij gisteren tijdens de beklimming van de Ibañeta hebben leren kennen, aangefietst. Ook zij gaat vandaag weer een eind verder. Nog even wat bijgekletst, snel nog een foto’tje van ons vieren en daar gaan we weer. Nog eens voor een korte etappe want we willen een dagje in Pamplona verblijven en dat is dus maar een dikke 40 km ver (met wat omweg naar het hostal wordt dat 49 km). Dus we hebben tijd zat vandaag.

We zijn amper 1 km ver en Jan vraagt waarom ik mijn helm niet op heb ... laten liggen bij het vertrek dus en daar gaan we dan ... uw reporter heeft vandaag dus als boetedoening voor zijn slordigheid 2 km extra mogen afleggen 😉

De koelte van de regen doet ons wel deugd. Maar wanneer we na een 10-tal km een klimmetje van zo’n 5-tal km achter de kiezen hebben zijn we onder onze regenjas even nat als aan de buitenkant en we schieten hem dus maar weer uit. Het heeft trouwens ondertussen opgehouden met regenen. We rekenen er dus maar op dat de menselijke huid waterdicht is voor moesten er toch nog wat druppels vallen.

Onderweg ontmoeten we nog een Frans-Spaanse dame die in de vorige hostal bij ons op de kamer sliep. Het schijnt dus inderdaad zo te zijn zoals het in de boeken die we gelezen hebben geschreven staat : op de camino ontmoet je vele mensen die je her en der weer eens ontmoet waarna je eigen weg weer verder gaat en sommigen onder hen zal je regelmatig weer eens terug ontmoeten, of misschien ook helemaal nooit meer. Dus snel een foto’tje om de herinnering te bewaren en dan gaan we rustig weer verder.

We krijgen onderweg een mailtje van de Duitse man Frank die we een paar dagen eerder ontmoet hebben (zie verslag dag 24). Hij heeft problemen met zijn Duitse telefoonkaart en heeft nog alleen een Spaanse maar die is leeg en hij zit nu in Frankrijk. We depanneren hem door in Spanje een winkel binnen te stappen en 5€ op zijn kaart te laten zetten. Nog een bedankje van zijnentwege met de mededeling dat hij in return een paar centen op onze sponsoringrekening zal overmaken. De camino-contacten zijn dus soms toch net wat meer dan het snelle Ola que tal en dan rap weer weg 😃

Voila, morgen een dagje Pamplona en, nee, we gaan niet naar de barbaarse stierengevechten kijken, dus hou jullie maar vast voor de foto’s van morgen, er zal zeker weer een kerk op het programma staan 😉

 

Onze benen krijgen stilaan een mooi gespierde aftekening

Dag 26 Op weg naar Pamplona

Dag 25 Saint Jean Pied de Port - Roncevalles - Espinal

36 (1.596) km - Gemiddeld 10,6 km/h

Klim op de berg opdat je de wereld zou kunnen zien, niet opdat de wereld jou zou kunnen zien - Oosterse wijsheid

Saint Jean Pied de Port stelde ons toch wat teleur.We hadden verwacht om in een warm nest van medepelgrims terecht te komen en ja, die waren er natuurlijk wel maar, SJPdP is toch vooral ook een toeristische plakpleister waar alle huizen ingenomen zijn door souvenierswinkeltjes zoals in Rocamadour of andere toeristische steden. Maar OK het zij wat het is en we pakken het erbij.

Vanmorgen om 5 uur waren de voetganger-pelgrims op onze kamer al heel druk in de weer om hun spullen in te pakken om zo vroeg mogelijk te vertrekken. Wij hebben natuurlijk ook geen oog meer dicht gedaan maar als ze weg waren konden we toch nog wat snoezelen. Enfin, om 7h15 waren ook wij klaar om de biezen te pakken. Andrew, de herberguitbater wilde nog een foto’tje van ons nemen en hoeps, wij ook de fiets op voor de uitdaging waar we allemaal heel veel schrik voor hadden : de beklimming van de Ibañeta naar Roncevalles in de Spaanse Pyreneeën. Een tochtje waarbij we een 28 km  aan één stuk mogen klimmen tegen een stijgingspercentage tussen de 4 en 7 % gemiddeld. Mannekes, met een ei in ons broek begonnen we eraan. Enfin, om een lang verhaal kort te maken : klimmen, klimmen en nog eens klimmen, en achter elke volgende bocht nog eens klimmen. Onderweg ontmoeten we tijdens een rustpauze een vriendelijke Nederlandse dame van aan het IJsselmeer , Koerdine genaamd, die wij bij enkele volgende rustpauzes nog een paar keer zullen ontmoeten. Zij is met een elektrische Santos fiets van om en bij de 10.000,- € van bij haar thuis vertrokken en na Santiago keert ze ook nog eens met de fiets weer naar huis. Moedige madam zeg.

Tijdens de ganse beklimming nemen we  rustpauzes om het melkzuur in onze benen even te laten bezinken.

En, eindelijk komt hij in zicht ... de top van de Ibañeta. Nog 300 meter te gaan ... maar alsof deze chagrijnige berg ons nog nog niet genoeg gepest heeft ... die laatste 300 meter gaan loodrecht omhoog en vanop de top blaast een onwelvoeglijke wind die ons probeert terug te blazen naar ons begin maar we laten ons niet intimideren : ere wie ere  toekomt, uw reporter komt eerst boven maar niet lang nadien verschijnen daar ook Paul en Jan onder luide aanmoedigingen van de Nederlandse Koerdine en de anderen die daar op de top staan.

Maar hoe zwaar de dag ook moge geweest zijn, onderweg kunnen we genieten van prachtige landschappen en we zien ook een bord ‘’Casa Paulino, alimentation’’ ... zelfs tijdens zo een zware beklimming herinnert alles er onze Paul aan om toch maar niet vergeten te eten onderweg.

 

Zelfs tijdens de loodzware beklimming van de Ibañeta is onze Paul met eten bezig 😉

Dag 25 De beklimming van de Ibañeta naar Roncevalles

Saint Jacques Pied de Port - enkele indrukken van het stadje

Dag 24 Salies de Béarn - Saint Jean Pied de Port

55  (1.560) km - Gemiddeld 14,8 km/h - max 49,8 km/h

Fietsen is denken met de benen - Rommert Boonstra (vrij geciteerd)

Zoals gewoonlijk vertrekken we rond 8 uur voor de etappe van vandaag. Saint Jean Pied de Port ... een mythische naam voor iedereen die reeds gelezen heeft over de Camino. Hier komen de verschillende routes samen om dan verder te gaan naar het einddoel Santoago de Compostela.

We kijken uit naar wat we daar in Saint Jean gaan zien ... we zijn uiteraard erg benieuwd.

Onderweg begint het landschap echt meer en meer te gelijken op wat wij ons voorstellen van de pyreneeën en dat is in de eerste plaats nu echt langere klimmen. Het landschap is hier heel groen en de heuvels in de verte vertonen een prachtig lappendeken aan groene tinten.

De naamborden staan nu in 2 talen aangegeven en we vragen aan een vrolijke dame wat die 2de taal dan wel is. Ze legt ons uit dat het Baskisch is en dat zij zelf ook fier is om Bask te zijn en ze toont ons haar speldje dat het Baskisch kruis moet voorstellen. Ze vraagt of wij Vlamingen zijn want dat hoort ze direct aan ons accent. Wanneer uw reporter opmerkt dat zij toch ook wel een ander accent heeft dan de Parijzenaars antwoordt de olijke dame zonder verpinken ’’C’est vous qui a un accent monsieur, moi pas 😃’’. We lachen allemaal eens goed en nemen afscheid van deze vrolijkerd.

Onderweg zien we een man, met een fiets die bepakt is zoals de onze, die even uitrust van de beklimming die hij juist gedaan heeft en we raken met hem aan de praat. Hij vertelt dat hij nu reeds 13.000 km op de teller staan heeft wat betreft de huidige tocht die hij maakt. Zijn vrouw is overleden op 52-jarige leeftijd en ze had in een boekje geschreven welke plaatsen ze samen met hem nog graag zou bezocht hebben moest ze niet zo jong sterven. Als eerbetoon aan zijn overleden vrouw bezoekt hij nu al deze plaatsen met zijn fiets en laat hij op elke plaats een beetje van haar asse achter.

We komen aan in Saint Jean Pied de Port na een vreselijk steile klim en daar komen ze ineens van alle kanten ... die andere pelgrims waar we zo naar uitgekeken hebben.

In de herberg maken we kennis met Andrew, de Australische uitbater, en Sheryl, een vrijwilligster die hem bijstaat. Andrew vertelt mij, terwijl Paul en Jan zich verfrissen, over de drijfveer waarom hij deze herberg uitbaat. Andrew heeft een vreselijk leven achter de rug: alcoholisme dat zijn wortels vond in zijn jeugdjaren, lympheklierkanker die nu gelukkig in remissie is en een moeielijke scheiding. En dan is hij beginnen stappen naar Santiago en tijdens die trip heeft hij zich gerealiseerd dat als hij weer zin wil geven aan zijn leven dat hij dan ten dienste moet staan voor anderen. En daar ligt de drijfveer om deze eenvoudige maar sympathieke herberg uit te baten. 

De avondzon geeft nog een temperatuur van 36 graden en het is te warm voor het eender wat. Laat ons hopen dat het deze nacht misschien toch nog een beetje afkoelt. Slaapwel lieve vrienden. We vernemen dat het in België even warm is dus ... probeer het  hoofd koel te houden en een beetje te slapen 🤪

Onze langverwachte tocht naar Saint Jean Pied de Port - dag 24

Dag 23 Saint Yaguen - Salies de Béarn

60 (1.505) km - Gemiddeld 14,5 km/h

Het was het huis van eenvoudige mensen maar in gastvrijheid was het dat van een koning  - oude franse spreuk

We ontbijten vroeg zodat we zeker om 8 uur op onze fiets zouden zitten. De volgende dagen willen we omwille van de aangekondigde temperaturen tot 40 graden maximaal 60 km fietsen en als we op tijd doorrijden dan kunnen we begin van de namiddag op onze bestemming zijn en dus maximaal profiteren van de relatieve koelte van de voormiddag.

Zo gezegd zo gedaan en om 8 uur nemen we afscheid van onze sympathieke gastvrouw en -heer Florence en Amérie en zetten we ons in gang. We voelen direct dat het een bloedhete dag gaat worden maar wanneer we fietsen doet de koelte van de wind toch deugd. We fietsen een behoorlijk tempo, nemen af en toe een korte rustpauze van max 5 minuten en daardoor hebben we rond de middag al het grootste deel van de weg afgelegd. Nog 13 km te gaan, dat verdient toch wel een Perrier met sirop de pêche bij een sympathiek dametje achter de bar en we trekken ons goedgemutst weer in gang ... maar dat is eens effe goed naast de waard gerekend ... eergisteren hadden we een platte rit en gisteren platte rust maar dat is vandaag weer even helemaal anders ... mister Up en misses Down zijn weer helemaal mee in het spel. Dat hadden we in het begin van de rit al wel wat gemerkt, het ging weer wat op en neer, maar nu, op 4 km van de eindstreep komt er daar ineens een kloefer van een heuvel op ons af die ons toegrijnst zo van ik zal eens laten zien se hoe de echte pyreneeën van binnen 2 dagen er gaan uitzien 😩 ... zeker 15 procent stijging en dat een kilometer aan een stuk ... iedereen van de fiets en die zware boel te voet naar boven stompen. Omgeven door 300.000 vliegen en ander ongedierte, het zweet dat met de liters tegelijk onder de hete zon uit ons lijf stroomt, geen tijd om te drinken want dan bolt onze fiets alleen weer omlaag ... de vloekende pelgrim heeft nu echt wel een reden om eens een vloekske te doen.

Rond 14 uur komen we aan in de B&B waar een vriendelijke, behoorlijk frans sprekende Britse dame ons ontvangt in haar al even Brits ingerichte  woning. Leuke cottage in Frankrijk.

We hebben vandaag de naaldbomen van de Landes achter ons gelaten en fietsen nu de ganse dag tussen uitgestrekte maïsvelden met hier en daar nog een plukje zonnebloemen in het departement van de Pyrenées Atlantique. Sommige dorpsnamen doen ons al wat aan Spanje denken (Fertinagro, Habras, enz. ...) en links en rechts zien we al huizen met Spaanse dakpannetjes ... Espana venimos 😃

Vandaag hebben we niet veel foto’s genomen: te warm om te stoppen en te steil om weer op mijn fiets te stappen zonder dat die achteruit begint te bollen voor ik hem weer bestegen heb 😉 ...

’s Avonds nog iets gaan eten in het dorp ... is maar 3,5 km zegt onze gastvrouw ... naar het dorp was leuk : zoef naar beneden 👍🏻🚴‍♀️🚴‍♀️🚴‍♀️ ... na het diner met 0,5 liter wijn en nog een dame blanche op de koop toe in de buik weer naar boven was wat minder, maar eind goed al goed ... rond 22h kunnen we beginnen te snurken en morgen is er weer een nieuwe dag 😀

Dag 23 : Nog 2 keer slapen in Frankrijk

Dag 22 Rustddag in Saint Yaguen

18  (1.445) km 

Eens een dag zonder spreuk, dat vinden we misschien ook wel eens leuk - gezegde van Sjapalu

Vandaag nemen we een dag platte rust. We bereiden onze laatste dagen in Frankrijk voor. Vanaf morgen rukken we op naar de voet van de Pyreneeën : Saint Jean Pied de Port. We gaan dat in 2 dagen doen.

De dame van onze chambre d’ hôtes heeft gisteren avond nog onze uitgehongerde magen op een schitterende wijze weer tot rust gebracht. Eerst werd een monumentale schotel met zelf ingelegde ‘’asperges de Landes’’ aangebracht (verorberd met vinaigrette en vers afgebakken stokbrood). Nadien kwam er een pipérade op tafel. Dat blijkt een typisch Baskisch gerecht dat onder vrienden gegeten wordt. Een pipérade is een soort van omelet waar je allerlei restjes van de ijskast in verwerkt. Als dessert waren er dan nog  wafeltjes met bloemsuiker. Dat alles geserveerd met een grote fles water en 2 pichetjes rosé wijn. Een beetje verlegen vroeg ze nadien of we akkoord waren met 15€ per persoon. En of dat wij, uitgehongerde pelgrims, daar mee akkoord waren.

Voor de rustdag die we vandaag gepland hadden was er normaal geen kamer meer vrij want er kwamen andere gasten maar er was nog een kamer voor 2 personen. We zegden dat het geen probleem was dat iemand van ons op een luchtmatras zou slapen en hops, dat was dan ook weer geregeld.

En dus blijven we nog een dagje bij onze gedienstige gastvrouw, een gepensioneerde apothekeres die nog 2 dagen per week in de apotheek blijft werken, en haar vriendelijke echtgenoot, die vroeger professioneel in de paardensport gewerkt heeft.  Een dagje helemaal verscholen in de natuur, verloren in de stilte tussen de maïsvelden. Meer heeft een mens niet nodig om te recupereren, althans dat hopen we toch ... maar dat zien we morgen dan wel weer

La maison rose : Chambre d’ hôtes 21 en 22 juli

Dag 21 Villandraut - Saint Yaguen

90 (1.427) km - Gemiddeld 15,1 km/h

Good morning Belgium. oh dierbaar België ... geniet van de nationale feestdag en doe de groeten aan Philip en Mathilde 👍🏻

We verlaten onze gouden Rossignol blokhut onder een bewolkte en frisse hemel.  De hut noemt Rossignol (nachtegaal) , vermoedelijk omdat Paul ons tijdens elke wasbeurt vanuit de badkamer een prachtig concert toe-neuriet waar we allemaal direct weer blijgezind van worden. Vandaag staat een rit van om en bij de 80 km op het programma.

Na 10 km ontmoeten we een vrolijk kwebbelende dame die met haar man ook reeds naar Santiago en zelfs al naar Portugal gefietst is. Mais vous n’ êtes pas sur la bonne route ... il ne faut pas passer par Pamplona, par Irun est beaucoup plus beau ... et patati et patata ... vrouws vrolijke bebbel staat geen seconde stil, je krijgt er geen speld tussen 😉 Enfin het was toch plezant om er naar te luisteren en na een minuut of 10 ging ze er weer even snel vandoor als ze gekomen was.

We fietsen doorheen het departement van de Landes, meer bepaald Landes de Gascogne. Dankzij Napoleon, die, om de immense moerassen in het departement droog te leggen, over de hele oppervlakte van de streek immense bossen met naaldbomen aangeplant heeft, krijgen we een heel ander uitzicht om ons heen : links en rechts, voor en achter, overal waar je ziet, niets anders dan sparren.

De wegen waarop we fietsen zijn ook behoorlijk recht: kilometers en kilometers rechte wegen, zonder één bocht of zo. Dat is behoorlijk saai om te fietsen. 10 km rechtdoor, naar rechts en weer 15 km rechtdoor, naar rechts en weer 12 km enz. enz. ... .

De temperatuur om te fietsen viel nogal mee. De aangekondigde 38 graden hebben we vandaag niet gezien, maar als je effe bleef stilstaan dan viel de hitte toch wel op je lijf.

Al bij al zijn we toch ook door typische mooie oude franse dorpjes gefietst. Omdat de vermoeidheid toch wel wat in ons lijf zat hebben we vele stops gemaakt. Hops, en telkens, we stonden nog niet stil of onze Popaul zat al in zijn fietszakken om te zien of er nog iets eetbaars in zat : een peperkoek, een stukje croissant dat hij van het ontbijt meegepikt heeft, een banaan of een nectarine die we vanmorgen in de superette gekocht hebben ... telkens vindt hij nog wel iets om aan te snabbelen ... precies zoals   een vrolijke marmot gaat zijn mondje de hele dag open en toe om beetje bij beetje zijn door het fietsen verloren energie bij mondjesmaat weer bij te tanken. 😉

Na een goeie 86 km komen we in het dorpje van onze bestemming aan maar nergens ook maar één pijl of wat dan ook die naar de B&B verwijst. Een lieve jonge dame met 2 kinderen op de achterbank wil ons wel helpen.  😀 Ze informeert bij haar familie waar La maison rose zou kunnen zijn en dan stelt ze voor om met 1 van ons tot daar te rijden. We sturen onze meest vrouw-vriendelijke pelgrim Jan mee met haar in de wagen en hops daar gaan ze dan met hun twee en met nog 2 kinderen op de achterbank op zoek naar ons huis. Na 10 minuten keren ze weer, nog een bijzonder hartelijk afscheid en dan kan Jan ons de weg wijzen naar ons verblijf van vanavond.

La maison rose wordt uitgebaat door 2 vriendelijke, iets oudere mensen en hun hond Galice. Omdat er nergens in de buurt een restaurant te vinden is stelt de lieve uitbaatster ons voor om vanavond voor ons nog een omelet te bereiden en dat nemen we uiteraard heel erg in dank aan.

Petanque terrein met tribune

Fietsen doorheen de Landes de Gascogne

Dag 20 Castillon la Bataille - Villandraut

75  (1.337) km - Gemiddeld 13,1 km/h

Sonnige Berge, Felsen und Höhen, Bergvagabunden sind wir, ja wir!  - Freddy Quinn

We nemen geen ontbijt in het ’’Hotel’’ maar kopen bij de lokale neringdoeners wat croissants, pain au chocolat en vers fruit dat we op het stadspleintje verorberen. Nadien een koffie en fruitsap in de nu bij ons reeds goed ingeburgerde bar/tabac.

We kunnen voor 9h30 niet in het bureau de tourisme terecht voor onze stempel dus we nemen  onze tijd. Vandaag plannen we trouwens een rustige dag ... Jan is in het midden van de nacht wakker geworden met hevige krampen in de benen ... ’s morgens was alles weer in orde, maar toch ... kalm aan dus vandaag, m.a.w. 40 km fietsen naar Cadillac en dan zoeken we straks daar ter plekke wel waar en hoe we kunnen overnachten.

We dwarrelen rustig op ons gemakje door de immer groene wijnranken, het goudgele tapijt van de tarwevelden ligt nu echt helemaal achter ons. We laten ons helemaal niet opjagen en komen vroeg na de middag aan in het mooie oude vestingstadje Cadillac. Een verfrissende Perrier op de marktplaats waar trouwens de markt van deze voormiddag volop in afbraak is smaakt ons heel erg goed want de temperaturen lopen heel snel weer op tot boven de dertig graden. Een hele vriendelijke jongedame bij de dienst voor toerisme verwijst ons naar de voormalige psychiatrische kliniek (die nu onderdeel is van het moderne nieuwe ziekenhuis) en daar zouden ze nog nog enkele voormalige cellen open houden voor pelgrims. Helaas zijn er maar 2 van die cellen nog in bruikleen en we willen niet scheiden ... hoe mooi toch niet 😉 Daarom besluiten we maar door te rijden en te zien of we onderweg een gite, een B&B, een vriendelijke boer die ons zijn schuur wil lenen of whatever vinden. Maar geen enkele gite is beschikbaar, of ze zijn op verlof of ze zijn doof langs alle kanten als we om de schuur vragen enz. ... .M.a.w. we komen niets tegen op onze weg dus is de enige mogelijkheid een blokhut op een camping 15 km verder en dan nog tegen een woekerprijs van, U leest het goed, 150 €. We nemen die dan maar. Het voordeel is dat ze een lekker zwembad en een restaurant hebben. We hangen dus maar eens ferm de Rockefeller uit 😉 Het is tenslotte toch een mooie camping en we genieten dan maar van de uitgegeven centen.

Ons plannetje van 40 km is dus helemaal niet doorgegaan maar bon, we leven nog en ’t is buiten lekker weer 😃

Dag 20 enkele indrukken

La Dordogne by night

La Dordogne by night

Enkele reacties vanuit onze Sjapalu mail

We kunnen helaas niet alle reacties vanop onze mail weergeven. Daarom geven we hieronder maar een willekeurig greepje van de talloos binnenkomende steunbetuigingen weer. Aan iedereen die met zijn/haar gedachten bij ons is, ook als hun berichten hieronder niet vermeld worden: hartelijke dank uit de grond van ons hart: Jan, Paul en Luc.

Hallo moedige fietsers Dan zijn jullie echt wel aan de (laatste) loodjes begonnen, daarvoor zetten wij 'ons hoedje af'. Heel veel goede moed! Wat leuk dat jullie onderweg ook veel aanmoediging krijgen en tal van mensen ontmoeten - heel jullie tocht zal wel een levenservaring zijn. "We/jullie zullen doorgaan!" 

—————

Beste Jan, Luc en Paul, Vanuit Huis Perrekes supporteren we voor jullie. We steken allemaal onze duimen in de lucht voor alle kilometers die jullie al gefietst hebben. Als we goed kunnen volgen op jullie blog zijn jullie ongeveer halverwege de aantal kilometers. Hop hop, jullie doen dat geweldig! Wat een fantastisch sponsorbedrag hebben jullie al verzameld, dat geeft ook goede moed lijkt me.  Heel veel groeten vanwege alle koorleden van de Betties, van alle bewoners, gasten en medewerkers van Huis Perrekes. Ook de kinderen (van medewerkers) van "Juul en Jules", die in Huis Perrekes op zomerkamp zijn, duimen mee. Doe zo voort!

—————

Hoi jongens, jullie zijn echt wel goed bezig. Ik doe mijn hoedje af voor wat jullie tot nu toe hebben gerealiseerd. Veel succes met het verdere verloop van jullie prachtige tocht.Nog dit : hier wordt het ook warm , dus kunnen jullie maar beter verder fietsen want veel verschil zal het niet uitmaken. Pascal

—————

De kaap van 1000 km is overschreden, knap!! Geniet van de toppen en zwoeg door de dalen, zoals het leven is!

—————

Hallo Luc, Paul en Jan. Geweldig leuk om dagelijks jullie reis te kunnen volgen door de mooie foto's en het leuke verslag! Heel veel succes voor de rest van jullie pelgrimstocht!

—————

Goe bezig mannen! Ik geniet van jullie ervaringen. Pech onderweg hoort er nu eenmaal bij. 't Is ne bêeweg, hé! Prachtig doel! Hou de moed erin, ik supporter mee!

—————

Dag 19 Saint Romain - Castillon la Bataille

68 (1.262) km - Gemiddeld 13,5 km/h

De wereld gaat open voor wie langzaam gaat - Anne Hamacher

Beste vrienden, geloof het of geloof het niet, maar met de hulp van Valentine (zus van uw reporter) en Eva (dochter van Paul) hebben we de kaap van 11.000,- € op onze sponsoringrekening overschreden 😃😃😃😃😃

We starten onze dag goedgeluimd na een ontbijt dat door maître-restaurateur Alain met zorg bereid werd, niet heel moeilijk want we waren de 3 enige gasten in zijn hotel maar dat kon de pret van onzen Alain niet bederven want hij is 64 jaar, gaat volgend jaar met pensioen en hij heeft zijn zaak te koop gesteld voor 437.000,- €. Redenen genoeg dus om te vragen of hij met ons op de foto mag, wat wij hem uiteraard  niet kunnen weigeren 😉

Na enkele km begint het achterwiel van uw reporter weer op te spelen: voortdurend piepen van de remmen, slepen van het achterwiel enz. . Na 1 gesloten fietsenmaker onderweg en heel wat pelgrimsgevloek van Luc besluit hij het zaakje nu zelf maar eens  te onderzoeken. Wat blijkt? de structuur waarin de remblokken zitten blijkt door de trillingen van de laatste 19 dagen helemaal los te zitten. Uit de 2 kg wegende gereedsschaptas het juiste gereedschap gezocht en het zaakje weer vastgezet. Gedaan met het gepiep en Luc kan zich weer veilig in de afdalingen storten.

We hebben verder een rustige fietsdag. De tarwevelden hebben plaats gemaakt voor de wijnranken die nu kilometers na mekaar aan ons voorbij zoeven. Meer en meer runderen in de weides : Limousin en blonde d’ Aquitaine koeien doen ons verlangen naar een malse steak en een fris glas witte wijn vanavond.

We zijn toch wat vermoeid en we rijden langs een waterplas ... baignade interdit ... komt daar als een raket vanuit een aan het water geparkeerde auto een minuscule Jack Russel aangespurt ... wij vermoeden aan een snelheid van 200 km/h ... Luc recht op de trappers ... acceleratie aan ongekende snelheid ... maar het kleine monster lijkt nog sneller te gaan ... en dan, oef, roept daar een dame vanaf de waterkant, en de kleine menseneter maakt rechtsomkeer ... oef oef oef ... Jan en Paul die, zoals gewoonlijk 😉, een beetje achter mij de berg opkwamen, hebben een en ander uit de verte geobserveerd en er dan eens goed mee gelachen 😀

Het hotelletje voor vanavond blijkt niet open te gaan voor 18h30, dat belooft, en dus besluiten we om in afwachting dat we daar  binnen mogen eerst een wassalon op te zoeken en onze vuile kleren te wassen. We springen daarom eerst nog even een bar/tabac binnen waar we een Perrier drinken en de stinkende kleren die we aan ons lijf hebben in het toilet verwisselen voor iets propers dat we nog in onze fietstassen vinden. Dank zij de vriendelijke hulp van de dame in het wassalon kunnen we ons vanaf morgen weer als nette heren in het verkeer begeven.

Vanavond hebben we een kamer in een oud batiment waarvan we vermoeden dat het vroeger misschien wel een hotelletje zou kunnen geweest zijn. Een bijzonder folkloristisch manspersoon die wel recht uit een film van Louis de Funès zou kunnen gestapt zijn legt ons met zo weing mogelijk woorden uit hoe de boel hier in zijn werk gaat ... en leg morgen de sleutel maar gewoon op de tafel als ge doorgaat ... en hups ... weg is hij 🤪 De kamer is wel OK en is behoorlijk groot. 

Weeral een dagje erbij, 19 al tot nu toe

😀 We kunnen onze eerst bladzijde omdraaien

Dag 18 Angoulême - Saint Romain

68 (1.194) km - Gemiddeld 12,5 km/h

Onderweg zijn is ... langzaam maar zeker pelgrim worden en blij en dankbaar ’’op weg gaan om te ontdekken wie je bent. (Jan Hendrickx)

Na een lekker pelgrimsontbijt in de refter van het bisschoppelijk paleis, de bisschop krijgen we zelf niet te zien maar wel een van zijn helpers, een gepensionneerde priester met wie uw reporter een aangenaam gesprek heeft, nemen we afscheid van de mensen van het ’’maison diocésaine’’. De dienstvaardigheid en de warmte waarmee we daar onthaald werden hebben we eerder deze tocht nog niet mogen meemaken.

We starten de dag met een passage langs de Decathlon : Jan wil zijn remmen even laten nakijken en Luc is toch wat ongerust over een klein slagje in het achterwiel. We worden warm en hartelijk ontvangen en er wordt direct een technieker opgetrommeld. De technieker vindt de slag in het achterwiel niet ernstig en hij raadt aan er niet direct aan beginnen te prutsen. De remmen van Jan worden bijgesteld, de kettingen gesmeerd, 9 euro aan de kassa betaald en hops daar zijn we weer vertrokken op weg naar onze eindbestemming Sint Jacob de Meerdere.

We beginnen direct te klimmen en Paul constateert dat hij zijn goede benen bij de bisschop heeft laten liggen. Nadien hebben we gemerkt dat hij ze wel bij  had maar dat hij ze toevallig in een van zijn fietszakken gestoken had 😉 De beklimmingen worden nu echt wel langer en grimmiger. Klimmetjes van 3 km zijn niet ongewoon meer. Gelukkig worden we nadien telkens weer beloond met een lekkere afdaling. Maar toch hebben we vandaag  onze grenzen weer een stukje verlegd.

We fietsen door werkelijk mooie landschappen langs dorpjes waarvan al de namen eindigen op ’’ac’’ (Montignac, Ronsignac, Tarzac en andere ac’ken) en dat betekent dat we volop in de streek van de de foie gras beland zijn. We verheugen ons al op ons avondeten 😃.

Ons NB best betaalbaar hotelletje, heeft een zwembad en daar plonsen Jan en Luc onmiddellijk in bij aankomst. Paul verkiest de deugddoende warmte van de douche boven de gevaarlijke diepten van het koude zwembadwater.

So far so good voor vandaag. Morgen weer wat nieuws 😃

 

 

 

Verloop van dag 18

Les 3 grimpeurs 👍🏻

Bezoek aan een heerlijk ouderwetse Bar/Tabac voor onze Perrier au sirop

Dag 17 Verteuil sur Charente - Angoulème

On ne perd pas le bonheur en le partageant - Goethe

59 km (1.126) - Gemiddeld 12,5 km/h

Wow ... 10.990,- € op onze sponsoringrekening voor huis Perrekes 😀😀😀 ... wie durft het aan om daar 11.000,- van te maken ? 😉

In de almacht van de franse heuvels bekennen we ons gelijke. Alles gaat nu op en neer. De beklimmingen worden langer en we vinden nu veel beter ons gelijke ritme dan gedurende de eerste dagen: we blijven meer en beter samen dan pakweg een week geleden. Voor Jan niet altijd plezant want met die Go Pro op zijn kop wil hij natuurlijk niet altijd foto’s van Lucs en Pauls poep, hoewel die natuurlijk wel mogen gezien worden, maar toen hij de eeste week wat verder achterbleef op ons beide stelde zich dat probleem uiteraard veel minder.

De boeren werken nu volop op het land en beginnen er met hun grote machines in de tarwevelden voor te zorgen dat de graansilo’s weer gevuld raken. De strobalen vertonen zich her en der op de akkers onder de vorm van rollen, bollen en kubussen, soms opgestapeld als monumentale torens.

De watersproeiers proberen overal de nefaste gevolgen van de aanhoudende droogte tegen te gaan.

Tot onze verbazing ontdekken we ook gewassen die we in Frankrijk voordien nog nooit gezien hadden, zoals bv. akkers vol met kikkererwten.

In Saint Angeau kopen we bij de sympathieke Julie en Sophie vers fruit in en in de Bar/Tabac aan de overkant schenkt een leuke oude dame ons een heerlijk frisse Perrier au sirop de citron in ... mmmm ... lekker verfrissend. Perrier au sirop de citron, menthe, framboise, pêche of nog iets anders ... de uitvinding van de eeuw voor als het zo warm is.

In Angoulême slapen we voor de eerste keer in een echte pelgrimsherberg, gesitueerd in het voormalige bischoppelijk paleis. Heel vriendelijk en behulpzaam onthaal, en dat voor 15 €, ontbijt inbegrepen. 👌👍🏻😃

De hitte en de beklimmingen hebben er goed ingehakt bij alledrie. We besluiten om het programma wat aan te passen en om niet teveel hooi op onze overhitte vork te nemen ... m.a.w. een 60 km per dag zal voorlopig wel volstaan denken we.

Wij zullen alleszins weer goed slapen onder de goddelijke bewaking van Onze Lieve Heer en Monseigneur de Bisschop van Angoulême 😉.

 

We verlaten in alle stilte het bisschoppelijk paleis van mgr Gosselin voor een eenvoudige pelgrimsmaaltijd met foie gras 😉

Verslag van 17 juli

Onze eerste pelgrimsherberg in Angoulême

Er is geen video geplaaatst

Ze zullen doorgaan ...

Dag 16 Vivone - Verteuil sur Charente

 74 km (1.068) - Gemiddeld  14 km/h

Paul heeft duidelijk goede benen vandaag. Hij doet een gooi naar de bolletjestrui en vliegst als een lenige gems van de ene top naar de andere. Uw reporter heeft duidelijk een mindere dag en Jan die maakt op zijn immers rustige manier gebruik van de natuurkundige wetten van de inertie en beweegt met statige vastheid langzaam maar zeker meter na meter de berg op. Op het einde van de dag probeert Luc nog een remonte  te doen maar Paul bijt zich vast in zijn veroverde positie en verdient zonder enige discussie de prijs van de moedigste renner van de dag.

Vanaf vandaag is niets meer vlak, óf klimmen óf dalen, al duurt dat laatste spijtig genoeg nooit zo lang als het eerste. Af en toe is er wel eens een plat stukske maar dat is er dan één dat waarschijnlijk nooit zijn diploma gehaald heeft en dat na 4 keer zittenblijven nog steeds niet begrepen heeft dat in dit deel van Frankrijk vlak niet tot de norm behoort.

Later op de dag worden we geconfronteerd met een grote zwarte loebas van een hond die met hels geblaf en recht opstaande staart van zijn erf loopt en pal voor onze neus op de weg post vat. We weten niet goed wat gedaan en wij blijven dan ook maar staan en daar staan we dan allemaal. Na wat gesnuffel aan onze benen en aan onze fietsen besluit de grote zwarte na 5 minuten dan maar dat het tijd is om ons, zonder enige euro tol te hebben ontvangen, dan toch maar door te laten. We zetten ons heel langzaam in  beweging en, wanneer de hond volop bezig is om op de plaats waar we mekaar ontmoet hebben een paar plasjes te maken, gaan we er als de bliksem vandoor.

Na een lekkere aperitief in het dorp, dat geheel afgesneden is van WiFi en andere moderne technologie-toestanden zoals mobiel netwerk en dergelijke, begeleid door een copieuze schotel overheerlijke hapjes duiken we allemaal, toch wel wat vermoeid van het op en neer fietsen van vandaag, vroeg in ons bedje om uitgerust de volgende dag te kunnen aanvatten.

Dag 16

Pelgrims Jan en Paul vinden het taalgebruik van de man in de video sterk gelijken op dat van Luc als hij reeds 5 keer met zijn kop tegen de lamp boven de ontbijttafel stompt

15 juli goeie morgen vrienden van de Camino

15 juli goeie morgen vrienden van de Camino

Dag 15 Châtellerault - Poitiers - Vivonne

68  km (995) - Gemiddeld 13,5 km/h

We verlaten ons hol van deze nacht ondanks alles toch goedgemutst. Paul heeft excellent geslapen en hij babbelt de eerste 20 km als een jonge ekster. Wanneer een van zijn leerlingen destijds zo zou gebabbeld hebben dan zou meester Paul hem ongetwijfeld een plakker op de mond geplakt hebben. Maar we zijn blij dat hij in vorm is en we luisteren geamuseerd naar zijn gefrasel 😉. Jan maakt zijn fiets in orde voor vertrek terwijl we bij ons eigen met enige nostalgie terugdenken aan het bekende lied van Louis Neefs destijds ... ’’als ik ooit eens 5 minuten tijd heb, dan begin ik er beslist eens aan ... enz. ...’’.En uw reporter, die concentreert zich inmiddels over de schrijfsels en de foto’s van deze dag.

Na een goeie 20 km houden we een eerste stop bij een bar/tabac langs de weg. Wij zijn blijkbaar niet de enige pelgrims die daar stoppen want de vriendelijke uitbaatster biedt ons aan om een stempel in ons boekje te zetten. Wat blijkt? Ze hebben speciaal een stempel laten maken in het teken van Saint Jacques. Leuke ervaring en ook een toffe babbel gedaan.

Een goeie 20 km verder komen we aan in ‘’Pwatcheers’’ zoals onze noorderburen zouden zeggen 😉, wij houden het gewoon op Poitiers. De onmens die deze stad ontworpen heeft zou ons inziens gewoon op de brandstapel mogen eindigen (wat destijds misschien ook wel gebeurd is, we weten het niet precies)  ... de kathedraal ligt op een top die ons doet denken aan de Mont Blanc of iets dergelijks. Ocharme ook de sukkelaars die destijds al die stenen naar boven moesten dragen. Enfin, na een bezoek aan deze archaïsche kathedraal Saint Pierre vervolgen we onze weg naar onze eindbestemming van vandaag ... Vivonne (Vivonne is niet de naam van een of andere lokale schoonheid maar is gewoon de naam van het dorp zelf). We belanden in een hotelletje met een vriendelijke gerant die heel bereidwillig helpt met het ontladen van onze fietsen. Hotel Saint Georges biedt ons een grote kamer tegen een schappelijke prijs. We reserveren voor vanavond dan ook maar gewoon een tafeltje in het restaurant van de zaak.

De rest van de dag houden we gewoon ’’top secret’’ en dus sluiten we ons verslag hier af.

Impressies van dag 15

Dag 14 Tours - Châtellerault (14 juillet)

Egalité, Liberté et Fraternité - gekende spreuk in Frankrijk

 84 km (927) - Gemiddeld 15 km/h - Max 47 km/h

Vanmorgen op tijd ontbeten en om 8h30 op de fiets. Heerlijk om zo vroeg te vertrekken. ’s Morgens is het nog lekker fris om te fietsen en zo heb je rond de middag al een goeie afstand afgelegd. Bijkomend voordeel : je hebt ook meer tijd om onderweg een terrasje mee te pikken.

De akkerbouw verandert in deze streek toch wel ferm: minder graan, meer mais en andere dingen die we niet kennen en ook meer en meer zonnebloemen. Af en toe zien we her en der wat schapen en een troepje koeien.

We fladderen de laatste 30 km langs de rechter oever van de Vienne die zich meestal wel verschuilt achter het groen.

We zijn heel wat dorpjes gepasseerd maar het blijkt overal wel heel stil op deze 14 juillet. Frankrijk ligt er precies niet wakker van.

We komen rond 16h15 aan in onze slaapplaats en we proberen met heel veel fantasie te ontdekken wie het bedacht heeft om dit ding ’’Hotel’’ te noemen, pardon officieel is het Nouvelle Classe Hotel maar waar dat Nouvelle en in uitbreiding dat Classe vandaan komt, dat gaat ons begripsvermogen helemaal  te boven 😉

Enfin, als pelgrim hebben we de (relatieve) gelofte van armoede afgelegd en we besluiten om het aangebodene in dankbaarheid te aanvaarden.

Fietsen op 14 juillet

Wie dit verloren stadje weer kan terugvinden mag het 6 km verder weer gaan terugbrengen 😉

Dag 13 Rustdag in Tours

Een propere geest in een proper lichaam - gewassen kleren maken nette heren (gezegde van Luc Melis °1953 -)

Vandaag wasdag in het wassalon achter de hoek.

Jan brengt zijn fiets even binnen bij de fietsenmaker voor onderhoud en nazicht.

Verder doen we rustig aan en bezoeken we de stad Tours.

Volledige platte rust in Tours 😉

Rustdag in Tours

Dag 12 Saint Hilaire la Gravelle - Tours

 94 km (843 km) - Gemiddeld  14,9 km/h

Ga langzaam en je vindt altijd weer jezelf terug (gezegde uit Arabië)

De vermoeidheid hakte zich er bij ons alledrie wel wat in maar, na een verkwikkende nachtrust spannen we de spieren en rechten we onze rug om voort te gaan. Saint Jacques de Compostelle wenkt ons ginder ver aan de einder.

Onder een licht bewolkte hemel buiten maken we ons weer klaar voor een volgende dagetappe van naar we vermoeden om en bij de 90 km.

Heerlijk fietsweer, een beetje frisser dan de vorige dagen. We rijden een hele poos door de dorpjes in de vallei van de Loir (zonder ’’e’’ achteraan zoals grote broer Loire, een beetje kleiner maar minstens even mooi). De Loir gedraagt zich als een speelse nimf: meestal verscholen achter het groen, zich af en toe eens even laten zien en hup, weer weg, om dan in volle schoonheid te pronken in het mooie stadje dat Vendôme wel is : de Triniteit-abdij, grote kerk, belfort en noem maar op. We hebben spijtig genoeg geen tijd voor een uitgebreid bezoek want we hebben nog 70 km voor de boeg en het is al bijna middag.

Op onze weg begint het landschap heel andere kleuren te vertonen. Het goudgeel van de tarwevelden maakt stilaan meer en meer plaats voor groene maïs, zonnebloemen en tegen Tours aan ook voor de wijnranken van de Vouvray. We zijn dan ook in het gebied waar grote broer Loire, met ’’e’’ achteraan de plek zwaait. Eindelijk gaan we eens kunnen proeven van een heerlijk glas witte wijn 😉.

We ontmoeten ook de eerste Limousin runderen. Het zijn nog jongskes maar ze zullen wel lekker smaken tegen dat we de volgende keer terugkomen.

De Loire staat heel droog en heeft behoefte aan wat regen maar dat mag voor ons part ook wel binnen enkele dagen wanneer wij weer vertrokken zijn.

In Tour aangekomen passeren we eerst even langs d efietsmaker want Jan hoort een vervelend etik bij elke pedaalslag. Fiets morgen even binnenbrengen maar de reparateur verzekert ons dat er helemaal niets ernstigs aan de hand is.

Zo, nu pakken we eerst een verfrissende douche en dan wat ronddwarrelen In de stad. Morgen doen we onze was en een een beetje city seeing.

Impressies van dag 12

In dit dorp wonen naar het schijnt alle grapjasssen van Frankrijk

Dag 11 Chartres - Saint Hilaire La Gravelle

86 km - Gemiddeld 14,5 km/h

‘’Elk mensenleven is een reis ... en reizen is een kunst’’ (Libert Vander Kerken)

Rond 9h30 vertrokken in het hotel. We passeren eerst langs de hypermarché waar Paul precies een eigen patisserietje heeft (zie foto’s hieronder)

De eerste stop is in Bonneval, een oud vestingstadje uit de 12de eeuw.

We rijden de ganse tijd met toch wel wat wind op kop en regelmatig zijn er ook weer enkele leuke flinke hellingen 😬😢🤪

We passeren ook nog een ander historisch stadje Châteaudun waar we gewoon even op de markt iets drinken maar om de stad echt te bezoeken hebben we geen tijd.

Na 85 km komen we moe maar voldaan toe aan onze B&B die goed verscholen ligt voor alle GPS toestellen, wegenkaarten en wat je maar verder kan verzinnen aan geografische hulpmiddelen.

‘s Avonds gaan eten in routier restaurant Le Plessis in Saint Hilaire La Gravelle. Buffet voorgerecht met o.a. heel lekkere rillettes en pain francais à volonté + hoofdgerecht + kaasasortiment + dessertje + 300 ml rosé wijn + ristretto koffietje aan 14€ per persoon ... Aan alle pelgrims ter wereld .... allen daarheen 👌👌👌

Bezoek aan vestingstadje Bonneval

De hongerigen moeten constant gespijsd worden

Impressies van dag 11

Dag 10 Rustdag in Chartres

45 km - gemiddeld 16,8 km/h

Vandaag dus een verplichte rustdag in Chartres wegens de fietsperikelen van de vorige dagen.

We starten de dag onder een heerlijk ochtendzonnetje. Als eerste punt op de agenda van de dag staan een bezoek aan de kathedraal en het afstempelen van ons pelgrimsboekje gepland. Luc dus weer met de taxi en Paul en Jan met de fiets naar de stad.

We brengen eerst een bezoek aan de prachtige kathedraal de Nôtre-Dame in het centrum van de stad. Onze stempel van de dag halen we bij een jong vriendelijk pastoorke die in zijn bureau zit in de kathedraal zelf.

Nadien kuieren we door de oude stad en omstreeks 14h30 gaan we langs de fietshersteller. Voor 20€ zijn de spaken weer allemaal vastgezet en is het wiel weer netjes gecentreerd.

Om de fiets te testen en ook uit culturele interesse  uiteraard fietsen we nog naar het prachtige kasteel van Maintenon.

Bezoek aan het kasteel van Madame Maintenon

Rondkuieren in het mooie Chartres

De kathedraal van Chartres (12de eeuw)

Er is geen video geplaaatst

Dag 9 Dreux - Chartres

50 km - gemiddeld 15 km/h

Vandaag plannen we een korte rit. We rijden tot Chartres. Luc wil zijn fiets laten nakijken wegens een aanhoudend geknars van de remblokken bij het beklimmen van de steile hellingen. We willen het risico niet lopen om binnenkort de Pyreneeën op te moeten rijden met een defecte fiets. Fietsenmaker gevonden in centrum Chartres. De fiets moet een voormiddag binnen blijven voor nazicht. De hersteller zegt dat we ons niet ongerust moeten maken : vermoedelijk probleem met de spaken omwille van de hevige schokken met al die zware bagage op de vele kassei- en sintelstroken die we al gedaan hebben. Morgen namiddag mag de fiets weer afgehaald worden. Dus Luc met de taxi naar het hotel en de andere 2 pelgrims met de fiets.

We hebben een goedkoop ’’Première Classe’’ hotelletje geboekt voor 2 dagen.

Morgen plannen we een bezoek aan de kathedraal en aan het centrum van de stad en uiteraard moeten we de fiets dan ook weer afhalen.

 

Onmetelijk grote graanvelden ... eindeloze voorraadbronnen voor de vele ‘’pain francais’’

Een beetje spielerei onderweg

Dag 8 Chambly - Dreux

111 km - gemiddelde 14,5 km/h

We hebben vandaag een B&B geboekt in Dreux. Dat ligt niet echt op de route waardoor we dus een goede 110 i.p.v. de geplande 80 km zullen moeten afleggen. Dus ... gisteren op tijd in bed en vandaag wat vroeger opstaan om op tijd te vertrekken.

We zetten onze pedalen in gang onder een lekker fris ochtendzonnetje. We zullen vandaag circa 11 uur onderweg zijn.

Onderweg weet Paul te vertellen dat hij vindt dat het hier meer en meer echt op Frankrijk begint te lijken.

Onze GPS stuurt ons langs de meest waanzinnig en moeilijk bereidbare paden : over kiezelwegen met grote keien, door de velden waar de boer een stukje akker platgemaaid heeft, steile klimmetjes en vindt zelf maar vanalles uit wat je kan doen om het fietsers zo moeilijk mogelijk te maken ... het was er allemaal bij vandaag.

Na 111 km komen we aan bij het B&B hotel en we worden ontvangen door een heel vriendelijke jongen die meteen verklapt dat hij alleen slaapt in een groot bed met zijn kat 😉

Het verblijf is op en top in orde. Paul die overigens de ganse dag altijd maar honger  heeft en wiens hersenen hem bij elke stop onbedwingbaar naar de koekendoos doen grijpen is heel blij dat er direct naast het hotel een restaurant is. Dat alles is dus wel heel leuk na zo een zware dag 😃

 

Frankrijk: Land van 1.000 heuvels en meer dan 1.000 kerken

Als we blijven fietsen als vandaag dan schiet er van onze buik weldra niets meer over

Place de la conversation

Fietsen langs pelgrimswegen

Dag 7 Compiègne - Méru (Chambly)

81 km - gemiddelde 14,9 km/h

Behoorlijk zware dag. We dachten dat mille collines een voormalig hotel in Rwanda was maar niets daarvan, mille collines ligt helemaal in Frankrijk. Vandaag enkele bijzonder steile en moeilijke klimpartijen achter de kiezen. Het was echt puffen en zweten ondanks het ideale fietsweer.

Bij aankomst in Méru, onze officiële eindbestemming van vandaag, is geen enkel bed meer te vinden om te slapen. Dan maar op aanraden van enkele passanten op de straat een omweg gemaakt naar Chambly en daar hebben we in een soort Hotel Eco zonder sterren toch nog iets gevonden om te overnachten.

We zijn moe en gaan vanavond niet op stap. We blijven in het hotel en bestellen een pizza van de pizzeria in het stadje.

We nemen afscheid van Bart en fietsen met ons 3 verder

Kan je in Frankrijk op elk kerkhof vers water vinden? Wij testten het voor U uit

Er is geen video geplaaatst

Dag 6 Rustdag in Compiègne

18 km

De hitte van de vorige dagen zit nog helemaal in ons lichaam. We kunnen een rustdag best gebruiken.

Na een werkelijk heerlijk ontbijt met schitterende croissants, échte pain au chocolat en un vrai ’’pain francais’’ (sorry voor de gewone c maar op de iPad kan ik geen c cédille typen), dus na het ontbijt gaan we op zoek naar een wasserette.

Nadien plannen we nog een bezoek aan de Eglise Saint Antoine en aan de treinwagon waar het verdrag over het beéindigen van WO I gesloten werd

Eerste Sint Jacobskerk op de route (Compiègne)

Compiègne museum wapenstilstand 11 november 1918

Compiègne église Saint Antoine

Dag 5 Saint Quentin - Compiègne

79 km - gemiddelde 15,4 km/h

Zeer warme fietsdag, 29 gr en meestal in de zon gefietst.

We krijgen allemaal al een kleurtje tussen bruin, roodbruin en rood.

We beginnen stilaan onze individuele snelheid af te stemmen op mekaar. Onze ideale pelgrimssnelheid ligt blijkbaar rond de 15 km/h.

Vandaag precies geen heuvels gehad maar dat is natuurlijk nonsens : onze spieren zijn inmiddels zo getraind dat wij die pruts-bultjes opvliegen alsof het niets is. 

Vandaag overnachten we in een super-de-luxe 😉 2-sterren hotel.

 

Compiègne by night

Compiègne by night

Compiègne by night

Compiègne by night

Compiègne by night

We branden een kaars voor alle thuisblijvers

Basilique Nôtre Dame in Noyon

Basilique Nôtre Dame in Noyon

Eindelijk na 50 levenloze dorpen eentje waar we onze drinkbussen kunnen vullen met fris water in een lokale ba

We starten onze dag met een eenvoudige pelgrimsmaaltijd

We starten onze dag met een eenvoudige pelgrimsmaaltijd

Een duitse snoodaard heeft onze geliefde Albert 1 de kogel in de borst geschoten (Saint Quentin)

Een duitse snoodaard heeft onze geliefde Albert 1 de kogel in de borst geschoten (Saint Quentin)

Basilique Nôtre Dame in Saint Quentin

Basilique Nôtre Dame in Saint Quentin

Basilique Nôtre Dame in Saint Quentin

Basilique Nôtre Dame in Saint Quentin

Basilique Nôtre Dame in Saint Quentin

Dag 4 Cambrai - Saint Quentin

56 km - gemiddelde 14,5 km/h - maximum snelheid 54 km/h

Vandaag wat minder kilometers gedaan maar het was de 4de dag en dan moet je steeds wat oppassen hé. Bovendien beginnen de heuvels flink wat langer en ook wat steiler te worden.

Voor wie altijd dacht dat de oorsprong van de Schelde in Saint Quentin lag zal bij deze zijn mening moeten herzien. We hebben vandaag de bron bezocht die zich in Gouy Le Catelet bevindt. De erkentelijkheidsplaat van de stad Antwerpen is stille getuige van de machtige stroom die vanuit dit onooglijk bronnetje ontspringt.

Onderweg nergens in geen enkel dorp een boulanger te vinden. Dank zij een gastvrije bioboer hebben we onze honger kunnen stillen met heerlijk fruit a 3€ voor 4 personen en bovendien kregen we nog gratis een glas vers fruitsap bovenop.

We overnachten in de jeugdherberg van Saint Quentin waar we, behoudens de kampeerders in de tuin de enige gasten zijn. De douches deden heel veel deugd : een krachtige warme waterstraal en we waren er weer helemaal bovenop.

 

We bereiden ons voor op een nieuwe fietsdag in een hotel “vraiment Première classe” 😉

We bereiden ons voor op een nieuwe fietsdag in een hotel “vraiment Première classe” 😉

Dag 3  Doornik - Cambrai

75 km - Gemiddelde snelheid 15 km/h

Vandaag een fietstocht met toch een paar akkefietjes : Luc is even gevallen toen hij stopte om een foto te nemen. De fietstassen wogen wat door en de fiets ging slagzij. Geen merkbare schade noch aan fiets noch aan Luc zelf.

Behoorlijk veel sintelbaantjes en ook genoten 😒 van kilometers kasseiweggetjes tussen Forêt de Wallers en Cambrai.

Bart is met een fietstas ergens achter gehaakt en oeps ... fietstas ophanging afgebroken en daar stonden we dan even met de handen in het haar. Dank zij de colsonbandjes van Paul was de zaak snel geklaard onder het goedkeurend toezicht van ingenieur Jan die zijdelings toezag dat het werkvolk zijn job goed uitvoerde.

Verder schtterende fietsdag.

 

Le douanier Belge

Dag 2 Geraardsbergen - Doornik

64 km  - Gemiddelde snelheid 15 km/h

Heel zonnige fietsdag. We hebben allemaal reeds een rode tot bruine huidskleur. In Geraardsbergen lekkere mattentaart gegeten.

De eerste heuveltjes kondigen zich aan. Onze dag eindigt in de jeugdherberg van Doornik en in de schaduw van de wondermooie kathedraal en het belfort genieten we onder een lekker avondzon van een verfrissend aperitief. Jan staat erop te vermelden dat het etablissement l’Orchidee noemt.

1ste fietsdag Mortsel - Geraardsbergen

84 km - gemiddelde snelheid 15,5 km/h

Na een memorabele start onder begeleiding van het koor De Betties en een grote delegatie van Huis Perrekes zetten wij de trappers in gang richting Santiago de Compostela.

Onder ruime belangstelling van vele vrienden en onder de aandacht van Mortsel TV en Radio Zuidrand en gesteund door de talrijk opgekomen supporters zwaaien wij de parking af voor een groot avontuur.

Ook Mortsel TV maakt opnames en reportage over project Sjapalu       26 juni 2019

Drie vrienden, per fiets, op sponsor pelgrimstocht naar Santiago de Compostella uit dankbaarheid. Op 1 juli vertrekken Jan Schiltz (65), Luc Melis (66) en Paul Eelen (67), samen per fiets, op pelgrimstocht van Mortsel naar Santiago de Compostella. Ze doen dit niet zomaar, Paul heeft een heel goede reden om dit tot een goed einde te brengen. Met deze fietstocht hopen Paul, Jan en Luc voldoende geld te kunnen inzamelen voor Huis Perrekes in Oosterlo-Geel (Huis Perrekes bestaat sinds 1986 en overkoepelt drie huizen voor telkens 15 personen met dementie.
De zorg en de begeleiding in Huis Perrekes wordt gegeven binnen de context van kleinschalig, genormaliseerd wonen voor personen met dementie – een zo gewoon mogelijk huis in een gewone straat in een gewoon dorp) Op deze manier wil Paul zijn absolute erkentelijkheid aan dit centrum betuigen. Het centrum biedt namelijk zorg op maat van de bewoners aan en hun omgeving. Dit vanaf de diagnose tot aan het einde. De echtgenote van Paul, Karin, bracht er de laatste jaren van haar leven door, waar ze een uitstekende verzorging genoot, voor ze de strijd verloor verleden jaar tegen jongdementie. Het wordt een fenomenale fietstocht naar het bekende bedevaartsoord in Spanje  van maar liefst 2500 kilometer,  die de nodige uitdagingen met zich zal meebrengen, waaronder de Pyreneeën die ze over moeten. Ze hebben ondertussen al heel wat sponsoring gevonden maar alle bijdrages blijven welkom natuurlijk, hoe klein ook, elke cent is belangrijk en zal goed worden besteed. Momenteel hebben ze al meer dan 8.000 euro bijeen gesprokkeld. Wie interesse heeft kan de fietstocht trouwens sponseren per kilometer. Mortsel TV blijft u op de hoogte houden van hun tocht en zal  uiteraard ook aanwezig zijn op 1 juli, wanneer het startschot wordt gegeven van dit opmerkelijk avontuur.

Op http://sjapalu.simplesite.com/ kan u de tocht via het blog volgen.

MortselTV wenst deze drie moedige vrienden alvast heel veel succes toe.

Eindredactie: Chrisje Vandaele                                                                                                

Met dank aan Dirk Vervoort en Ludo voor de mooie film en foto's (zie hieronder).

 

Opnames door Mortsel TV op 25 juni 2019

Ook Gazet van Antwerpen heeft ons project ontdekt 

19 juni 2019 

Vrienden per fiets op sponsorbedevaart voor Huis Perrekes: “Zo dankbaar voor wat ze daar voor mijn vrouw hebben gedaan”

Vandaag om 05:00 door Marc De Swert MORTSEL  

Samen met zijn vrienden Jan Schiltz (60) en Luc Melis (66), vertrekt Paul Eelen (66) op 1 juli voor een pelgrimsfietstocht naar Santiago de Compostella. Met de tocht hopen ze geld in te zamelen voor Huis Perrekes in Oosterlo (Geel). Karin, de echtgenote van Paul, werd in Huis Perrekes de laatste jaren van haar leven uitstekend verzorgd, tot ze vorig jaar de strijd tegen jongdementie verloor. Na haar overlijden wou Paul Eelen absoluut zijn erkentelijkheid betonen aan Huis Perrekes. “Het centrum biedt zorg op maat van de bewoners en hun omgeving, van bij de diagnose tot op het einde”, zegt Paul. Ook Radio Gaga, het populaire programma op Canvas, wijdde een hele uitzending aan het leven in Huis Perrekes. “Het klinkt allemaal nogal moeilijk, daarom wou ik na het overlijden van mijn echtgenote iets doen om Huis Perrekes te bedanken voor de goede zorgen.” Dat werd dus een fietstocht van 2.500 kilometer naar het alom gekende bedevaartsoord in Spanje, samen met zijn vrienden Jan en Luc. “We hebben al heel wat sponsors gevonden. Alle bijdragen zijn welkom. Je kunt de fietstocht sponsoren per kilometer. Zo hebben we nu al bijna 8.000 euro verzameld. En we zijn nog niet eens vertrokken”, lacht Paul. “Bij onze thuiskomst zullen we het bedrag dat we bijeen gefietst hebben officieel overhandigen aan Huis Perrekes.” U kunt de tocht volgen via de blog http://sjapalu.simplesite.com/

Tout finit par s'arranger    18 juni '19

In de nacht van 9 op 10 juni j.l. krijgt Paul hevige pijnscheuten in de rug. Uit vroegere ervaringen beseft hij dat de niersteen waarvan hij wist dat die er was na een jarenlange periode van remissie plots, korte tijd voor ons vertrek, in volle hevigheid weer van zich laat horen. Paniek ... ik ga niet kunnen meegaan ... Paul ziet zijn Santiagodroom zo uiteenspatten. De volgende dag naar de huisarts: die verwijst hem zonder dralen door voor een scan. In het ziekenhuis waar hij opgevolgd wordt door de uroloog kan men hem maar een afspraak geven op 15 juli ??? Wablief, maar hij moet vertrekken op 1 juli en bovendien heeft hij heel erg pijn? Ja, dan moet hij maar binnenkomen langs de spoed wordt er gezegd. Wat een service. Telefoneren, mailen, stress, ... enz. ... : uiteindelijk vindt Paul een uroloog met voldoende begrip voor zijn situatie en hij mag vrijdag al langskomen voor een scan en een diagnose. Gelet op de hoogdringendheid besluit de uroloog om Paul dezelfde dag nog te opereren. Omdat de steen niet in één fase verwijderd kan worden dient er na een tijdje nog een 2de ingreep plaats te vinden maar ... de arts belooft hem dat hij op 1 juli klaar zal zijn om te vertrekken richting Compostela. Oef oef oef ... tout finit par 's arranger ... we danken het supertandem dokters Thüer en Dervaux in AZ Monica voor hun begrip voor de situatie en hun immense bereidwilligheid.

In memoriam Paul DD                                                            13 juni '19

Op 29 april hebben we helaas afscheid moeten nemen van Paul DD. Paul werd 86 jaar.

Paul was een echte "Compostela-adept". Waar je hem zag, hij droeg telkens een Santiagoschelp-pins op de revers van zijn vest. Als hij sprak, dan was het over een van de 10 pelgrimages naar Compostela die hij in zijn leven ondernomen heeft. De tocht naar Santiago was een uitdaging die hij steeds wou blijven aangaan omdat hij zich ook  op dat vlak “kon” bewijzen zodanig dat hij telkens met een super-gevoel weer kon thuiskomen.

We hebben vele gesprekken gehad met Paul en we hebben telkens geboeid geluisterd naar de verhalen die hij over zijn tochten vertelde. Hij heeft ons talloze raadgevingen gegeven over de tocht per fiets want dat was één van zijn eerste pelgrimages, van Borgerhout naar Galicië.  

Hij wilde zo graag nog één keer de tocht maken vanuit Spanje naar zijn geliefde Santiago. Helaas heeft zijn ziekte daar anders over beslist.

Als eerbetoon aan Paul dragen wij zijn pelgrimsspeldje mee op onze trip en wij zullen het ginder aan de kathedraal een laatste rustplaats geven.                                           

Paul, we dragen je met ons mee op onze tocht en we danken je voor al die begeesterende gesprekken die we met jou mochten hebben over jou grote liefde : Santiago   de Compostela.

1 juni 2019 :                                                            

Garageverkoop bij de kleinkids van "Vake-medepelgrim" Paul                    

De koekjesverkoop van Jack en Luke bracht wel 70,60 € op voor huis Perrekes.        Proficiat mannen, mega-goed gedaan !!! Thanks   :-))

 

De kleinkinderen van "Vake" Paul hebben zelf koekskes gebakken en verkopen die op de garage- verkoop ten voordele van  Huis Perrekes        :-)

16 mei 2019 : Ook de pers vindt zijn weg naar ons Santiago project

16 mei 2019 : Ook de pers vindt zijn weg naar ons Santiago project

20 april 2019

We brachten een bezoek aan Huis Perrekes in Geel-Oosterlo

Op 23 maart 2019 ontvingen wij de pelgrimszegen in de Sint Rombouts kathedraal in Mechelen

Pelgrimszegen 23 maart 2019.
Sint Romboutskathedraal Mechelen

Oktober 2018

We zijn stilaan begonnen met de voorbereidingen van ons grote pelgrimsavontuur.

We hebben reeds heel wat mooie boeken en literatuur doorgenomen over het reizen met de fiets naar Santiago.

"Alles wat je thuislaat is lekker meegenomen" zeggen ze in al die boeken. Pfff ... hoe begin je daaran zeg ... maximum 18 kg bagage ... per persoon, dat wel ;-)

Enfin, rekenen, afwegen, terug rekenen, enz. ... maar hoe je het draait of keert, je komt snel aan 18 kg :-( --- dus zit er maar één ding op : zelf wat kilo'tjes verliezen. Luc begint alvast aan een moeilijk "Weight Watchers" avontuur.

Paul is geopereerd aan de voet en is enkele maanden immobiel wegens gips en krukken en Jan heeft door het lekkere eten op de firma een heus buikje gekregen (wat een verschil met zijn bergbeklimmerslijntje dat hij had toen hij ten gevolge van een zwaar kitesurf-ongeval na een lange coma op de revalidatieafdeling terecht kwam.

Enfin, tout fini par s'arranger zeggen de Fransen en we rijden toch een heel stuk door Frankrijk, dus dat zit wel snor.

 

Augustus 2018

Tijdens de vakantiemaanden juli en augustus 2019 plannen Jan, Paul en Luc een fietsavontuur naar Compostela. Op dat moment zullen we alledrie genieten van ons pensioen en op dat scharniermoment in ons leven zullen we trachten onze fysieke en spirituele grenzen te verleggen tijdens een uitdaging in de vorm van een pelgrimstocht naar de kathedraal van de Heilige Sint Jacob in Santiago de Compostela.

We hebben op dit ogenblik helemaal nog geen idee welke uitdagingen we onderweg zullen moeten overwinnen maar we hopen in de eerste plaats dat deze tocht onze onderlinge vriendschap en sportieve verbondenheid zal kunnen versterken.

Met deze blogpagina zullen we proberen om iedereen die zich voor ons project interesseert op de hoogte te houden van de evoluties van onze pelgrimage.